‘waarschuwing: harde porno!’

Het 49-stoelenbeleid van Van Agt mocht niet baten. In 1973 veroverde de pornofilm ‘Deep Throat’ Nederland. Eenentwintig jaar later is de pornofilm volwassen geworden. Maar wordt er nog wel bij gelachen?

ZIJ DEED VOOR fellatio wat Nurejev voor de pas de deux deed, zegt de ene bewonderaar. Zij wist haar strot even virtuoos te hanteren als Enrico Caruso, constateert de ander.
Het betreft Linda Lovelace, hoofdrolspeelster in Deep Throat, de beroemdste pornofilm aller tijden. Linda mist, aldus het verhaal, het vermogen een orgasme te krijgen. Daarom is haar hartsvriendin zo vriendelijk een orgie voor haar te organiseren. Twaalf mannen worden gemobiliseerd die zich naar beste vermogen van hun taak kwijten. Pffft, zegt copuleerder numero vijf en trekt zich even terug. ‘What’s a nice boy like you doing in a girl like that?’ vraagt hij aan copuleerder numero zes.
Weer heeft het niet geholpen. Dus wendt Linda zich tot een psychiater, die de grensverleggende ontdekking doet dat de clitoris van zijn cliente zich niet in de vagina, maar in de keel bevindt. De psychiater is verrukt: zijn ontdekking zal, denkt hij, minstens met de Nobelprijs worden gehonoreerd. Het meisje is echter nog steeds ontroostbaar.
'Zo'n ramp is het niet’, zegt de psychiater. 'Wees blij dat je sowieso een clitoris hebt.’ 'U hebt makkelijk praten’, zegt Linda. 'Hoe zou u het vinden als uw ballen in uw oren zaten?’
'Dan kon ik mezelf horen klaarkomen’, antwoordt de psychiater opgewekt.
Als alle omstreden kunstwerken is Deep Throat een film die men naar believen mooi of lelijk kan vinden. Camerawerk en acteerprestaties zijn even woordenrijk geloofd als gelaakt. Ongeestig is de film in ieder geval niet. Dat maakt Deep Throat tot een witte raaf in de wereld van de commerciele seks, waar kapitalen worden verdiend, maar niettemin nimmer wordt gelachen. De tweede verdienste van de film is de ongehoorde invloed die hij heeft gehad op de publieke discussie over zeden en moraal. Zowel in de Verenigde Staten, waar hij werd gemaakt, als in de rest van de wereld, waar hij een schandaal werd - en dus een onovertroffen kassucces.
Laat ik mij beperken tot de invloed van Deep Throat op Nederland, de zelfverklaarde libertaire vrijstaat in een betuttelende wereld - het zelfde Nederland dat nogal bevangen reageerde toen Linda Lovelace zich opmaakte om de vaderlandse bioscopen te veroveren.Men herinnere zich de culturele situatie in de Lage Landen in de eerste naoorlogse decennia. Er werd verdienstelijk gemusiceerd, er werd met talent geacteerd en de dichters (de Vijftigers) en de schilders (Cobra) konden zelfs op een reputatie van vooruitstrevendheid bogen. De films kwamen echter uit de diepste provincie naar boven geborreld: Sterren stralen overal en De wondere wereld van Willem Parel, verwaarloosbare meters celluloid, even kuis als het wat kleurrijker amusement dat uit de VS werd geimporteerd.
ZEKER, SEKSLOOS waren de cinematografische heldinnen van die tijd niet, maar hun aantrekkelijkheden waren met zoveel strikken en kwikken gecamoufleerd dat er voornamelijk iets te raden was. 'Het waren veelal de borsten en de benen die intrigeerden’, schreef Hans Keller eens, 'bewaakt door splitrokken, strapless avondjurken en de natte badpakken van Esther Williams, druppels op haar dijen en frummelend aan haar schouderbandjes zodat de hele zaak op en neer bolde. Van pure geilheid was sprake toen bleek dat Yvonne de Carlo, dansend voor de wrede sultan, behaarde oksels had. Zwarte, bezwete haren en geen bh onder een lubberende zijden blouse.'Totdat op het kruispunt van de jaren vijftig en zestig de nouvelle vague zich aandiende, het filmisch stijlmiddel van Francgois Truffaut, Alain Resnais, Jean-Luc Godard en Louis Malle - katholieke jongens die iets met hun roomse verleden hadden af te rekenen. De diverse filmkeuringen, de katholieke en niet-katholieke, deden alles om hen buiten de bioscoop te houden. Jules et Jim werd 'ontraden’. Hiroshima, mon amour was 'om morele bezwaren onaanvaardbaar’. Les Amants was 'ontoelaatbaar’, 'ook na de coupures’.
