Vrijheid van godsdienst en privacy zijn nog theorie

Rabat – De voorzitter van de Marokkaanse stichting Droit et Justice vindt dat het treurig is gesteld met de ‘democratisering van Marokko’.

Tijd voor een conferentie dus, met hulp van de Zwitserse en Nederlandse ambassade. Khadija Riadi, voorzitter van de Marokkaanse mensenrechtenorganisatie amdh, heeft nauwelijks genoeg spreektijd om alle problemen op te noemen. Ze somt op: een op ondemocratische wijze tot stand gekomen grondwet, de antiterrorismewet die bepaalde mensenrechten schendt, het recht op samenscholing dat de laatste tijd steeds vaker wordt geschonden, de schrijnende situatie van Marokkaanse gevangenissen, rechters die verdachten niet horen maar op basis van een proces-verbaal een vonnis uitspreken, de uitbuiting van tienduizenden minderjarige dienstmeisjes, martelingen, voort­durende discriminatie van vrouwen die tot uiting komt in het erfrecht, in huwelijken met minderjarige meisjes, in het feit dat een Marokkaanse vrouw niet met een niet-islamitische man kan trouwen maar een Marokkaanse man wel met een niet-islamitische vrouw.

Veel vooruitgang is schijn, voor de vorm. Natuurlijk hield de koning op 6 maart 2011 een ‘historische rede’ waarin hij de vorming van een nieuwe grondwet aankondigde – maar enkele weken later werd een journalist in de cel gezet. En mooi hoor, die nieuwe grondwet, maar in welke democratie stemt 99 procent van de bevolking vóór? Daarbij behoudt de koning vrijwel alle bevoegdheden die hij in de vorige grondwet had. En nieuwe vrijheden als privacy, het recht om een vereniging op te richten, vrijheid van godsdienst en recht op leven gelden tot nu toe alleen in theorie. Waarom wordt de doodstraf nog steeds opgelegd? Telkens als een advocaat op de nieuwe grondwet wijst, schuift de rechter zijn argument van tafel met een beroep op het Wetboek van Strafrecht. De lijst met klachten is zo lang dat je nauwelijks weet waar te beginnen om er iets tegen te doen. Misschien is dat de reden dat de regeringswoordvoerder en de afgevaardigde van het ministerie van Justitie die de dag zouden openen, niet kwamen opdagen.