Ik vond het ook een leuke gedachte. Was benieuwd naar het verhaal van een top-entertainer, een sympathieke gast bovendien, zo leek me. En dat was hij ook. Maar noem me een snob, er was toch iets dat bleef wringen. Twee werelden die om elkaar heen cirkelden, de een deed examen, de ander zocht verdieping, waardoor deze tocht door de wereld van de internationale variété best een lange zit werd. De fragmenten die waren gekozen om het geheel van drama te voorzien, kwamen mij wat gezocht voor. Wilminks gedicht over de joodse goochelaar Ben Ali Libi kan niet kapot, maar uitgerekend deze versie van de voordracht, waarin Joost Prinsen het niet droog houdt, voelde sentimenteel. En dat bezoekers van Las Vegas werden blootgesteld aan atoomproeven in de Nevada-woestijn? Curieus ja, maar wat heeft het te maken met Kloks ervaringen in Las Vegas? Het idealisme van Josephine Baker, die in haar Franse kasteel kinderen van alle gezindten en kleuren verzamelde? Prachtig natuurlijk, maar ook: waar raakt haar engagement de wereld van Klok?

Ik ben natuurlijk de saggerijn in het gezelschap. Klok ontpopte zich als een welwillende prater, ik vroeg me af of het met nervositeit te maken had, al dat praten, aan een stuk door, zijn f'en en s'en werden almaar harder. Het leukst was het gezicht van Janine Abbring, die geregeld geschrokken naar haar wangen greep. Is het écht waar, dat bezoekers van Las Vegas met gokschulden bij jou op de eerste rij zitten tot ze op het vliegtuig worden gezet? Wát? Bid je?

Wat mooi was, was dat Klok zonder veel nadruk een beeld van zichzelf neerzette als een jongen die al op jonge leeftijd werd gegrepen door de goochelkunst, omdat het een manier was om aandacht te verdragen. Die zijn verlegenheid wist te overwinnen en afstapte op de mensen die hij bewonderde. (Maar hoe doé je dat dan? vroeg Abbring een paar keer. Hij dééd het, wat kon hij er verder over zeggen.) Een héle harde werker, gekoesterd door zijn ouders, gesteund ook door zijn broer, ondanks een zakelijk akkefietje. Iemand die zich spiegelt aan artiesten die het talent hebben om met hun talent om te gaan, zoals hij het formuleerde, en dat gaat dan van Marlène Dietrich tot Bassie & Adriaan. Die leeft voor de kunst, en zich in de tweede helft van zijn leven voorneemt zakelijker te worden.

Of hij nooit bang was om na een roemrijk leven in eenzaamheid ten onder te gaan. Nee, nooit over nagedacht. Weer de greep naar de wangen. Hè? ‘Ik ben gelukkig.’ Het is waar, dit hoor je niet vaak mensen zeggen, en zeker niet bij de VPRO.

Wat ik opvallend vond: hoe veel oude fragmenten hij liet zien. Mies Bouman, Willem Ruys, De Zangeres Zonder Naam, Bonnie St. Claire. Kok bleek te stammen uit een vervlogen wereld. Ik ben verliefd op het oude Las Vegas, zei hij. In het nieuwe Las Vegas heeft het oude entertainment plaats moeten maken voor sport. Ook opvallend: hoe goed en jong hij er zelf uitzag, ondanks dat hij wel van een biertje zei te houden. Optreden is nu eenmaal ‘zijn ding’, en misschien heeft wat hij doet inmiddels meer met stunts dan met trucs te maken, zo vertelde hij. Die trucs, dat blijkt een wereld apart. Ik dacht dat je ze moest verzinnen, maar je blijkt ze te kunnen kopen.

De rappe prater bleef een enigma, we keken naar een ontsnappingskunstenaar. Iemand met de nodige doden in zijn leven, zijn ouders, zijn assistente Nathalie, maar niets bracht hem tijdens dit gesprek van zijn stuk. Hans! riep Abbring op zeker moment. Sta je weleens ergens bij stil? ‘Je bent ook een bedrijf’, reageerde hij prompt. Een bedrijf dat ook met Nina Simone heeft opgetreden, hoe was dat, vroeg ik me af. Ik denk zomaar gewéldig.

En passant stuurde Klok een belangrijke les de wereld in. Zo positief als hij zei in het leven te staan, en ik zou niet weten waarom ik hem niet zou geloven, zoveel intrinsieke tragiek hoorde ik daarin. Dat het de kunst is om iets er makkelijk uit te laten zien terwijl niemand het je na kan doen. Sterker nog, en dat leerde zijn vader hem al vroeg: dat je de mensen iets moet geven waardoor ze denken dat ze je doorhebben.