Waar is de darkroom!?

‘GIRL, YOUR WISH is my command. I’ll make love to you like you want me to, all through the night’, zingt Barry White. Zaterdagavond, de Caribbean Club in Amsterdam. Op de fluwelen klanken van soft soul dans ik met een aantrekkelijke computer operator uit New Jersey, onze lichamen tegen elkaar geplakt.

‘I know that you want me, I can see it in your eyes. But you’ve got to show it if you want it tonight, 'cause I am a woman and I know what I want.’ Naarmate de avond vordert, zijn de langzame, erotisch geladen nummers steeds vaker de snellere swingbeat, ragga en bubbling gaan afwisselen. 'If I go too fast, let me know.’ De deejay besluit dat zijn publiek wel genoeg heeft geexcelleerd in individuele danspassen en regisseert de aanwezigen vakkundig naar intiemere paarvorming.
'This is heaven and hell, girl.’ Een buitengewoon toepasselijke song voor de verrukkelijke beproeving die mij ten deel valt. Ik voel de volledige erectie van mijn danspartner, terwijl bij mij ernstig overstromingsgevaar dreigt. Om mij heen is het een en al griti-griti, de in zwarte discotheken tot grote hoogte gebrachte kunst om op de dansvloer, met inachtneming van uiterlijke beheersing en een zo nonchalant en neutraal mogelijke gezichtsuitdrukking, de wederzijdse genitalien in intensief contact te brengen met de onderbuik, dijen en billen. Droogneuken is een tamelijk directe, maar wel zo adequate vertaling van deze Surinaamse uitdrukking. Het lukt me nauwelijks om bij de bejegening van deze man in de plooi te blijven, als kind uit de jaren-zeventigtraditie. 'Waar is de darkroom?’ vraag ik met mijn laatste krachten.
Het duurt even voordat hij mij begrijpt. 'Je bedoelt wat homo’s hebben, zoals in de Exit?’ wil hij weten. Ja natuurlijk, dat bedoel ik. Hij is stomverbaasd, maar ik niet minder als hij me vertelt dat een dergelijke voorziening in deze gelikte club ontbreekt.
NA TWINTIG JAAR afwezigheid van het heteroseksuele uitgaansleven, waarin ik me met dames heb vermaakt en het gay circuit tot op de bodem heb doorzocht, overviel me een half jaar geleden, na het uitzieken van mijn laatste lesbische echtscheiding, een dringende neiging om het andere geslacht weer eens op te zoeken. Hoe die dingen werken, moet een seksprofessor maar eens uitleggen. Zelf kan ik slechts bedenken dat het lesbowereldje wat aan de kleine en benauwde kant is en de heteromarkt weidsere perspectieven biedt.
Zo'n wisseling van seksuele smaak betekent echter niet dat je identiteit, zoals dat tegenwoordig heet, meeverandert. Ik beweeg me in de wereld van man wil vrouw en vrouw wil man als een antropoloog die een exotische stam bestudeert. Mijn stevig verankerde homosuele conditionering maakt dat ik van de ene in de andere verwondering terecht kom.
De afwezigheid van darkrooms bijvoorbeeld. Ik kan me nauwelijks voorstellen dat hetero’s met elke verovering een beschuitje willen eten. Of overgieten ze zichzelf na afloop van die hete uren met een plens water en gaat ieder zijns weegs? De iT schijnt op donderdag door beide seksen te worden bezocht en daar is, zo weet ik, een donkere kamer. Een zekere Dennis, van het type afgetrainde, hartelijke Amsterdammer met zijn overhemd iets te ver opengeknoopt, is vanavond mijn favoriet. Door de house heen fluistert hij in mijn oor wat hij allemaal met me wil uitspoken, hetgeen me een goed plan lijkt. Op naar de darkroom dus, want personen met verder niet al te veel tekst detoneren bij mij thuis, vrees ik. Bovendien ben ik als kersvers herintredende hetero nog niet geschoold in de codes van het wegsturen na gedane arbeid.
Wat krijgen we nu? De iT, met zijn roemruchte reputatie, houdt de deuren van de sekskamer op heteroavonden gesloten. Volgens de huidige manager, die de overleden Manfred Langer opvolgde, stuitte de openstelling op een gebrek aan durf, waarna hij de brui gaf aan het experiment.
