Wasstraat

De ouderen mogen dan binnenkort met meer zijn, de jongeren hebben meer toekomst. Daarom is het voor politieke partijen een belangrijke doelgroep. Met uitzondering van 50Plus dan, want welke jongere wil nou daarbij horen?

Voor de andere partijen dus wel, te meer daar er op 15 maart veel jongeren voor het eerst mogen stemmen, allemaal kiezers die mogelijk nog geen omlijnde politieke voorkeur hebben.

Dat er deze keer meer nieuwkomers zijn dan in 2012 is overigens niet de oorzaak van een geboortegolfje, maar van de lange periode tussen de twee verkiezingsjaren. Het is deze eeuw nog niet voorgekomen dat een achttienjarige soms tot wel vier jaar en zes maanden moest wachten voordat hij voor de eerste keer voor de Tweede Kamer naar het stemlokaal mocht.

De derde reden waarom jongeren een belangrijke doelgroep zijn, is het hoge percentage stemgerechtigden tot 35 jaar dat van hun stemrecht geen gebruik maakt. Gelukkig zijn het twee jongeren, radiopresentatoren Tim Hofman en Rutger de Quay, die vinden dat zij daarom ‘een schop onder hun hol’ moeten krijgen. De politieke partij die de jongeren ertoe weet te bewegen op haar te stemmen, boort een goudmijntje aan.

GroenLinks zet mede daarom heel bewust in op jongeren. Donderdag is in de voormalige Heineken Music Hall, nu ASAF geheten, de laatste meet-up van de partij. Alle vijfduizend kaartjes zijn reeds uitverkocht, alsof er een popster optreedt. Andere partijen kijken er jaloers naar.

Staan er ook jonge leeftijdgenoten op de kandidatenlijsten van de politieke partijen? Jazeker. Neem Anne Kuik uit Groningen, geboren in 1987. Zij staat elfde bij het CDA. Of Rob Jetten uit Nijmegen, in hetzelfde jaar geboren als Kuik. Hij staat twaalfde op de D66-lijst. De twee hebben niet alleen hun geboortejaar gemeen, ze zijn ook allebei de fractievoorzitter van hun partij in de gemeenteraad. Vergeleken bij Jesse Klaver, één jaar ouder slechts maar wel al fractievoorzitter van GroenLinks in de Tweede Kamer, komen de twee toch pas kijken, maar hun partijen zien ze als talenten.

Afgelopen week gingen Kuik en Jetten samen met vier andere, jonge kandidaten van andere partijen in perscentrum Nieuwspoort in Den Haag in debat met elkaar voor een zaal vol leeftijdgenoten. Een groot deel van die leeftijdgenoten zweefde nog, dus er waren stemmen te winnen.

Drie van de andere kandidaat-Kamerleden hadden niet hun leeftijd gemeen, maar wel hun vakbondsverleden. Lilian Marijnissen, Gijs van Dijk en Dennis Wiersma hebben alle drie iets met de FNV. Hun politieke voorkeuren zijn echter verschillend. Waarbij de keuze voor de SP, Marijnissen, en PvdA, Van Dijk, niet zo opvallend is, want die partijen richten zich traditiegetrouw op de arbeidersklasse. Maar de voorkeur voor de VVD van Wiersma valt wel op.

Verfrissend, zou Marijnissen hebben kunnen zeggen over die partijkeuze van Wiersma. Dat woord gebruikte ze enige tijd geleden op de radio om het optreden van de Amerikaanse president Donald Trump te omschrijven, toen deze na zijn beëdiging bleek te doen wat hij tijdens de campagne had beloofd. Ze kreeg er kritiek op. Dat ze het ironisch bedoelde, kwam op de radio niet genoeg over. Leermomentje.

Maar verder blijkt Marijnissen in het debat een – volleerde – dochter van haar vader, SP-oprichter en jarenlang partijleider Jan Marijnissen: vlot, met humor, niet gelikt, verstand van zaken en ook zo verstandig om op terreinen waar ze dat niet heeft dat eerlijk te zeggen, en verder het vermogen zich in te leven in de mensen waar ze voor opkomt.

Wat vooral opviel tijdens het Nieuwspoort-debat was de wasstraat waardoor ze alle zes lijken te zijn gegaan. Keurig lepelden ze de standpunten van hun partijen op. Als oudere snakte ik naar dwarsigheid, kom op. Dwars ten opzichte van het standpunt van zijn partij was hij niet, maar toen Wiersma met zijn FNV-Jong-achtergrond tegen PvdA-kandidaat Van Dijk en SP-kandidaat Marijnissen zei dat de FNV bijdraagt aan de tweedeling tussen oud en jong, en tussen vaste baan en flexwerk, klonk dat welhaast – om toch maar weer dat woord te gebruiken – verfrissend. ‘We moeten durven vernieuwen’, zei Wiersma. Uit de mond van een jong iemand klinkt dat vanzelfsprekender dan wanneer een oudere die zelf al zijn hele leven een vaste baan heeft daarvoor pleit.

Een wasstraatmomentje had ik toen kandidaat Jetten van D66 de slotvraag moest beantwoorden. Wat hij over vier jaar bereikt zou willen hebben? En daar kwam de D66-riedel over onderwijs, meer geld, kleinere klassen, wel kunnen stapelen. Het is toch moeilijk voor te stellen dat dit ook zijn persoonlijke ambitie is als hij Kamerlid wordt. Maar hou Jetten in de gaten. Na elke verkiezingen zijn er nieuwkomers die opvallen en het predikaat jong en veelbelovend krijgen. Hij is er nu al een van.

Het meest veelbelovend was echter de zaal. Op de vraag aan deze, allemaal goed opgeleide, jongeren of ze twijfelden aan de klimaatverandering en dat met een rode kaart kenbaar wilden maken, kleurden ze de zaal groen. Begrijpelijk. Zij hebben de toekomst.