Naomi Klein over de Green New Deal

‘Wat willen we eigenlijk?’

Honderdduizenden jongeren die in klimaatmarsen de straat op gingen, daar leefde Naomi Klein van op. Tegelijkertijd is de Canadese journaliste/activiste bezorgder dan ooit.

Lukas Schulze / Getty Images

In haar nieuwe boek On Fire: The (Burning) Case for a Green New Deal balanceert Naomi Klein tussen hoop en vrees. Vol bewondering kijkt ze naar de stakende scholieren die met hun klimaatmarsen de straat overnemen. ‘100.000 lichamen in Milaan, 40.000 in Parijs, 150.000 in Montreal. Kartonnen borden dobberden op de branding van de mensheid: “Er is geen planeet B!”, “Verbrand onze toekomst niet”, “Ons huis staat in brand!”’

Ze is blij verrast door Greta Thunberg en de jongeren die door haar geïnspireerd zijn. ‘Waar in de wereld ze ook leven, deze generatie heeft één ding gemeen’, schrijft ze, ‘zij zijn de eersten waarvoor de klimaatcrisis op wereldschaal geen verre toekomst is, maar een levendige realiteit.’

Tegelijkertijd beseft ze zeer goed dat regeringen en wetenschappers al dertig jaar bijeenkomen om te discussiëren over de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen en dat sindsdien de uitstoot van CO2 in de wereld met maar liefst veertig procent is toegenomen.

De Canadese journaliste, auteur en activiste verwierf wereldfaam toen haar boek No Logo (1999) het manifest van de antiglobaliseringsbeweging werd. In The Shock Doctrine (2007) keerde ze zich tegen het neoliberalisme en privatisering van overheidstaken die leidt tot ‘creatieve destructie’. In 2009 richtte ze zich op klimaatverandering met This Changes Everything: Capitalism vs. The Climate. Hierin betoogt ze dat het neoliberale vrijemarktdenken effectieve maatregelen tegen opwarming in de weg staat.

On Fire bestaat na een uitvoerige inleiding uit eerder verschenen essays en reportages die de afgelopen tien jaar in verschillende internationale media zijn verschenen. In noten geeft ze aan of de situatie is verbeterd of verslechterd – meestal verslechterd. Of het nu bij het spookachtige en afgestorven koraal van het Great Barrier Reef bij de oostkust van Australië is, of Puerto Rico na de verwoestende orkaan, overal doet Klein verslag van de enorme vernietiging die de klimaatcrisis met zich meebrengt. Ze beschrijft, analyseert, probeert soms ook oplossingen aan te reiken.

‘Er hangt utopisme in de lucht’, zei Klein in 2017 tegen De Groene Amsterdammer, toen ze geïnterviewd werd over No Is Not Enough – haar analyse over de opkomst van Trump – ‘maar het is moeilijk om tot een concreet platform te komen. Links is versplinterd in veel verschillende groeperingen en bewegingen, en we zijn het niet meer gewend om samen te komen en de vraag te stellen: wat willen we eigenlijk?’

En juist aan die versplintering lijkt een eind te komen, nu in Amerika steeds meer Democratische politici zoals de presidentskandidaten Bernie Sanders, Elizabeth Warren, Kamala Harris en Cory Booker de Green New Deal omarmen. Links heeft weer een gemeenschappelijk doel gevonden. ‘Het idee is simpel’, legt Klein in On Fire uit, ‘als we de infrastructuur van onze maatschappij inderdaad aanpassen op een schaal en met het tempo waartoe de wetenschap oproept, geeft dat de mensheid de unieke kans om een economisch model te repareren dat voor grote groepen mensen op meerdere gebieden niet werkt.’

De verbinding van linkse met groene politiek is natuurlijk niet nieuw, erkent Klein, maar voor eerst staat er een groep politici op – ‘vaak maar tien jaar ouder dan de activisten op straat’ – die bereid zijn om de ‘urgentie van de klimaatcrisis om te zetten in politiek beleid’.

Naar aanleiding van haar boekpresentatie van On Fire gaf Klein een interview aan Natalie Hanman van The Guardian, dat vanwege Covering Climate Now internationaal verspreid wordt.

Waarom publiceert u dit boek nu?

‘Ik heb het gevoel dat de manier waarop we het over klimaatverandering hebben te gefragmenteerd is. Er wordt geen verband gelegd met andere crises waarmee de wereld te maken heeft. In het boek leg ik verbanden tussen de klimaatcrisis en het streven naar white supremacy, de verschillende vormen van nationalisme en de vele mensen die vanwege oorlog hun land ontvluchten. Het zijn crises die samenhangen en elkaar doorkruisen, dus de oplossingen moeten dat ook doen.’

