Wat jij niet ziet

De zoektocht naar de 27ste letter van het alfabet. Deze ongewone queeste vat beter de inzet van deze roman samen dan de makkelijker na te vertellen verhaallijnen die beginnen bij een beroemde, maar enigmatische fotograaf, Alain Dubout.

Medium k schippers   op de foto

Deze Dubout is bij een bergwandeling op een eiland door twee Nederlandse vrienden – Abbie, een kinderpsychologe en Jan, bedrijfsarts – gevraagd om een foto van ze te nemen. Als Abbie het fotorolletje vooruitstuurt naar Nederland en aan de jonge Yvette – die op Abbie’s kat past – ter ontwikkeling geeft, wordt door Yvette en haar vriend Rob achterhaald dat de foto een originele Dubout is. Net als in al het andere werk van Dubout valt ook op dit terloops genomen vakantiekiekje een ontdekking te doen: ‘Yvette zegt dat het is of je die gele punten en streepjes met elkaar kan verbinden, langs de bomen, van het water tot de nevelige lucht en om Abbie en Jan heen. Het geel verandert in de bocht van de 2 en de schuine staf van de 7, aan de andere kant, in het gras.’

De 27 in de foto verwijst naar de mogelijkheid van een 27ste ­letter in het alfabet. De vraag hoe die ­eruitziet en hoe hij dient ­uitge­sproken te worden, biedt Schippers de ­gelegenheid de relatie tussen taal en werkelijkheid uit te diepen. Het levert traag, bijna kabbelend proza op, vol verwondering over woorden en de wereld waarnaar ze verwijzen.

‘De taal geeft de werkelijkheid een schijn van precisie’, zo heet het in de woorden van de Amerikaanse auteur Nicholson Baker, die in Op de foto wordt gequoot. Die schijn en precisie verstoren, dat is wat Schippers wil, zonder in het zompige moeras van taalfilosofie weg te zakken. Hij gebruikt hiervoor onder meer het kind – het romantische idee van een kind, met een onbezoedelde blik op de werkelijkheid, dat nog niet vastzit aan een begrensde opvatting van taal. Als een klasje kinderen over de 27ste letter hoort, zet dit hun verbeelding aan tot uitzinnige ontwerpen van de letter en bedenken ze er onverwachte uitspraken en functies voor. Niet echt een subtiel middel om heersende ideeën over taal op losse schroeven te zetten – de ongerepte natuur van kinderen is mij iets te veel een cliché – maar verteerbaar, omdat het niet al te nadrukkelijk is ingezet.

Medium hh 07380944 schippers

Schippers’ streven om het delicate verbond te onthullen tussen taal en werkelijkheid komt beter tot zijn recht in de wereld van de volwassenen. Vooral bij de jonge Yvette, die een speurtocht onderneemt naar de fotograaf Dubout en ‘zich in een geschiedenis heeft gemanoeuvreerd waarin de taal zelf op het spel staat’, raakt de taal steeds meer losgezongen van haar betekenis. De poëtische mijmeringen en de sterk associatieve stijl, die kronkelwegen begaat om voorbij de platte betekenis van woorden en beelden te komen, brengen Schippers’ onthechte blik goed over.

En toch greep dit aspect van het boek mij niet helemaal. Omdat ik iets te vaak de indruk had dat het risicoloze spielerei is. Dat rustige, onnadrukkelijke proza, hoe fijn en vakkundig gestileerd ook, is net niet dwingend genoeg om uit het boek op te kijken en de wereld met een verse blik te bezien. Als de taal ‘op het spel staat’, dan wil je de zwaarte van deze woorden op je voelen wegen. Maar daarvoor is de taalbehandeling in dit boek net iets te vluchtig.

Dat laat onverlet dat de roman vanwege het onnadrukkelijke karakter aan toegankelijkheid wint. Schippers vertelt op een bescheiden toon, in heldere zinnen met een melancholieke toets. Als de foto van Dubout eindigt bij het veilinghuis Sotheby’s grijpt hij dit aan om in de vriendelijkst mogelijke bewoordingen de vermarkting van kunst te hekelen. Ronduit aandoenlijk wordt het als hij een personage laat mopperen over de iPhone, dat symbool van moderne gejaagde tijden: ‘Heeft-ie weer iets op z’n iPhone opgezocht?’ Of: ‘De rapper Snoop Dogg of Snoopy Dogg, hoe noem je hem’. Het is niet zuur bedoeld. Dit is gewoon een vertelstem met een ander referentiekader; liedjes die jongere generaties weinig meer zullen zeggen (An American in Paris, If I Were a Bell) worden aangehaald om onderlinge relaties van betekenis te voorzien; referenties aan vergeten films (Laura, een film noir) worden opgedist alsof ze gisteren nog in première zijn gegaan.

De personages zijn vriendelijk, hun innerlijke wereld is bedeesd. Het is een werk van een onmodieuze gelijkmatigheid. Je vliegt dan ook zonder pijn door het boek, je haalt je nergens open aan cynisme of aan moeilijke personages met rare of akelige problemen. Dat is ook wel eens fijn voor de verandering. Alleen: soms wens je dat Op de foto een wat dwingender karakter had, zich meer aan de belofte hield om de taal op het spel te zetten. Dat had de roman net wat meer gemaakt dan alleen een sympathiek werk over sympathieke mensen.


K. Schippers, Op de foto. € 18,95


Foto K. Schippers Courtesy Vincent Mentzel / HH