In een buurt waar je het niet zou verwachten, ver van het centrum op de Overtoom, bevindt zich het 'erotische cafe’ Hellen’s Place, waarover Panorama, Nieuwe Revu en de Volkskrant eerder berichtten. In het piepkleine entreehalletje met garderobe en sigarettenautomaat valt mijn oog direct op een levensgroot plakkaat dat de mannelijke bezoeker voorbereidt op het uitdrukkelijk 'vrouwvriendelijke karakter’ van het etablissement, dat hij dient te 'respecteren’. Inhoudende dat 'nee-signalen’ van vrouwen niet mogen worden 'genegeerd’. Alles in mij verzet zich tegen deze ongevraagde ontwikkelingshulp. Trouwens, voorzover ik te klagen heb over vrouwonvriendelijkheid is het eerder dat sommigen mijn ja-signalen niet konden beantwoorden met een krachtige en duurzame erectie.
Het interieur van Hellen’s Place leent zich bij uitstek voor een film over de seksuele revolutie van rond 1970. Veel zilverfolie, visnetten, kaarsen en zelf gefrobelde vlinders en maskers. Links is een klein podium waarop een vrouw in een vertederend lakjurkje in haar eentje danst, omringd door starende mannen. Naast haar staat een poedelnaakte man in trance uit te proberen wat hij met een zweepje kan doen. Ik zie een paar travestieten, niet zozeer van de stroming van Nicky Nicole, maar vermoedelijk huisvaders uit de buurt. Mijn vroegere tandarts is er ook, zowaar in een verrassende France Gall-outfit.
Aan de bar zijn vrouwen licht in de minderheid. Enkele stelletjes worden geflankeerd door zoekerig kijkende, modaal geklede heren. Verderop zit zowaar een vriendinnenclubje geanimeerd te praten, terwijl een man met ontbloot onderlijf verlegen hun aandacht probeert te trekken. Achterin staat een door rood licht beschenen bed met kussens en, jawel, speelgoedbeesten. De 'knuffelhoek’, legt de barman me uit.
Hellen’s Place beschikt over een kelderverdieping met bar, 'speelruimte’ voor lichte sm, peep-cabines en een heuse darkroom. Dat wil ik wel eens zien. Maar eerst een geschikte kandidaat vinden voor de consumententest.
Een man van een jaar of dertig, in gezelschap van een erg mooi Indisch meisje, vraagt me plompverloren of ik meega naar hun huis voor een trio. Ik aarzel, want ik ben er nog maar net. Zijn vaste vriendin kijkt leeg door me heen. Haar is niets gevraagd, dus ik bedank beleefd voor het aanbod.
Het duurt niet lang voordat ik mijn keus heb gemaakt. Maar dat gaat zomaar niet. Het vrouwvriendelijke beleid blijkt zo ver te gaan dat vrijlustigen eerst toestemming moeten vragen aan mevrouw Hellen. En als ze nog niet door de ballotagecommissie zijn gekomen, moeten ze een tientje betalen. Ik schiet in de lach. Ooit gehoord van een nichtentent waar je moet betalen voor de donkere kamer? Na de screening - die ik probleemloos doorsta ondanks de aankondiging dat ik een notoire zedenmisdadiger ben - mogen we naar beneden.
De darkroom is nogal teleurstellend: een soort gangkast waarin je ternauwernood rechtop kunt staan, stikdonker en piepklein. Bij de ingang, waar nog een sprankje licht gloort, verdringen zich twee vrijende stellen. Een vrouw in opengeritste spijkerbroek staat te vingeren. Wij lopen door naar achteren en worden gevolgd door een schare mannen. Wat vervelend dat ik geen hand voor ogen kan zien. Zou het niet vrouwvriendelijker zijn als je op grond van een vluchtige inspectie van iemands contouren kunt besluiten of je zijn vingers nu wel of niet in je kruis wilt?
De meneer was okee, maar de accomodatie liet te wensen over. Iets om op te zitten of liggen is bij personen van nogal verschilllende lengte geen overbodige luxe. Hellen zet desgevraagd uiteen dat de lampen zijn verwijderd 'om de drempel te verlagen’.
HELLEN BEGON HAAR erotische cafe in het voorjaar van 1994, nadat ze enkele jaren bij de NVSH achter de bar had gestaan op ontmoetingsavonden voor pedo’s, sm'ers en t&t’s (travestieten en transseksuelen). Haar ideaal is om alle seksuele gezindten tezamen te brengen en wederzijds onbegrip te slechten. Vanaf het begin heeft ze de klanten betrokken bij haar plannen, wat leidde tot erotische shows waarin de bezoekers zelf de hoofdrol spelen.
Onder vrouwvriendelijk verstaat Hellen een sfeer 'waarin de erotiek centraal staat en niet de seks’. Ze trekt de grens bij neuken, heavy petting en klaarkomen: 'Erotiek hoeft niet altijd te leiden tot seks; het kan ook blijven bij een erotisch geladen ontmoeting.’