Het boek bevat essays die u in het verleden heeft geschreven. Heeft u nergens uw mening over veranderd?

‘Terugkijkend heb ik onderschat wat voor uitdaging de klimaatverandering voor links met zich meebrengt. Natuurlijk daagt de klimaatcrisis ook het rechtse wereldbeeld uit en bieden de middenpartijen geen oplossing omdat ze nooit iets gróóts willen doen, en altijd het compromis zoeken. Links heeft zich echter altijd vooral bekommerd om de eerlijke verdeling van de rijkdom, maar hield er geen rekening mee dat de aarde grenzen stelt aan de consumptie.’

Wat moet links doen?

‘Links heeft zich altijd vooral bekommerd om de eerlijke verdeling van de rijkdom, maar hield er geen rekening mee dat de aarde grenzen stelt aan de consumptie’

‘Wat Noord-Amerika betreft is het toegeven dat er grenzen zijn nog steeds een groot taboe. Je ziet dat ook aan de manier waarop Fox News de Green New Deal behandelt: ze komen jullie hamburgers afpakken! Elke generatie krijgt het beter dan die daarvoor, dat is de essentie van de American dream. Grenzen zijn er om verlegd te worden, net zoals de kolonisten dat deden. En dan komt er nu iemand langs die zegt: er zijn wél grenzen. We moeten moeilijke besluiten nemen over hoe we de schaarste eerlijk verdelen. Dat is voor een groot deel van de bevolking psychisch een schok.

De reactie van links is om te vermijden. Het heeft tot nu toe altijd gezegd: nee, nee, nee, we gaan niets van je afpakken. Verduurzaming biedt alleen maar voordelen. En er zijn natuurlijk ook voordelen: de steden worden leefbaarder, de lucht schoner, we staan minder in de file, hebben een in veel opzichten rijker en gelukkig leven. Maar er komt een einde aan het almaar meer consumeren.’

Bas Beentjes / De Beeldunie © Elke graad opwarming die we weten te voorkomen is een overwinning

Voelt u zich aangemoedigd door de discussies over de Green New Deal?

‘Ik ben ontzettend opgelucht dat er eindelijk wordt gesproken over oplossingen die recht doen aan de schaal van de crisis die we beleven. We hebben het niet meer over een beperkte CO2-belasting of een emissiehandelssysteem als wondermiddel, maar over een verstrekkende transformatie van onze economie.

Het huidige systeem werkt toch al niet voor de meerderheid van de bevolking – daarom zitten we in deze periode van diepe politieke ontwrichting met Brexit, Trump en al die andere autoritaire leiders – dus waarom zoeken we niet uit welk systeem wél werkt? Een systeem dat wel alle problemen aanpakt. Natuurlijk kan het fout gaan, maar elke graad opwarming die we weten te voorkomen is een overwinning. En elke maatregel die de samenleving socialer maakt, kan de barbarij voorkomen als het onheil onvermijdelijk toeslaat.

Want wat me echt beangstigt, is dat wat we aan onze grenzen in Europa, Noord-Amerika en Australië zien gebeuren – het is volgens mij geen toeval dat de oude koloniën en de landen die de drijvende kracht vormden achter het kolonialisme hierin vooroplopen. We zien het begin van het tijdperk van klimaatbarbarij. We zagen het in Christchurch en in El Paso, dat dodelijke huwelijk tussen gewelddadig witte suprematie en giftig anti-immigratieracisme.’

Dat is een van de meest huiveringwekkende delen van uw boek, het is een link die nog niet veel mensen hebben gelegd.

‘Dit patroon is al een tijdje duidelijk. Witte suprematie ontstond niet omdat mensen zin hadden ideeën te bedenken die veel anderen zouden doden, maar omdat men met dit gedachtegoed barbaarse en zeer winstgevende handelingen kon rechtvaardigen. Het wetenschappelijk racisme ontstond niet voor niets gedurende de periode van de trans-Atlantische slavenhandel, het gaf een rationalisatie aan georganiseerde wreedheid.

Als we op de klimaatcrisis reageren met het bouwen van hoge muren langs onze grenzen, zullen de theorieën die dat rechtvaardigen, die een hiërarchie tussen mensen creëren, natuurlijk terugkomen. De voortekenen zijn er al jaren, en het wordt steeds moeilijker dat te ontkennen omdat moordenaars het van de daken schreeuwen.’

Er is ook kritiek op de milieubeweging: die wordt te veel gedomineerd door witte mensen. Hoe kijkt u hier tegenaan?

