Voyeurisme

Rik Zaal, weg bij de VPRO, maakt televisie. Zaal over de vloer heet het, wat inhoudt dat hij met Frans Bromet en een bos bloemen op bezoek gaat bij ‘bekende of interessante’ Amsterdammers. Uitgezonden door de kabelzender AT5. Waarom mensen hem (en ander mediavolk) op bezoek willen blijft een raadsel - collectief exhibitionisme heeft wel heel snel plaats gemaakt voor gesloten deuren en gordijnen - maar een aardig programma vind ik het wel. Voyeurisme is me niet vreemd en huis en haard blijken spiegels van de ziel van de bewoner. Bovendien heeft Zaal hier weinig van de arrogantie en pissigheid die een deel van zijn radiowerk onpruimbaar maakte.

Dat kun je negatief duiden - onbekende Nederlanders werden afgekat, bekende worden behoorlijk tot respectvol bejegend - maar ik stel liever vast dat zijn open houding beantwoord wordt; en dat het, verademing, nu eens niet gaat om de interviewer maar om de gastvrouw/heer. (Deze zinnen stonden hier koud toen hij, op bezoek bij Max Dendermonde, een brief die zijn gastheer aan echtgenote schreef, hardop begon voor te lezen, tot Dendermonde dat terecht verbood - alsof een brief op beeldscherm van de tekstverwerker minder prive zou zijn dan een handgeschrevene. Hij blijft dus een vlerk maar wat boven staat blijft ook.)
Op bezoek bij Frits Lambrechts, specialist in de uitbeelding van klassebewuste arbeiders, had hij journalistenmazzel: tijdens het gesprek werd Lambrechts gebeld door Dick Rienstra die een rol in EO’s dramaserie, De laatste carriere, had overgenomen toen Lambrechts getroffen werd door een christelijk Berufsverbot. We waren getuige van een ongemakkelijke conversatie - enerzijds beschouwt Lambrechts Rienstra natuurlijk als maffer die besmet werk aanneemt, anderzijds wil hij dat niet voor z'n raap zeggen; terwijl voor Rienstra dat telefoontje een kwestie van fatsoen doch bepaald geen lolletje is. Frits haalt z'n gram met een geintje: ‘Wat betalen ze?’ 'Hm, tja.’ Suggererend dat ze hem veel meer boden. Wat hij, telefoon neergelegd, met een knipoog naar Zaal ontkent: 'Effe stange.’
Overigens had het geheel iets tragisch, niet alleen vanwege prive-sores, maar ook vanwege de teloorgang van een politiek ideaal dat plaats maakte voor cynisme betreffende de menselijke aard. Maar goed, die Tweede carriere. Een fikse stap terug vergeleken bij EO’s eersteling waarin Niek Pancras als brave burger een vervuilende fabriek te lijf ging. Dat was keurig gemaakt en ter zake doend drama. Hier hebben we thematisch iets verwants: voorman op de werf vecht tegen vuige zwendeldirectie (vandaar de oorspronkelijke casting), maar het script is zwak en er wordt deels belazerd geacteerd. Mij dunkt dat je, als je drama uitbesteedt bij een vrije producent (in dit geval Han Peekel), toch kwaliteitseisen mag stellen. ’s Mans dochter vrijt met onkerkse jongen en is ook overigens rebels. Wil bijvoorbeeld naar popconcert! Dan doemt redding op: de jongen blijkt de kerkdienst in oma’s bejaardentehuis 'reuze gezellig’ te vinden en stelt voor niet naar pop- maar naar gospelconcert te gaan. Halleluja.