Toen ze begon, was ze bang voor het overheersen van 'platte seksualiteit’: 'Bij vrouwen is de vraag naar erotiek groot, terwijl veel mannen dat begrip niet eens kennen. Mannen worden boos als je ze daarop wijst. Vrouwen zijn nog steeds erg afwachtend. Wat me hier opvalt is die hardnekkige aardigheid, dat niet nee durven zeggen. Een doorgewinterde vrouw weet hoe ze een drankje moet afslaan of handen moet verwijderen, maar nog steeds durven de meeste vrouwen niet op te komen voor zichzelf. Aan de andere kant zijn vrouwen op het erotische vlak de sterke partij. Zij durven zich veel meer te uiten met dansen.’
Om mannen 'met de verkeerde bedoelingen’ te weren is er een stringent beleid met huisregels en gedragscontrole. Volgens Hellen is dat voorlopig nog hard nodig en ook gewenst door vaste bezoekers. 'Ik ging van begin af aan de strijd aan met vervelende types die het niet snapten. Ik stond op het podium om de bedoeling uit de doeken te doen. Nu weet iedereen dat ik het niveau hoog wil houden. Het is hier geen animeerbar, daar ben ik te serieus voor.’
Praten met klanten is een belangrijk onderdeel van de formule. Hellen verricht heel wat nuttig missiewerk bij mannen die te opdringerig zijn: 'Ik treed ook op namens mijn vrouwelijke klanten. Ik probeer ze mondig te maken. Het overgrote deel wil met respect behandeld worden en dat is hier de norm.’ Kort na de opening kwamen er nogal wat mannen die steevast vroegen of het nog 'leuk’ werd. Hellen nam ze dan apart en zei: 'Jouw Mien zit nu thuis en jij komt hier in het geniep. Waarom neem je haar niet eens mee?’ Meestal deden ze dat en aldus trok ze meer paren aan: 'Mijn benadering werkt, want eerst werven de mannen vrouwen en daarna zie je dat vrouwen voorzichtig hun vriendinnen meebrengen.’
Als er te weinig vrouwen zijn, beschouwt Hellen dat als het probleem van de mannen: 'Aan die scheve verhoudingen moeten we met ons allen iets doen. Vandaar dat ik streng in de gaten hou wie er naar beneden gaat. Dronken mannen mogen niet en ook voor een of twee stellen doe ik de deur niet open. Want dan loopt iedereen erachteraan om te koekeloeren en is het boven leeg. Bovendien zijn er beneden lampen en ruitjes gesneuveld. Die agressie komt doordat sommigen niet kunnen omgaan met iets nieuws.’
Uiteindelijk zou ze wel 'een volledig vrij beleid’ willen voeren, maar zo ver is het nog niet. Al was het alleen maar omdat de overheid dwarsligt. Van meet af aan werd de exploitante belaagd door ambtenaren, bevoegd tot het afgeven van nachtvergunningen, en politieagenten die onophoudelijk de voorraden en de sluitingstijd controleerden. Ook de eigenaresse van het pand speelt op: ze spande een bodemprocedure aan omdat haar goede naam in de onroerend-goedwereld zou worden aangetast door wat haar advocaat 'een soort bordeel’ noemt.
De nachtvergunning van Hellen’s Place kwam er, maar werd kort daarna weer ingetrokken. De autoriteiten vreesden dat de belendende sekshuizen uit afgunst op de verleende drankvergunning (waarop bordelen geen recht hebben) een klacht wegens marktbederf zouden indienen. De gemeentelijke overheid was inmiddels van mening dat er in Hellen’s Place sprake is van 'gelegenheid geven’, een term uit de zedelijkheidswet en de prostitutieverordeningen.
Zou Hellen toelaten dat haar clientele openlijk all the way ging, dan zou dat haar met veel manoeuvreren alsnog binnengehaalde nachtvergunning kosten: 'Vandaar dat ik op de affiches aankondig dat het hier geen neukgelegenheid is, om te voorkomen dat ze de zaak dichttimmeren.’ In dat licht klinkt de emancipatoire, politiek correcte boodschap van de uitbaatster plotseling heel anders.
Niettemin geeft de gemeentelijke ijver te denken. In feite discrimineert de overheid de heteroseksuele burgers, door hen niet toe te staan wat voor homoseksuele mannen allang gemeengoed is: seks hebben in een horecagelegenheid. Een fraai staaltje dubbele moraal.
Daarvan had ik al iets bespeurd bij de derde ontmoeting met een potentie"le vaste minnaar, over wiens performance ik alleen maar lovende woorden kan uitspreken. De derde keer deelde hij mee dat ik 'oversekst’ was. Hij begon onbegrijpelijk gedrag te vertonen: eerst niet willen vrijen, toen weer wel, maar niet neuken en uiteindelijk toch een enigszins vervreemdende beurt. Hij beweerde later dat ik qua 'niet zeuren, zelfstandigheid en onafhankelijkheid’ weliswaar voldeed aan het profiel van de 'ideale geliefde’, maar dat hij toch liever een traditionelere vrouw nam, al was de seks minder opwindend.