‘Als een beweging wordt beheerst door het meest welvarende deel van de samenleving, voert angst voor verandering vaak de boventoon. Want mensen die veel te verliezen hebben, zijn minder geneigd tot verandering. Mensen die veel te winnen hebben, zullen er harder voor willen vechten. Dat is het grote voordeel van een benadering waarbij je de klimaatcrisis koppelt aan ‘brood en boter’-issues: hoe creëren we beter betaalde banen, betaalbare huisvesting en manieren waarop mensen voor hun gezin kunnen zorgen.

Ik heb de afgelopen jaren veel discussies gevoerd met milieuactivisten die werkelijk denken dat het gevecht moeilijker wordt als je de klimaatstrijd verbindt aan armoedebestrijding of antiracisme. We moeten af van dit “mijn crisis is belangrijker dan de jouwe”. Dat we eerst de aarde moeten redden, voordat we armoede, racisme of het geweld tegen vrouwen kunnen bestrijden. Dat werkt niet. Zo’n houding vervreemdt ons van de mensen die zich het hardst voor verandering willen inzetten.

Gelukkig is dit debat de laatste tijd wel veranderd omdat de klimaatbeweging socialer is geworden en door nieuwe Congresleden van kleur die de Green New Deal omarmen. Alexandria Ocasio-Cortez, Ilhan Omar, Ayanna Pressley en Rashida Tlaib komen uit gemeenschappen die hebben geleden onder het neoliberalisme. Zij zijn vastbesloten om de belangen van de gemeenschappen écht te beschermen. Zij zijn niet bang voor radicale veranderingen omdat hun gemeenschappen die veranderingen hard nodig hebben.’

‘Mensen die veel te verliezen hebben, zijn minder geneigd tot verandering. Mensen die veel te winnen hebben, zullen er harder voor willen vechten’

In uw boek schrijft u: ‘De harde waarheid is dat het antwoord op de vraag: Wat kan ik als individu doen om klimaatverandering te stoppen? is: Niets.’ Gelooft u dat nog steeds?

‘Als het gaat om de CO2-uitstoot zullen de individuele beslissingen die we nemen niet bijdragen tot iets wat in de buurt komt van het soort schaal dat we nodig hebben. En ik geloof dat het feit dat het voor zoveel mensen zoveel makkelijker is om het over onze eigen consumptie te hebben dan te praten over systemische verandering, een product is van het neoliberalisme. Dat we erin zijn getraind om onszelf in de eerste plaats als consumenten te zien. Voor mij is dat de waarde van het ter sprake brengen van historische analogieën als de New Deal of het Marshallplan – het brengt ons terug naar een tijd waarin we konden denken aan verandering op zo’n grote schaal. We zijn getraind om heel klein te denken. Het is ongelooflijk belangrijk dat Greta Thunberg van haar leven een noodsituatie heeft gemaakt.’

Ja, ze zeilde voor de VN-klimaattop in New York op een jacht dat geen enkele CO2 uitstoot…

‘Precies. Maar dit gaat niet over wat Greta als individu doet. Het gaat erom wat Greta uitdraagt in de keuzes die ze als activist maakt, en dat respecteer ik enorm. Ik vind het prachtig. Ze gebruikt de macht die ze heeft om de aandacht op iets te vestigen en duidelijk te maken dat klimaatverandering een noodsituatie is, en ze probeert politici te inspireren om het als een noodsituatie te behandelen. Ik denk niet dat iemand ervan is vrijgesteld om de eigen beslissingen en het eigen gedrag te onderzoeken, maar ik denk wel dat het mogelijk is om te overdrijven als het om individuele keuzes gaat, om ze te sterk te benadrukken. Ik heb een keuze gemaakt – en dat heb ik gedaan sinds ik No Logo heb geschreven en ik vragen begon te krijgen als: “Waar moet ik winkelen, wat is ethische kleding?” Mijn antwoord is nog steeds dat ik geen lifestyleadviseur ben, ik ben geen winkelgoeroe en ik neem zulk soort beslissingen wel in mijn eigen leven, maar ik heb niet de illusie dat ze het verschil maken.’

© Canadian Press / REX / Shutterstock

Sommige mensen kiezen ervoor om in geboortestaking te gaan en geen kinderen te krijgen. Wat denkt u daarvan?

‘Ik ben blij dat dit soort discussies in het publieke domein komen, in tegenstelling tot heimelijke kwesties waarover we niet durven te praten. Mensen hebben zich daar erg eenzaam door gevoeld. Dat gold zeker voor mij. Het was een van de redenen dat ik zo lang heb gewacht om zwanger te raken, en dan zou ik nog altijd tegen mijn partner zeggen: “Wat, wil je een Mad Max-waterstrijder die met zijn vrienden vecht voor voedsel en water?” Pas toen ik deel uitmaakte van de beweging voor klimaatrechtvaardigheid en ik weer een toekomst zag, kon ik me voorstellen dat ik een kind zou krijgen.

