Waar het hart zou moeten zitten

Er zal geen beter moment zijn om je leven te overdenken dan wanneer de beul zich aandient. Of in ieder geval, voor een romanschrijver met enig gevoel voor drama is het moment tussen ‘Leg aan’ en ‘Vuur!’ een degelijk excuus om uit te vliegen naar de helderste of mooiste of pijnlijkste herinneringen in het leven van de ter dood veroordeelde.

Medium vantortel meestermitrailette

Gabriel Garçía Márquez stal er de show mee, in de beroemde, weelderige beginzin van zijn Honderd jaar eenzaamheid: ‘Vele jaren later, staande voor het vuurpeloton, moest kolonel Aureliana Buendia denken aan die lang vervlogen middag, toen zijn vader hem meenam om kennis te maken met het ijs.’

Het kinderlijke ijs, het ijzingwekkende vuurpeloton – het zijn dankbare, theatrale uitersten, zoals Ambrose Bierce nog eens extra aanzet in zijn eveneens beroemde Amerikaanse Burgeroorlog-verhaal An Occurrence at Owl Creek Bridge, over een collaborateur die vanonder de galg wegvlucht, zijn gevangennemers ontglipt en de armen van zijn geliefde in rent – om vervolgens door de strop te worden teruggeroepen: het was een wanhoopsfantasie, alleen zijn geest ontvluchtte de strop, zijn hals niet.

En dus schouderen de soldaten hun geweren, leggen ze aan, mikken ze op het witte lintje op Davids uniform

Ook de verteller van Jan Vantoortelbooms nieuwe roman, Meester Mitraillette, begint zijn verhaal vastgebonden aan een weidepaal, terwijl hij, David, de ochtenddauw in zijn broekspijpen voelt trekken. Hij opent met wat meteen de krachtigste zinnen van de roman zijn: ‘Ik verlaat dit vertrapte leven als jongeman: krachtig van lichaam, klaar van geest. Dat is niet wat ik wil, maar mij werd niets gevraagd.’ De soldaten prepareren zich, maar hij kan alleen naar ‘binnen kijken’, naar zijn ouders, zijn broertje, zijn leerlingen en zijn favoriete pupil Marcus Verschoppen.

Die Marcus Verschoppen (‘een jongen met dik zwart haar en een perfect geknipte froufrou. Hij liep met kleine stappen, alsof hij bang was te breken’) is zoiets als het boetedoeningsproject van David. Bij een noodlottig ongeval kon hij zijn levenslustige broertje niet redden, waarmee het gezin waarin hij blij en gekoesterd opgroeide uiteenspatte. Zijn vader verheerlijkte hun viermanschap, vader, moeder en twee zoons – vier was het perfecte nummer, maar als vier drie wordt voelt David dat hij beter kan vertrekken en wordt schoolmeester van het zesde leerjaar van een jongensschool in Elverdinge. Eenmaal daar, tussen de boerenjongens, ontfermt hij zich min of meer over Marcus, de gevoelige, intelligente zoon van een hardhandige boer. Ze maken wandelingen door het tarweland, Marcus helpt David aansluiting te vinden bij de gemeenschap in Elverdinge, David leert Marcus over de natuur, over dieren, geeft hem het gevoel dat er meer is in de wereld dan het boerenbedrijf.

Medium vantoortelboom fotograaf info 40markvandenbrink.nl 06 53524227

Als lezer besef je dat de hoop futiel is, aangezien je weet dat de Eerste Wereldoorlog het tarweland van België zal omspitten (en dat die weidepaal en dat vuurpeloton eraan komen), maar ook omdat dit soort idyllische vriendschappen te fragiel is om uit de stevige modder getrokken te worden. Vantoortelboom bouwt zijn roman behendig genoeg op – de afwisseling van actie, introspectie, flashback – maar Meester Mitraillette wordt niet de meeslepende vertelling die hij in gedachten moet hebben gehad. Om twee redenen, die elkaar versterken. De eerste is dat de taal niet echt levendig is, soms wat onhandig. ‘Zal zijn gezicht op mijn netvlies gebrand staan als de kogels het vlees van mijn hart versnijden?’ Het is moeilijk voor te stellen dat kogels iets ‘versnijden’, zoals het bij de zin ‘Haar gezicht leek aan de binnenkant van mijn ogen genaaid, dichterbij dan de anderen, maar in een waas’ onhandig is om ‘ogen’ en ‘naaien’ samen te brengen want in ogen wordt nooit iets genaaid (auw) en als dat wel zo zou zijn zou je niet meer kunnen zien.

En omdat die taal zo weinig sprankelt, sprankelt ik-persoon David zo weinig. Hij is een buitengewoon redelijk en verantwoordelijk persoon, maar doordat hem nooit een keer een onverwacht adjectief in de mond wordt gelegd, een vreemde zin, een onbekend werkwoord, een irrationele opmerking, wordt hij vooral saai. Hij krijgt niet genoeg persoonlijkheid, en daardoor voelt het verhaal gek statisch. Hij is timide voor de klas en doet even later tegen de priester heel brutaal, hij is bang voor de boeren en is even later een held op het slagveld. Alsof de verschillende gebeurtenissen in het boek geen aansluiting bij elkaar vinden, alsof de gebeurtenissen niet bij elkaar optellen tot de som die David, of welk literair personage dan ook, zou moeten zijn.

En dus schouderen de soldaten hun geweren, leggen ze aan, mikken ze op het witte lintje op zijn uniform waar zijn hart zou moeten zitten. David denkt aan van alles, voelt zijn leven aan hem trekken, maar als lezer voel je heel weinig met hem mee.


Jan Vantoortelboom - Meester Mitraillette Atlas Contact, 271 blz., € 21,95 (e-book:€ 14,99)

Beeld: Jan Vantoortelboom (Mark van den Brink).