Hoofdcommentaar

Vrolijk nieuws uit Israël

Het is lang geleden dat uit Israël vrolijk nieuws kwam. De laatste vijf jaar, sinds de tweede intifada, de zelfmoordaanslagen, de bouw van de scheidingsmuur over Palestijns gebied en de eenzijdige terugtrekking van Israël uit Gaza, lijkt het vredesproces tussen Israël en de Palestijnen volslagen dood. Nu zullen de vervroegde Israëlische verkiezingen in maart 2006 in het teken staan van het vredesproces. Likoed, de rechtse partij van de nee-zeggers tegen het vredesproces, zal hoogstwaarschijnlijk geminimaliseerd worden. Er is dan een nieuwe middenpartij van premier Sharon, die nu zegt zich sterk te maken voor de road map naar de vrede, het door de Verenigde Staten, Rusland, de VN en de Europese Unie gesponsorde vredesplan. En er is een vernieuwde, linkse Arbeiderspartij onder ex-vakbondsleider Peretz, die niet alleen een einde wil maken aan de schreeuwende sociale ongelijkheid in Israël, maar die ook zegt dat hij die internationale routekaart naar de vrede zal opvouwen en in zijn binnenzak steken, omdat hij zodra hij als premier gekozen is direct naar de Palestijnse leider Abbas zal stappen om te onderhandelen over een definitief vredes akkoord.

Het is bijna ongelooflijk. Bij de volgende Israëlische verkiezingen zal het niet meer gaan tussen eenzijdig kleine stapjes nemen, zoals Sharon wil, of helemaal niets doen om de vrede naderbij te brengen, zoals zijn ex- collega’s in de Likoed willen. Nee, het Israëlische volk kan kiezen tussen stap voor stap een vredesplan realiseren of in één klap de zaak regelen op een manier die eind 1999 al bijna in Camp David onder het patronaat van toen nog president Clinton was afgesproken, maar nog veel te vaag was om voor de Palestijnen aanvaardbaar te zijn. Misschien is het niet alleen ongelooflijk, maar ook ongeloofwaardig. Wil Sharon echt vrede en begint hij daarom een nieuwe centrum-rechtse partij? Of kiest hij noodgedwongen door de opstand in zijn Likoed-partij voor een flinke stap naar voren? En maakt de voor Israëlische begrippen links-radicale Peretz, die tot ieders verrassing de verkiezingen in de Arbeiderspartij heeft gewonnen, wel enige kans bij de Israëlische kiezers?

De Israëliërs zijn, blijkt uit opinieonderzoeken, in meerderheid zeker voor vrede, maar met een even grote meerderheid hechten zij ook aan hun eigen veiligheid. Het is de sluwe vos Sharon, gewezen oorlogsmisdadiger in Libanon, keiharde generaal en onbekommerde nederzettingenbouwer, die het imago van vredestichter en houwdegen weet te combineren. Toch is hij geen De Gaulle, geen eerlijke nationalist die als militair ziet dat hij een nederlaag moet lijden en daarom bereid is vrede te sluiten. Sharon mag er dan tegenwoordig als een aardige, dikke opa uitzien, hij heeft de Palestijnen altijd getreiterd, geprovoceerd en genegeerd.

Dat is al begonnen lang voordat hij met zijn bezoek aan de Tempelberg in 2000 de Al Aksa Intifada provoceerde. Natuurlijk was het ergste dat onder zijn bescherming in Libanon in 1982 het bloedbad in de vluchtelingen kampen Sabra en Shatilla kon plaatsvinden. Maar zijn persoonlijke aanwezigheid is dagelijks pijnlijk voelbaar in het Arabische deel van Oud-Jeruzalem. Daar kocht Sharon in 1987 een groot huis dat dwars over de belangrijkste Arabische straat is gebouwd. Hij woont er nooit, maar hij heeft er wel een enorme menora, het symbool van het joodse Israël op laten zetten. Elke Palestijn die door de Arabische wijk loopt moet daar onderdoor gaan. Het is, ook als je er als toerist loopt, vernederend en haatzaaiend om te zien. Kan zo’n man de hoop op vrede belichamen? Niet echt. Het plan dat hij wil uitvoeren kan nooit leiden tot een levensvatbare Palestijnse staat naast Israël. Hoogstens zullen na de Gazastrook nog wat geïsoleerde delen van de Westelijke Jordaanoever aan de Palestijnen in beheer worden gegeven. Hij zal misschien zelfs wat kleinere, geïsoleerde Israëlische neder zettingen op de Westoever opgeven. Maar de grote nederzettingen worden ook nu nog stelselmatig uitgebreid, aan de Israëlische bezetting van Oost-Jeruzalem wordt niet getornd, de Palestijnse gebieden zullen versnipperd en van elkaar gescheiden blijven, met Israëlische legerposten die het reizen van Palestijnen van de ene naar de andere stad onmogelijk maken.

Van het plan van Peretz is veel meer te verwachten. Amir Peretz is een vakbondsleider van Marokkaanse afkomst, kind van arme immigranten, met zijn 57 jaar is hij voor Israëlisch-politieke begrippen betrekkelijk jong. Hij was leider van een kleine, linkse partij en werd een jaar geleden door partijleider Peres de Arbeiderspartij binnengehaald om Peres’ eigen positie te versterken. De arme, filosofische Peres, die al sinds 1944 systematisch elke verkiezing heeft verloren (want ook in Israël zijn joodse intellectuelen niet populair), werd veertien dagen geleden bij interne partij verkiezingen door zijn eigen beschermeling verslagen en heeft moeite zijn verlies te nemen. Misschien verlaat hij zijn partij wel om zich bij Sharon te voegen, al zeggen de laatste berichten dat die hem niet eens nodig heeft en heeft men Peres horen mompelen: «Nu ben ik tenminste vrij.»

Omdat Peretz wilde dat de Arbeiderspartij-ministers uit de regering van Sharon stapten en er vervroegde verkiezingen plaats zullen vinden, was Sharon gedwongen zijn kaarten op tafel te leggen en een nieuwe centrumpartij te beginnen. Die partij zal zeker populair zijn bij de Israëlische kiezers. Maar de oude Likoed wordt in tweeën gescheurd, daardoor zou de Arbeiderspartij van Peretz in theorie de grootste partij kunnen worden. Dat is voorlopig koffiedikkijkerei. In vier maanden kan er in Israël verschrikkelijk veel gebeuren, en meestal zijn dat geen leuke dingen. Toch is het voor even vrolijk nieuws. Er verschuift van alles in Israël, alles ligt weer even open. En hoe dan ook is het vredesproces, of het ontbreken daarvan, de komende maanden volop onderwerp van discussie.