Walser

Naar aanleiding van Aart Brouwers commentaar in De Groene van 25 november over de affaire-Walser wil ik de de volgende kanttekeningen plaatsen.

Volgens mij is het onzinnig om de rede van Martin Walser te politiseren zoals Brouwer doet. Walsers uitlatingen hebben weinig te maken met stoffige noties als links, rechts, nationalistisch en dergelijke. Waar Walser mijns inziens vooral op doelt, is het gevaar van verzadiging met betrekking tot de gruwelen van het nazisme. Dit gevaar bedreigt overigens ook de grote herdenkingsbijeenkomsten in ons land. Cynisch bekeken ook een soort oorlogsindustrie. In principe is alles weerloos tegen de commercie die zorgt voor een alomvattende betekenisloosheid (en waardeloosheid). Ik denk dat Walser daarvoor heeft willen waarschuwen. Herinneringen (en rouw) moeten net als verlangens van de mensen zelf komen en niet van bovenaf worden opgelegd, bijvoorbeeld door middel van pretentieuze monumenten. Het enige monument dat de lading trouwens een beetje zou dekken, is - inderdaad - een collage van alle artikelen die over de Berlijnse kwestie zijn verschenen. Beter kan machteloosheid volgens mij niet worden weergegeven. Zou zo'n holocaustmonument, tenslotte, niet juist verdoezelen dat het mechanisme dat kon leiden tot de jodenvervolging nog steeds werkzaam is? Het uit zich niet in een paar dreunen (vernietigingskampen), maar op sluimerende wijze in onze geadministreerde wereld, het techno-wetenschappelijke computersysteem waarin we proberen te overleven. Hierbij hoort ook de verkettering van degenen die de heilige consensus verstoren. Walser, bijvoorbeeld. Amsterdam, PATRICK VAN IJZENDOORN