Annelinde Bruijs in Vrouw of vos © Bas de Brouwer

Dat de keurige mevrouw Tebrick in een dier verandert, voltrekt zich even plotseling als de metamorfose van Gregor Samsa in Kafka’s Die Verwandlung. Het verschil is dat Kafka’s hoofdpersoon ’s nachts in z’n eentje veranderde. Mevrouw Tebrick uit Vrouw of vos liep samen met haar echtgenoot door het bos, waar het jonggetrouwde stel naar de jacht ging kijken. In zijn prachtige roman uit 1922 vertelt de Britse schrijver David Garnett hoe meneer Tebrick ineens een vos aan zijn hand had: ‘Waar een moment eerder zijn vrouw had gestaan stond nu een kleine, felrode vos.’ Deze metamorfose vindt plaats in de intimiteit tussen man en vrouw. Theatermaker Ulrike Quade, bekend om haar magische gebruik van poppen, geeft actrice Annelinde Bruijs een poppenvos als dubbelganger, die haar pootje ineens in de hand van Marijn Klaver legt. In de bewerking van Judith Herzberg is meneer Tebrick ook de verteller van het verhaal. Maar de vrouw is hier niet alleen het zwijgende object van zijn verlangen. Bruijs is in Quade’s voorstelling dominant aanwezig.

Als Klaver in de proloog zijn aanstaande echtgenote haar bruidsjurk aangeeft, en terugkijkend vertelt hoe mooi die jurk haar stond, blijkt er aan haar lange haar een roodbruin stuk ‘vossenstaart’ te zitten. De zelfbewuste blik van Bruijs richting publiek vertelt dat haar transformatie hier dus al begint bij het moment dat hij haar modelleert naar zijn schoonheidsbeeld. Belangrijk is dat ook de echtgenoot in die proloog een evenbeeld krijgt. Samen brengen man en vrouw een mensenpop die onthoofd op het podium ligt weer tot leven. De pop is het evenbeeld van Klaver, maar dan half zo groot en gekleed in een jagerskostuum. Als het mini-jagertje zijn vrouw liefdevol in de ogen kijkt, kijkt de pop omhoog naar de vrouw die boven hem uittorent. En als hij zich genoodzaakt ziet om hun opgewonden honden dood te schieten, is het Bruijs die de poppenjager dwingend zijn geweer aanreikt.

De buitenwereld die in het boek een rol speelt, is in de voorstelling weggelaten. Het publiek is de enige getuige van de pogingen die de man doet om grip te krijgen op zijn verwilderde vossenvrouw. Geestig is de toevoeging van de vossenuitwerpselen die Bruijs met satanisch genoegen op hun huiskamervloer neerlegt, waarna hij deze slaafs met een plastic drollenzakje opraapt. En waar het boek de seks onbesproken laat, tonen de theatermakers in een sinister dubbeltafereel hoe Klaver de vossenpop neukt, terwijl Bruijs het jagerspopje verstikt in haar vrouwenschoot.

Cryptisch is de rol van de technologie: nadat de projectierobots die natuurbeelden projecteren op de decorpanelen zich even als zelfstandig levende machientjes hebben getoond, krijgt de vossenvrouw mechanisch kinderspeelgoed als kroost. Alsof ze niet is vreemdgegaan met de mannetjesvos uit het boek, maar met een machine. Mooi is de dromerige, ingekeerde verteltoon die een beschouwelijke afstand creëert. Maar de gelijkwaardigheid van de twee hoofdfiguren, die elkáár transformeren en zo samen de duisternis betreden van hun verstrengeling, is de grootste winst van de vernieuwde visie op een honderd jaar oud, geheimzinnig sprookje.

Vrouw of vos is op tournee t/m 11 december; ulrikequade.nl