Wat Obama vergat te melden

Opvallend is dat Obama in zijn West Point Speech voorbijging aan de regionale dimensie van de oorlog, die de betrokkenheid van Pakistan overstijgt. Alle buren van Afghanistan hebben te lijden. De noordelijke buren hebben last van drugssmokkel, wapenhandel en Afghaanse maffiapraktijken. De rust in Tadzjikistan, bijvoorbeeld, is fragiel. Daar werd in 1997 een burgeroorlog beëindigd, niet door verzoening, maar bevriezing. Nog steeds hebben in grote delen van dat land krijgsheren het voor het zeggen en is de regering allesbehalve geliefd bij de bevolking. Als Pakistan wegvalt als vrijhaven zou Tadzjikistan een nieuwe wijkplaats kunnen worden. China vreest met recht dat de islamitische Oeigoeren in zijn aan Afghanistan grenzende provincie Xinjiang geïnspireerd raken door de Afghaanse jihad. Iran is bij de oorlog betrokken met geheime adviseurs die de sjiitische strijdgroepen van de Hazara bijstaan. Zo zijn in het district Gizab, in de ‘Nederlandse’ provincie Uruzgan, Iraniërs actief, meldde het in september gepresenteerde Uruzgan-rapport van de Afghaanse ngo TLO.
Belangrijker: zolang Pakistan en India het aan de stok hebben over Kasjmir heeft Pakistan geen belang bij een stabiele regering in Kaboel. In de Pakistaanse militaire doctrines is Afghanistan de onmisbare ‘strategische diepte’, die bij een Indiase aanval benut moet worden door hergroeperende Pakistaanse eenheden. Obama zei erop te rekenen dat Pakistan nu wél zal meewerken omdat de Taliban zich met aanslagen en offensieven tegen Islamabad hebben gekeerd. Maar als het Islamabad lukt de aandacht van de ‘Pakistaanse’ Taliban weer uitsluitend op Afghanistan te doen vestigen, is Obama terug bij af.
President Karzai komt in de speech maar kort aan bod. Echter, niet het aantal westerse troepen, maar Karzai’s nieuwe beleid is de sleutel tot de oorlog. Opstandbestrijding (counterinsurgency) staat of valt bij het winnen van de bevolking. Dat betekent dat corruptie uitgeroeid moet worden en dat de Afghanen terecht moeten kunnen bij een rechtvaardig en effectief overheidsapparaat. Volgens de macro-econoom Sayfodin Sayhun die ik sprak in Kaboel, is het vervolgen van corrupte ministers een eerste stap, maar zal uiteindelijk het gehele overheidsapparaat van onderaf opnieuw moeten worden opgebouwd. De politie en het gerechtssysteem dienen daarbij voorrang te krijgen. ‘Alle politiechefs, tot op districtsniveau, moeten worden vervangen door mannen die keihard optreden tegen corruptie’, meende Sayhun. Vervolgens moeten de salarissen naar een niveau worden gebracht dat corruptie onnodig maakt. Nu verdienen agenten en rechters zo weinig dat ze vaak niet eens hun huur kunnen betalen. Het gevolg is dat zonder het betalen van steekpenningen geen recht wordt gesproken. De Taliban hebben mobiele rechtbanken ingesteld in de gebieden waar zij het voor het zeggen hebben. Religieuze rechters doen snel uitspraak en het vonnis wordt onmiddellijk voltrokken door strijders. Veel Afghanen nemen niet de moeite naar de overheid te stappen, maar kiezen voor de Taliban-rechter.
Vorig jaar werd door Karzai voor de tweede keer een anticorruptiecommissie opgericht. De eerste ging aan corruptie ten onder. Ook nu zijn de verwachtingen niet groot. Op de verordonnering door de commissie aan ministers en parlementariërs dat ze hun bezittingen, inkomsten en uitgaven moesten opgeven, kwam slechts een handvol reacties. De Taliban daarentegen hanteren een handboek met regels voor de strijders. Daarin staat onder meer dat ‘geen jihad-uitrusting mag worden gebruikt voor persoonlijke doeleinden’. Met klachten kan de bevolking terecht bij Taliban-ombudsmannen. Er wordt direct opgetreden.
Om een rechtvaardige effectieve overheid uit de grond te stampen is veel geld nodig. Maar volgens het gerenommeerde tijdschrift Foreign Affairs zijn de Amerikanen van plan nog minder middelen aan de gewantrouwde centrale overheid te verstrekken dan ze nu al doen. Karzai staat met lege handen. Het meeste Amerikaanse opbouwgeld wordt besteed via Amerikaanse organisaties, die niet zelden smeergeld betalen om hun projecten van de grond te krijgen.
Zonder effectieve overheid is de civilian surge die Obama voorstaat weggegooid geld. In het Uruzgan-rapport van TLO wordt geconcludeerd dat veel (kleine) Nederlandse hulpprojecten aanslaan, maar dat ze worden geassocieerd met de buitenlandse troepen. Die gaan binnenkort weer naar huis, weten zij, en van de eigen overheid valt niets te verwachten. Dus zetten zij hun kaarten alsnog op de Taliban.