Buitenland

Wat Poetin Wil

Een week geleden struikelde onze minister van Buitenlandse Zaken over zijn poging om een geloofwaardig cv op buitenlandgebied bij elkaar te verzinnen. Hij had uit mond van de snoodaard zelf diens sluwe plan met de wereld vernomen. De Russische president Vladimir Poetin wilde de halve Sovjet-Unie terugveroveren met Kazachstan er misschien bij – hij had het zelf gezegd! Dat van die datsja was achteraf gezien misschien wat knullig, maar het idee dat je erachter kunt komen wat een machtige leider wil door te luisteren naar wat hij zegt, was zo gek nog niet. Het lijkt een goed moment, zo rondom het aantreden van een nieuwe minister op BZ, om eens te memoreren Wat Poetin Wil.

Helaas is dat helemaal niet zo bijzonder, namelijk een machtig en veilig Rusland. Het is niet die doelstelling, maar de praktische invulling daarvan die westerse waarnemers uit balans brengt. Poetin is een voormalig KGB-officier en omringt zich met ex-KGB’ers. Mannen die ‘werkelijk geloven dat interne critici “vijanden” zijn, dat imperialistisch-kapitalistische landen hun regime proberen te ondermijnen en dat alleen politieke agenten als zijzelf chaos en nederlaag kunnen tegenhouden’, zoals historica Anne Applebaum ooit schreef. Daaruit vloeit de wens voor sterke interne controle in Rusland, machtsconcentratie bij een groep die zichzelf en passant flink kan verrijken, en grote invloed kan houden op de landen om Rusland heen, om te voorkomen dat daar ‘anti-Russische krachten’ sterk worden. Dit alles is rijkelijk paranoïde en het is misschien niet leuk, maar dit is wel de realiteit.

Poetin verwoordde zijn wereldvisie wellicht het helderst op de Veiligheidsconferentie van München in 2007. ‘De vorm van deze conferentie stelt mij in staat om te zeggen wat ik echt denk over internationale veiligheidsproblemen’, begon Poetin. Na de Koude Oorlog hadden de VS geprobeerd ‘een wereld van één meester’ aan andere landen op te leggen, met lak aan nationale soevereiniteit en internationaal recht, en beheerst door ‘het politieke klimaat van de dag’ in de VS. Dit alles was volgens Poetin ‘ondemocratisch, onacceptabel en ineffectief’. Door unilateraal ‘hypergebruik van geweld’ creëerden de VS telkens nieuwe conflicten. ‘Ik wil benadrukken wat het resultaat is’, zei Poetin, ‘niemand voelt zich veilig!’ Bovendien rommelden de VS ook in landen intern: Poetin ziet democratische revoluties als die in Oekraïne en Egypte als Amerikaanse en Europese machinaties.

Poetin doet niet geheimzinnig over zijn wereldvisie

Sinds deze toespraak is Rusland zichzelf agressiever gaan beschermen, onder meer met invallen in Georgië en Oekraïne. Poetins regime treedt harder op tegen interne kritiek en probeert actiever Amerikaanse hypocrisie aan te tonen, onder meer over democratie. De VS leren Rusland daarover de les, zei Poetin, terwijl ‘zij om onheldere redenen daar zelf niet over willen leren’. In die ergernis wortelt Poetins wens om aan te tonen dat de Amerikaanse democratie een circustent is: de achterliggende reden voor inmenging in de Amerikaanse verkiezingen van 2016.

Wat die ex-Sovjet-Unie betreft: ook daarover doet Poetin helemaal niet geheimzinnig. Hij noemde de ineenstorting van de Sovjet-Unie eens ‘de grootste geopolitieke catastrofe van de twintigste eeuw’, omdat ‘tientallen miljoenen landgenoten zich nu buiten de grenzen van het Russische territorium bevinden’. Dat was niet onder vier ogen in zijn datsja, maar in een toespraak voor de natie. Zijn methode voor Russisch machtsherstel loopt tot nu toe niet via een geheim militair meesterplan, maar door het benutten van crises in de regio om Ruslands invloed (en territorium) te vergroten. Sinds een paar jaar probeert Rusland ook soft power te projecteren door ‘zijn plaats als leider van de antimoderne wereld’ in te nemen, zoals Masha Gessen beschrijft in haar nieuwe boek De toekomst is geschiedenis. Nieuw-rechts in Europa levert hiervoor de nuttige idioten.

Het antwoord op dit alles ligt voor de hand: de enormiteit van de Russische dreiging niet overdrijven en oog houden voor reële Russische veiligheidsbelangen en ‘rode lijnen’. En tegelijk niet naïef zijn over de Russische intenties in zijn regio, goed crisismanagement, druk houden op Rusland via economische en andere sancties, plus helder aangeven waar de Europese belangen en ‘rode lijnen’ liggen. Tot nu toe gaat dit alles best aardig, niet in de laatste plaats omdat Rusland veel zwakker is dan de spookverhalen willen laten geloven. Maar het is wel zaak de ogen op de bal te houden en de juiste spelers in het veld te brengen. Hopelijk gaat dat hier beter in poging twee.