Hoe de mores van de Katholieke Filmkeuring waren, laat zich raden. De commissie was geformeerd uit verwijwaterde slippendragers van de paus. Deze had het artistieke oordeel gedelegeerd aan de r.k.-huisvaders en -huismoeders 'opdat de film, welker invloed zoo geweldig is, ophoudt een instrument van verlaging te zijn en een leerstoel worde van zieleadel en deugd’. De Centrale Commissie voor de Filmkeuring was niet minder conservatief, alleen al omdat daarin het pietistische volksdeel proportiegewijs was ondergebracht.
Het was een van de vele instituties waartegen hoognodig de culturele revolutie moest worden uitgeroepen. Zo deed dus het vrijgevochten weekblad Vrij Nederland door op een zonovergoten zondagnamiddag in april 1966 alle leden van de Filmkeuring systematisch af te bellen. Het resultaat was verwoestend: louter lange tenen en bevoogdend burgermansfatsoen. 'Ik kan zeggen dat de Filmkeuring over het algemeen doet wat in het belang is van het Nederlandse volk’, zei keurder mr. W.H.B. Overbosch. 'Er zitten ook rooms-katholieke geestelijken bij’, zei keurster J.J. Booy-Van Staveren, 'en ik moet zeggen, daar bevinden zich allercharmantste lui onder. Die zijn lang niet altijd de zeepneuzigste.’ Blijkens het credo van keurder mgr. W.A.E. Bokeloh, deken te ’s-Gravenhage, oordelend over Louis Malles film Les Amants: 'Mijn grote bezwaar was dat men naar mijn mening op het filmdoek de gewone… laat ik maar zeggen “de huwelijkshandeling” niet kan uitbeelden. Ja, dat kan toch niet, afgezien nog van de prikkeling die er van uit kan gaan. Hoeveel verloofde stelletjes gaan er niet naar een film toe?’
Totdat Linda Lovelace een paar jaar later, in 1973, besloot wereldwijd haar kunstje te demonstreren, hiermee de hele publieke moraal, de katholieke moraal niet in de laatste plaats, op losse schroeven zettend. Zelf was zij als een keurig katholiek meisje opgevoed. Op school werd zij Holy Holy genoemd, dezelfde school waar het dragen van lakschoenen verboden was omdat je via de spiegelende neuzen wellicht de meisjes onder de rok kon kijken. Eigenlijk wilde Linda non worden. Maar ja, de mannen he, met name die dekselse Chuck, die haar de grondbeginselen van de fellatio bijbracht, ten behoeve van hem en zijn verrukte relaties. 'En dan vertelden ze het natuurlijk aan een vriend’, releveerde Linda, 'zodat ik die ook onder handen kon nemen. Chuck was er erg blij mee. Hij noemde het mondreclame.’
Via Chucks mini-filmmaatschappijtje betrad zij, met haar speelse tong, de cultuurgeschiedenis. Het publiek keek zijn ogen uit. Geen krant die geen oordeel - positief of negatief - over de rolprent had. Interviewers stonden in rotten van vier op de drempel van haar burgermanswoning.
'Wat was de grootste pik die u ooit hebt afgezogen? Die van die knaap in de film? Was er ooit iemand zo zwaar geschapen dat je er geen raad mee wist?’
'Nee. Unn - unnnhhh’, antwoordde de kunstenares.
