Toneel

Wachten op lente

Toneel: Hersenschimmen

Steeds vaker weet hij niet meer wat hij aan het doen is of zojuist heeft gedaan. Steeds weer wijt Maarten Klein het aan de aanhoudende winter. Alsof de sneeuw die achter de grote ramen van het huis gestaag naar beneden komt ook neerslaat in zijn hoofd. Dikke vlokken sneeuw die de wereld vervuilen met witte vlekken, als ontbrekende pixels in een beeld.

Het is gevaarlijk en aanlokkelijk tegelijk om een bewerking van een verhaal tegen het licht van het oorspronkelijke medium te houden. Is het zinvol om te weten welke kleine vrijheden er gepermitteerd zijn? Nee. Maar het is wel belangrijk of de nieuwe gedaante van het oude verhaal een vergelijkbaar effect heeft. Daar waar Bernlefs boek Hersenschimmen rechtstreeks inkijk verschafte in de gedachtewereld van hoofdpersoon Maarten, heeft het toneel genoopt tot een perspectiefwissel en Vera naar voren geschoven als boodschapper van de details en de ernst van de situatie. Dat Maarten midden in de nacht opstaat, zich aankleedt, een halve kip, een blik ananas en een rol koekjes verorbert om zich vervolgens naar een ingebeelde vergadering te haasten, daarvan is alleen Vera’s gejammer het bewijs. De onweersachtige scènewisselingen bieden niet altijd de demarcatie die nodig is om het verloop van de gebeurtenissen zonder slag of stoot te volgen. Maar dat doet er feitelijk niet toe: juist door het minutieus uitgebalanceerde spel tussen Maarten en Vera sijpelt de meedogenloze onomkeerbaarheid van het geheugenverlies langzaam het hoofd van de toeschouwer binnen. Wrevel en onmacht breiden zich uit met elk kopje thee dat koud wordt, elk uitlaten van de – echte! – hond dat uitloopt op verdwalen en elk vragen naar de bekende weg.

Gaandeweg verandert Maartens universum – een woning die doet denken aan het kader van een breedbeeld-tv en zich een paar meter boven het podium bevindt – in een slechts met flarden gevulde binnenwereld. De projecties die tot dan toe evenwichtig in het stuk waren ingebed krijgen de overhand, en voor de andere personages is nog slechts een verstilde rol weggelegd. De inzet van beeld, geluid – de klanken van het adagio uit Mozarts Veertiende Pianosonate, die Maarten vroeger uit het hoofd kon spelen – en een onontwarbare woordkluwen maken de trance totaal. Bernlefs abstracte en onsamenhangende literaire zinnen brengt acteur Joop Keesmaat ook in deze fase van het stuk bewonderenswaardig moeiteloos te berde. Voor hem en regisseur Guy Cassiers, die beiden afscheid nemen bij het ro theater, is er een slechtere zwanenzang voorstelbaar. Dit stuk raakt aan de essentie van acteren; identiteit bestaat bij de gratie van het geheugen. Je zou willen dat je je van deze Hersenschimmen elk detail kunt blijven herinneren.

Hersenschimmen, ro theater, tournee t/m 3 juni. www.rotheater.nl