Economie

Vrijhandel

Winston Churchill klaagde er al over: zet twee economen in een kamer, en je krijgt twee meningen. Tenzij een van hen John Maynard Keynes heet, voegde hij eraan toe, want dan krijg je er drie. De onenigheid binnen de economische wetenschap is legendarisch. Maar soms zijn economen het juist roerend met elkaar eens. Bijvoorbeeld over het belang van vrijhandel en het gevaar van protectie tijdens de huidige crisis. Zelfs over de titels van hun artikelen over dit onderwerp bestaat volstrekte eensgezindheid.
De Europese denktank VoxEU.org bracht onlangs een bundel uit onder de titel: What World Leaders Must Do To Halt the Spread of Protectionism. Daarin bijdragen van zeventien beroemde en minder beroemde economen uit Europa, Amerika, Australië en Afrika. Het eerste hoofdstuk, van een Indonesische econoom, heeft als kop: What Should World Leaders Do To Halt Protectionism from Spreading. De titel van hoofdstuk 3, van twee Amerikaanse economen, stelt de vraag net anders: What Should Leaders Do To Stop the Spread of Protectionism. De Australische bijdrage in hoofdstuk 4 neemt het stokje over onder de titel: What Should World Leaders Do To Halt a Resurgence of Protectionism. Verderop in de bundel vinden we de analyse van een Franse econoom. Zijn bijdrage heet: What Should World Leaders Do To Halt Protectionism from Spreading. Wie zei dat wetenschappers origineel moeten zijn?
In hun adviezen aan de ‘wereldleiders’ zit al even weinig variatie. Overheden moeten zich beheersen en vooral geen handelsbelemmerende maatregelen nemen. Ook al stort de financiële sector in elkaar, gaat de nationale industrie ten onder en schiet de binnenlandse werkgelegenheid omhoog, dichtgooien van de grenzen voor buitenlandse concurrentie is niet de oplossing. ‘Eigen economie eerst’ is in tijden van economische neergang een kreet waarmee de politicus misschien kan scoren, maar op langere termijn maakt het de economie juist kapot.
Zo ging het ook in de jaren dertig van de vorige eeuw. Een slecht gemanagede financiële crisis sloeg toen over naar de reële economie en de reactie van de politiek was: invoerheffingen en andere handelsbelemmeringen. In de Verenigde Staten werd in 1930 de Smoot-Hawley Tariff Act aangenomen, waardoor plotseling voor twintigduizend goederen enorme invoerheffingen golden. De bedoeling was om de Amerikaanse bedrijven een concurrentievoordeel te geven. Maar de Amerikaanse handelspartners (Canada en Europa) sloegen terug met nieuwe belastingen op Amerikaanse exportgoederen. De wereldhandel stortte ineen, van 5,3 miljard dollar in 1929 tot 1,8 miljard dollar in 1932. Daardoor werd de Great Depression dieper dan nodig was geweest. De geschiedenis van de twintigste eeuw had – maar dat is speculeren – er zonder de domme wet van het Congreslid uit Oregon Willis Hawley en senator Reed Smoot uit Utah misschien wel heel anders uitgezien.
Een nieuwe Smoot of Hawley is in de huidige crisis nog niet opgestaan. Maar iets van hun gedachtegoed komt ook nu weer bovendrijven. De redding van de Amerikaanse auto-industrie met miljarden dollars staatssteun lokt soortgelijke acties uit bij Europese en Aziatische overheden. Dergelijke subsidiewedstrijden ontaarden vaak in handelsdisputen en uiteindelijk handelsbelemmeringen. In de eerste helft van 2008 waren er bij de World Trade Organisation (WTO) 85 nieuwe antidumpingklachten ingediend. Dat is meer dan in heel 2007.
De honderden miljarden die Barack Obama in de economie wil pompen, direct nadat hij op 20 januari officieel is aangetreden als president, zullen waarschijnlijk onder strenge ‘Buy-American’-regels vallen. En zo niet, dan zal het Congres ongetwijfeld eisen dat de miljarden zo veel mogelijk bij Amerikaanse bedrijven worden uitgegeven. Ondertussen wacht de wereld nog op de eerste duidelijke uitspraak van Obama waarin hij handelsbelemmeringen afzweert.
India heeft de afgelopen maanden de importheffing op staal fors verhoogd. Rusland deed hetzelfde met de tarieven voor auto’s. Indonesië staat alleen nog invoer van kleding en elektronica toe als de importeur een speciale vergunning heeft.
Zo erg als in de jaren dertig wordt het vast niet. Maar, zoals de Amerikaanse econoom Richard Baldwin als titel boven zijn wél originele bijdrage aan de VoxEU-bundel zette: The Crisis and Protectionism: History Doesn’t Repeat Itself, but Sometimes It Rhymes.