Fellatio, liet zij weten, was een sociaal gebeuren. Met gemengde gevoelens nam de paus kennis van het feit dat zijn afgedwaalde schaapje zei fellatio 'in deze tijd van bevolkingsexplosie een prima voorbehoedmiddel’ te vinden. 'Wat werkelijk obsceen is, dat is armoede, geweld en bekrompenheid’, meende ze. 'Wij zijn allemaal geboren met geslachtsorganen, maar niemand is met een pistool ter wereld gekomen. De staat zou het geld dat jaarlijks wordt verspild aan anti-pornografieprocessen beter aan andere dingen kunnen besteden, zoals het bestrijden van armoede, of aan het onderwijs, ook op seksueel gebied.’
WAAROM IS HAAR FILM (een uur en twee minuten, vijftien seksscenes, inclusief zeven proeven van fellatio en vier proeven van cunnilingus) zo'n succes geworden? De filmtheoretici wijzen op het feit dat het eigenlijk een parodie op het genre is, anders dan de doorsneeporno, waarin de copulerende koppels voornamelijk naar hun cheque liggen te verlangen. Nu was je, als intellectueel, plotseling artistiek gelegitimeerd; een film die het voornaamste gespreksonderwerp op de buurtfeestjes was, kon immers geen zonde zijn.
Het meest doorslaggevende element was echter de authenticiteit van het vertoonde. Linda Lovelace had zichtbaar lol in haar werk. 'And introducing Linda Lovelace as Herself’, vermeldden de credits van de film. Zij was 'the girl next door’, de huisvrouw uit midden-Amerika, niet overmatig mooi, niet onbereikbaar welgeschapen, maar wel, uit aandrift en overtuiging, tot seksuele activiteiten bereid waarvan the boy next door alleen kon dromen.
De film kwam in 1974 naar Nederland overwaaien, op initiatief van Christine le Duc, groothandelares in dildo’s, Mexicaanse vliegen en opblaasbare prikkelpoppen. 'Het heeft natuurlijk geen enkele zin om “Deep Throat” aan de Filmkeuring voor te leggen’, verklaarde haar bedrijfsleider. 'De heren zouden halverwege de voorstelling huilend weglopen.’ Om over de dames maar te zwijgen. De artistiek adviseur van het Amsterdamse theater Parisien, over zijn ervaringen met een vrouwelijke keurster van een heel wat onschuldiger film: 'Die zag een scene waarin een man stond en die vrouw ging voor hem op de knieen zitten. Toen zei ze: ''Waarom trekt die man daar zo'n vreemd gezicht?'' Ze wist kennelijk helemaal niet dat zoiets bestond.'
Deep Throat was even eerder op last van de toenmalige minister van Justitie mr. A.A.M. van Agt uit Parisien verwijderd (en vervangen door de film Duizendeneen obsceniteiten), een paar maanden nadat de film in het Maastrichtse Palace-theater in beslag was genomen (en vervangen was door Slipje uit voor de badmeester). De rechtbank in Maastricht legde een boete op van vijfduizend gulden - de dagvaarding had gesproken over 'mannen en vrouwen die op veelal uitdagende, brutale, wellustige, ontuchtige en/of schaamteloze wijze vaginaal en/of anaal en/of oraal geslachtsverkeer met elkaar hadden'.
De rechtbank in Amsterdam verwoordde daarentegen de vooruitstrevende mores van de grote stad door de gedaagden vrij te spreken, een vonnis dat zowel door het gerechtshof als door de Hoge Raad werd bevestigd. Kern van de justitiele overweging was dat het vertoonde niet strafbaar was omdat het publiek wist wat het te wachten stond. De film werd immers niet vertoond in de etalage van een drukke winkelstraat maar in het schemerduister van een bioscoop, die van te voren met grote letters had laten weten: 'U bent gewaarschuwd: harde porno!'
Daarmee waren de bezoekers 'op ondubbelzinnige wijze' gewezen op het 'wat de eerbaarheid betreft bijzondere karakter van de film', waarmee de overheid in feite ontslagen was van de vermeende plicht de lagere lusten te reguleren. Het was een regelrechte nederlaag voor Van Agt, de man die de cinematografische prikkels had getracht onder te brengen in het getto van zweterige bioscoopjes van 49 stoelen (en geen stoel meer) - alsof de publieke moraal, wat dat ook moge wezen, met een dergelijke cijfermatige benadering zou zijn gediend. Iedereen was tegen deze dwaze constructie - het justitieel apparaat, de Tweede Kamer en de Eerste Kamer. Wat de bewindsman er evenwel niet van weerhield een heldere wetgeving jaren en jaren te traineren, daarmee 'zijn eigen geweten hoger stellend dan onze parlementair-democratische beginselen', zoals het Nieuwsblad van het Noorden in ongewoon scherpe bewoordingen constateerde.