ZO KOMEN de vrouwvriendelijke bedoelingen van Hellen, de afwachtende houding van de vrouwelijke clientele, de gedragingen van de getrouwde mannen die uit zijn op seks buiten de deur en de opvattingen van de autoriteiten uiteindelijk uit dezelfde koker: vrouwen zijn voorbestemd voor een seksleven met een vaste man. Binnen de strikt gecodeerde, veilige omheining van de slaapkamer thuis mogen ze zich tegenwoordig meer uitleven dan vroeger, maar openbare seks met wisselende partners is nog steeds uit den boze. Seks zonder liefde bestaat voor vrouwen niet. Daar zijn ze niet op gebouwd en voorzover ze zich toch ongelimiteerd ondernemend tonen, is sociale uitstoting hun deel. Althans, dat is hun diepgevoelde angst. Weliswaar staat menige man te trappelen voor een avontuurtje met zo'n durfal, maar ze zal nooit zijn echtgenote of de moeder van zijn kinderen kunnen worden. Een losbandige vrouw wordt niet in staat geacht tot zorgzaamheid en loyaliteit. Een sletteuze dame is intrinsiek onbetrouwbaar en een man wil ergens op kunnen rekenen.
Volharden vrouwen niettemin in gezonde nieuwsgierigheid naar meer mannenvlees, dan worden ze het voorwerp van 'tersluikse roddel, minachting en achterklap’, schreef columniste Emma Brunt laatst in Het Parool. Weliswaar ging het stukje hoofdzakelijk over de overgave aan de geneugten van de fles, maar wat ze zegt over de gevolgen van het aan je laars lappen van de engelachtigheid slaat net zo goed op seksuele gretigheid. Ook ik kreeg laatstelijk te horen dat ik 'zo nodig moet’ en dat mijn jachtlust wordt ingegeven door het 'niet aan de man kunnen komen’. Let wel, uitspraken gedaan door kennissen die voor modern doorgaan, op half grappende, half besmuikte toon.
Niet voor niets wordt de splitsing in de hoofden van veel mannen, tussen brave en libertijnse vrouwen, beschreven met de madonna-hoermetafoor. De H. Maagd presteerde het om zonder seks een baby te baren, waarmee het nog steeds vigerende ideaal van het gedeseksualiseerde moederlichaam op de spits wordt gedreven. Vrijgevochten vrouwen worden - zie ook de overheidsbemoeienis met Hellen’s Place - alleen maar gezien als hoeren. Trouwens, hoeren doen het ook niet echt voor de lust, die doen alsof. Ze moeten zich wel aan mannen geven omdat ze slachtoffers zijn van de achtergestelde economische positie van vrouwen, als ze al niet gestoord zijn geraakt door een seksueel-misbruikverleden. Ook feministen zaten tot voor kort gevangen in de tegenstelling tussen good en bad girls. Zoek het lemma bra op in de negen jaar geleden verschenen Feminist Dictionary en je leest dat het kledingstuk er is om mannen te behagen. Over breasts zeggen de samenstelsters slechts dat ze vooral populair zijn in de pornoindustrie.
Geen wonder dat vrouwen zich als calculerende burgers gaan opstellen: ze tomen hun driftleven in, bewaren het voor een vaste man en specialiseren zich in zelfbeperkende strategiee"n om er een te krijgen. Zo lang die verborgen cultuur nog bestaat, is de tijd niet rijp voor darkrooms en zal mevrouw Hellen haar beschavingsarbeid moeten voortzetten.
Niet dat ik me stoor aan die dubbele moraal. Mijn rentree in het heteroleven verloopt prettig omdat de mannen het ontegenzeglijk beter zijn gaan doen en ook ik heb heel wat bijgeleerd in mijn lesbische periode. Wat ook meeweegt, is dat ik er frank en vrij ben ingestapt. Ik heb mannen niet nodig om gelukkig te zijn omdat ik ervaren heb dat het leven zonder hen rijk en aangenaam kan zijn. Omdat ik er geen belang bij heb, ben ik onkwetsbaar voor belemmerende spelregels. Ik hoop dat dit gevoel beklijft zolang mijn heteroseksuele neigingen aanhouden. Ik doe het op mijn eigen voorwaarden. Mij straffen ze niet door me een vaste relatie te onthouden. Als het zo moet, is dat immers een blessing in disguise.