Maar ik zou nooit iemand voorschrijven hoe je deze uiterst intieme vragen moet beantwoorden. Als feministe die de gruwelijke geschiedenis van gedwongen sterilisatie kent, en de manieren waarop vrouwenlichamen strijdgebieden worden wanneer beleidsmakers besluiten tot geboortepolitiek, denk ik dat het idee dat je het al dan niet krijgen van kinderen in regels kan vatten rampzalig ahistorisch is. We moeten samen worstelen met ons klimaatverdriet en onze klimaatangsten, wat voor beslissing we ook nemen, maar de discussie die we moeten voeren is hoe we een wereld kunnen bouwen opdat onze kinderen een bloeiend, koolstofarm leven kunnen leiden.’

In de zomer moedigde u mensen aan om Richard Powers’ roman The Overstory te lezen. Waarom?

‘Het boek is ongelooflijk belangrijk voor me geweest. Wat Powers over bomen schrijft: dat bomen in gemeenschappen leven en met elkaar communiceren, samen plannen en samen reageren, en dat we ons volslagen hebben vergist in de manier waarop we over ze denken. Het is hetzelfde als het gesprek dat we hebben over of we het klimaatprobleem als individu gaan oplossen of dat we het als collectief organisme gaan redden. Het is ook zeldzaam, in goede fictie, dat activisme wordt gewaardeerd, dat het met echt respect, met mislukkingen en al, wordt behandeld en de heldenmoed erkent van de mensen die hun lichaam op het spel zetten. Ik vond dat Powers dat op een buitengewone manier deed.’

Wat vindt u van wat de Extinction Rebellion-beweging heeft bereikt?

‘Een ding dat ze heel goed hebben gedaan, is ons uit het klassieke campagnemodel laten breken waarin we al lang gevangen zitten, waarin je iemand iets engs vertelt en hem vraagt om op iets te klikken om er iets aan te doen. Dan sla je de hele fase over waarin we met elkaar moeten rouwen en ons met elkaar verbonden voelen en moeten verwerken wat we net hebben gezien. Want dat is wat ik veel van mensen hoor: oké, misschien konden mensen in de jaren dertig en veertig zich buurt voor buurt en werkplek voor werkplek organiseren, maar dat kunnen wij niet. We geloven dat we als soort achteruit zijn gegaan, dat we niet in staat zijn iets te doen. Het enige dat dat geloof gaat veranderen, is elkaar persoonlijk te ontmoeten, in verbondenheid, ervaringen te hebben, weg van onze beeldschermen, met elkaar op straat en in de natuur, en kleine successen te boeken en de kracht tot verandering te voelen.’

U praat over uithoudingsvermogen in uw boek. Hoe blijft u doorgaan? Bent u hoopvol gestemd?

‘Mijn gevoelens over de hoopvraag zijn gecompliceerd. Er gaat geen dag voorbij dat ik géén moment heb van pure paniek, rauwe angst, de volledige overtuiging dat we gedoemd zijn, en dan trek ik mezelf eruit. Ik ben opgeleefd door deze nieuwe generatie die zo vastberaden, zo krachtig is. Ik ben geïnspireerd door hun bereidheid om deel te nemen aan de partijpolitiek, omdat mijn generatie, toen we in de twintig en dertig waren, zoveel argwaan had om onze handen vuil te maken aan de traditionele politiek dat we veel kansen verloren. Wat me nu de meeste hoop geeft, is dat we eindelijk een visie hebben op wat we in plaats daarvan zouden willen, of op zijn minst de eerste ruwe schets ervan. Dit is de eerste keer dat dit in mijn leven is gebeurd.

Bovendien, ik heb uiteindelijk wel besloten om kinderen te krijgen. Ik heb een zoon van zeven die zo volledig geobsedeerd is door en verliefd is op de natuurlijke wereld. Als ik aan hem denk, nadat we een hele zomer hebben gepraat over de rol van zalm bij het voeden van de bossen, waar hij werd geboren in Brits-Columbia, en hoe ze zijn verbonden met de gezondheid van de bomen en de bodem en de beren en de orka’s en het hele schitterende ecosysteem, en ik denk erover na hoe het zou zijn om hem te vertellen dat er geen zalm meer is, dan maakt dat me kapot. Dus dat motiveert me. En het maakt me kapot.’


Dit interview verscheen deze week in The Guardian. De Groene Amsterdammer neemt het vraag-antwoord-deel hiervan over in het kader van Covering Climate Now