Het was een echte scheiding der geesten, die niet beter kan worden geillustreerd dan aan de hoofdartikelen van twee andere noordelijke kranten. De eerste verscheen in het christelijk-nationale Friesch Dagblad, dat zei niets van 'het vieze schuim dat over de stranden spoelt' te willen weten. De liberalen en socialisten waren zo eensgezind tegen Van Agt omdat ze in hem 'de principiele tegenstander van de libertijnen' herkenden. Gelukkig was de libertijnse geest niet alomtegenwoordig: 'Hij is machtiger in de salons van de nieuwlichterij dan in de huiskamer van arbeider en boer, waar men nog met eerbied spreekt over ''moeder de vrouw'' en bij intuitie aanvoelt waar de grenzen liggen tussen vrolijke scherts en gemene praat, en waar men te eenvoudig is om te genieten van pikante dubbelzinnigheden, kortom, waar fatsoen en schaamtebesef nog een normerende betekenis hebben.'
De regionale concurrent, de Leeuwarder Courant, probeerde op zijn beurt uit te leggen 'waar het om gaat': de ene volwassene diende de andere niet voor te schrijven wat mag en niet mag. 'Er zijn honderden redenen om de film ''Deep Throat'' een onsmakelijk, mal produkt te vinden. Maar dat is het punt niet. Het gaat erom dat er in ons land nog altijd autoriteiten fungeren, die menen dat andere volwassenen daarover niet zelf mogen en kunnen oordelen. Autoriteiten die dwars tegen een parlementaire meerderheid in trachten de natie hun eigen zedenmeesterij op te leggen - en dat is ook een vorm van onzedelijkheid.'
Van Agt en de zijnen hadden in die tijd in feite nog maar een bondgenoot. Beter gezegd een bondgenote: De Verschrikkelijke Sneeuwvrouw, de onbekookte zetbazin van de vrouwenbeweging. 'Dat 49-stoelenbeleid van Van Agt, dat vond ik prima.' Tijdens de zogeheten Heksennacht, mei 1978, ging de club demonstrerend de straat op en zong: 'Wij gaan het leren, wij gaan castreren/ voor de vrouw, voor de vrouw, voor de vrouw, vrouw, vrouw./ Niet langer lullen, castreer die knullen/ Dan zijn wij er mooi van af.'
HET LIJKT EEN relikwie uit lang vervolgen tijden. De Verschrikkelijke Sneeuwvrouw heeft haar strijd tegen de porno opgegeven. Linda Lovelace is inmiddels uit de videotheken verdwenen. De film oogt inmiddels als een antiquarische vorm van lustbeleving, de frivole zuster van Sneeuwwitje en de Zeven Dwergen, vergeleken met het eigentijdse pornografische aanbod. En het door Van Agt en zijn erfgenamen beoogde ethisch reveil heeft nauwelijks meer een politieke basis. 'Tien jaar na ''Deep Throat'' slaat de balans in positieve richting door', schreef het filmblad Skoop in 1982. De Filmkeuring is afgeschaft en 'de expliciete filmseks heeft het getto van bordelen en louche kroegen verlaten'.
Er valt twintig jaar na Deep Throat niets meer te keuren, laat staan af te keuren. Commerciele seks is tegenwoordig vrijuit verkrijgbaar in het videocircuit, waarin de consument zich zijn visuele smeerpijperij aanschaft met dezelfde routine waarmee hij elders in de straat een pond boter koopt. Alles mag, alles kan. De vrouw is baas in eigen buik, man e
n vrouw zijn baas in eigen onderbuik en dat is - hoe weinig verheffend de handel van Christine le Duc en Beate Uhse nog steeds zijn - in liberale zin een soort vooruitgang.