Menno Hurenkamp

Vrij zinnig

In een druk medialandschap moeten de zaken smakelijk samengevat.

Een linkse smakelijke samenvatting van actuele problemen is de term vrijzinnigheid. Je komt deze plotseling bij GroenLinks en bij de PvdA tegen. «GroenLinks moet een dapper, progressief, vrijheidslievend en vrijzinnig geluid formuleren. Zonder daarbij de grote maatschappelijke problemen te bagatelliseren», liet Femke Halsema in een interview over «de leegte op links» optekenen. En in haar concept-beginselprogramma spreekt de PvdA over «een vrijzinnige moraal waarin vanzelfsprekend ruimte en waardering is voor verschillende levensbeschouwingen en culturen». Vrij én zinnig — dat zit dus wel snor, denkt de kiezer. En de ouderen weten nog dat de VPRO vrijzinnig was, iets met dominees én blote meisjes op tv. Het is kortom een betrouwbare mondvol. Verder niet zeuren over de etiketten. Maar wat betekent het?

Nederland kent een vrijzinnige traditie van doopsgezinden, remonstranten en humanisten, mensen die een bescheiden geloof combineren met sociale betrokkenheid. Er was ook een vrijzinnige politieke stroming, van progressief-liberalen die streden voor het algemeen kiesrecht. D66 noemde zich er tot voor kort de hoeder van. Uiteindelijk rusten beide bewegingen op het liberalisme. Vrijzinnigheid is een correctie op de marktmaatschappij: de overheid bewaakt de vrijheid, onder meer ter bescherming van levensbeschouwelijke pluriformiteit. Ongetwijfeld zullen PvdA en GroenLinks zich bij hun recente verlangen naar vrijzinnigheid beroepen op de Evangelische Volkspartij (die ooit in GroenLinks opging) en de Vrijzinnig Democratische Bond (die nog langer geleden in de PvdA opging). Maar u heeft hen nooit over zingeving gehoord. In de tien jaar dat het CDA op zijn achterste lag, vergaten beide stromingen compleet om van die geestelijke leegte gebruik te maken. Links had in de jaren negentig hedonistische verlangens, naar euthanasie, drugs en onbijbelse huwelijken.

Meer dan wat ook gebruiken GroenLinks en de PvdA nu de vrijzinnigheid om de kloof tussen de vrijheid-blijheid van 1968 en de nieuwe orde van 2004 te overbruggen. Want als je je decennia kapot hebt gelachen om elke zielenherder is het nogal wat om imams serieus te nemen. En als iedereen liberaal is zoals nu, dan moet er toch een niche zijn voor progressief-liberalen, maar dan liefst zonder dat de term liberaal vaak valt?

Tom Waits zong: «Frank hung up his wild years on a nail he drove through his wife’s forehead.» Hangt links haar wilde jaren zestig aan een spijker door hun eigen liefde, door geloof en markteconomie op het schild te hijsen? Niet helemaal, maar decennialang moesten kerk en markt van links verdwijnen. Nu ze tot nader order onverwoestbaar blijken, biedt vrijzinnigheid blijkbaar uitzicht op verzoening met overspannen ambities. Dat GroenLinks en de PvdA beide in het D66-gat springen, laat zien hoezeer het inhoudelijk dringen is in de progressieve politiek.