Vuurzuil in Wageningen

Of: hoe een monument voor de vrede zorgde voor een hoop onvrede.

WAGENINGEN –Op de zaterdagse markt staat voor een kraampje met biologisch-dynamische producten een groepje jongeren handtekeningen op te halen onder de actieleuze «Wageningen niet voor paal». Mensen stromen grif toe om hun protest kenbaar te maken tegen het voornemen van de gemeenteraad om op 5 mei «een vuurzuil» te onthullen op het pleintje voor hotel De Wereld. Op deze historische plek – in mei 1945 werd hier officieel de vrede getekend, het is sindsdien de plaats waar prins Bernhard jaarlijks de veteranen ontmoette – zal een monument verrijzen dat volgens de kunstenaar Hanshan Roebers neerkomt op een symbool van «eeuwigdurende vrede».
Een maquette laat zien wat hij daar creatief mee bedoelt: een metershoge obelisk van koper die onder invloed van daglicht op en neer schuift met aan de ronde top een permanente vlam. Hoewel over smaak niet te twisten valt, is het ronduit een monstrum, dat geen ruimte overlaat voor enige andere interpretatie dan: een kolossale dildo. De toevoeging van de vlam heeft veel weg van een permanent ejaculaat. Het monument is daarmee niet een symbool van capitulatie maar van copulatie geworden. Verplatting ten top, menen de Wageningers.
De grappen zijn niet van de lucht. De bijnaam luidt «De lul van Bernhard», en in de snackbar is inmiddels al een broodje frikadel als «de penis van Bernhard» te bestellen. In de lokale krant De Veluwepost staan vele ingezonden brieven, de ene nog bozer dan de andere. Kunstenaar Hanshan zegt, als een ware avant-gardist: «Als ik mijn ontwerpen voor het eerst presenteer, dan stuit het aanvankelijk op verzet. Dat komt omdat mensen de achterliggende ge dachte niet kennen.» Hij verwijst voor zijn obelisk naar begrippen als «tijd» en «licht». Het kunstwerk gaat «een ruimtelijke relatie» op het pleintje aan met het standbeeld, lang geleden aangeboden door de plaatselijke bevolking, van een blote man. In de volksmond ook wel «blote Jan» genoemd. Volgens directeur «mid delen» van de gemeente, de heer Slagter, die verantwoordelijk was voor de procedure van het monument, was een voorwaarde dat «het kunstwerk niet mocht concurreren met dit standbeeld». De ironie wil dat het bescheiden geslachtsdeel van blote Jan er nu juist een forse concurrent bij krijgt.
Dat begon april vorig jaar. Er werd een commissie in het leven geroepen om «na te denken over iets blijvends voor de zestigjarige bevrijdingsdag». Na het overlijden van prins Bernhard zei D66-burgemeester Alexander Pechtold in zijn nieuwjaarstoespraak dat «er een monument ter nagedachtenis van prins Bernhard zou komen». Vorige week vernam de bevolking via de kranten dat het besluit was gevallen. En passant werd vermeld dat het honderdduizend euro gaat kosten, op te hoesten door sponsors. Als dat niet lukt, zal gemeenschapsgeld worden aangesproken. Geen openbare aanbesteding en geen inspraak. Niemand gelooft dat de keuze eerlijk tot stand is gekomen. Maar volgens Slagter is «vanwege de korte termijn niet gekozen voor de tijdrovende procedure van inspraak».
Burgemeester Pechtold, zelf kunsthistoricus, moet de controverse nu oplossen. Als een van de beoogde opvolgers van vice-premier Thom de Graaf kan hij laten zien wat de waarde is van bestuurlijke vernieuwing. Zo’n vernieuwende burgemeester kan immers goed communiceren en luisteren naar de wensen van de burgers, zeker in Wageningen, waar onder de normaal vredige bevolking nu onvrede heerst.
Wat nu? Bij het sluiten van deze editie zouden b. en w. en de gemeenteraad zich over de kwes tie beraden. De vuurzuil zal wel doorgaan. Maar, zegt Slagter: «Het werk is technisch zo vervaardigd dat het altijd verplaatsbaar is.»