Kerstbrief

Waarde lezer of lezeres,

Amsterdam, 15 december 2006

Het zijn weer ideologische tijden. Niet voor het eerst.
Begin jaren zestig werd het einde van de ideologieën met veel bombarie aangekondigd. Ongeveer zeven jaar later golfde de beweging van ’68 over de wereld. Weer zeven jaar later kwam Den Uyl aan de macht. In 1994 werden we verrast door de paarse coalitie, die de ontzuiling van Nederland definitief wilde verankeren. Ideologie zou opnieuw geschiedenis worden. Ruim zeven jaar later klopte Pim Fortuyn op de deur. Zijn partij was een passant. Maar het verlangen naar een nieuw nationaal of bindend idee bleek bij de verkiezingen van afgelopen november nu net geen incident. Of je de uitslag somber dan wel vrolijk interpreteert, Nederland heeft zich uitgesproken voor scherpere tegenstellingen. Het speelkwartier van de pragmatici, die liever alleen in zogenaamd neutrale en bestuurlijke termen denken, is voorbij.

De Groene Amsterdammer is daarvoor niet bang. We maken al 130 jaar geen geheim van onze opvattingen. Ons wereldbeeld is nooit versteend, maar wel consequent gebleven. Want angst en zeker xenofobie leiden tot niets. Weerbaarheid is nu dus meer dan ooit geboden. Om het kaf van het koren te scheiden. Om niet met de mening van de meute mee te hollen. Om eigen ideeën te laten opborrelen. Om standpunten te toetsen. Zonder feitenkennis en meningsvorming zijn opinies immers waardeloos.

Op de keper beschouwd is dat onze reden van bestaan. Juist wanneer iedereen van alles roept maar niemand weet welke consequenties daaraan moeten worden verbonden, is een weekblad als De Groene Amsterdammer onmisbaar. Terwijl anderen hun kolommen vullen met gekef of hapklare brokken zoeken wij naar de rode draden van een eerlijke en open samenleving.

Daarom durven we onszelf zonder schaamte hét opinieblad van Nederland te noemen. Dat klinkt misschien elitair – en dat is het eerlijk gezegd ook – maar we zijn wel trots op die status. Al is het niet altijd eenvoudig dat welgemoed vol te houden. We zijn een klein bedrijf. We hebben geen grootkapitaal achter de hand. En dus plegen we soms roofbouw op onszelf. We voelen ons op gezette tijden arm als kerkratten.

Ondanks dit materialistische ongemak zijn we op de valreep van 2006 niet zwaarmoedig. Integendeel. Er lonkt een cesuur. Volgens ons zijn er steeds meer burgers die zich niet willen laten ringeloren door een gratis telefoon of een goedkope politieke oplossing. De serieuze vragen komen weer aan de orde: de vragen over doel en middelen van de democratie, over oorlog en vrede, over cultuur versus onderbroekenlol. Dat alles rechtvaardigt optimisme.

Ze krijgen ons dus ook in 2007 niet klein. En dat hebben we te danken aan u!

Dankzij uw donaties voor 2006 konden we in het afgelopen jaar weer op reis naar Afghanistan, waar het minder pluis is dan de voorstanders van de wederopbouwmissie hoopten, en waren we in staat aandacht te schenken aan belangrijke exposities ver buiten Nederland. Door uw steun kunnen we ons nog steeds een correspondent veroorloven in Amerika, waar veel meer gebeurt dan president Bush dacht. Met uw giften hebben we ook verschillende speciale culturele bijlagen kunnen maken, omdat kunst boven kitsch gaat.

Wie er ook gaat regeren, we gaan daarmee in 2007 – het jaar waarin we onze 130ste verjaardag vieren – met hardnekkig enthousiasme door. We willen namelijk een net iets grotere lezerskring. We zullen heus geen karaktermoord op onszelf plegen. Zulk masochistisch opportunisme is ons vreemd. Maar we denken wel dat we voor meer lezers boeiend of inspirerend kunnen zijn.

U raadt het al. Juist omdat we zo verwachtingsvol gestemd zijn, vragen we u wederom om hulp. Uw giften zijn en blijven voor De Groene Amsterdammer cruciaal. Uw kerstbijdrage sterkt ons elk jaar opnieuw in ons vertrouwen dat het niet voor niets is.

U hoeft niet bezorgd te zijn. We smijten geen geld over de balk. We weten niet eens hoe dat zou moeten. We blijven ons rentmeesters voelen van een traditie. We blijven een opinieblad dat niet meehuilt, dat aangename en beroerde ontwikkelingen volgt met een zoekend oog, dat niet eerst een mening ventileert en dan pas gaat nadenken. Kortom, een blad dat zijn lezers serieus bejegent en zichzelf op gezette tijden met een vleugje ironie.

We willen er maar mee zeggen dat uw giften niet in een zwart gat verdwijnen maar heel precies worden besteed: aan artikelen die ertoe doen, aan een reportage die gemaakt moet worden, aan extra bijlagen die u op ideeën brengen, en ook aan betere werkomstandigheden. Dankzij uw generositeit kunnen we de redactie opkalefateren van armoedig naar sober. Ook u heeft tenslotte niets aan auteurs die hoofdpijn krijgen van reutelende computers.

Zoals altijd doen we ook dit jaar niet geheimzinnig over onze dankbaarheid jegens u. Omdat de banken, in hun eeuwige wedloop naar kostenbesparing, de overschrijvingsformulieren hebben aangepast, zijn we dit jaar helaas gedwongen het wat simpeler te houden dan voorgaande jaren. Maar daarom niet getreurd.

Lezers die ons met twintig tot dertig euro blij maken, krijgen Fysiologie van de ambtenaar van Honoré de Balzac cadeau, een klassiek boek dat in deze tijd van strijd tegen de bureaucratie weer hoogst actueel is.

Lezers die ons dertig tot veertig euro doneren, ontvangen Op weg naar Kandahar van Jason Burke, een reis langs de conflicten in de islamitische wereld waarin Burke op zoek gaat naar de veelkoppigheid van de islam die in de ‘war on terror’ vaak over het hoofd wordt gezien.

Lezers die meer dan veertig euro overmaken, worden verblijd met Ontregelde geesten: Ziektegeschiedenissen van Douwe Draaisma, een historische studie die elke encyclopedie overbodig maakt en ook nog eens inzicht en humor biedt.

Net als voorgaande jaren krijgt u eveneens het, nog door Opland getekende, Groenecertificaat om een familielid of kennis drie maanden lang dit weekblad cadeau te doen.

U kunt uw bijdrage overmaken naar giro 4670444.

Rest ons nog één welgemeende wens. Moge u het jaar 2006 in een goede gezondheid achter zich laten, opdat u het nieuwe jaar met een fris gemoed tegemoet kunt treden.

Met vriendelijke groeten,

Hubert Smeets, Hoofdredacteur

Paul Disco, Uitgever