Moet Van Gaal weg?

Watjes van Oranje

Na de nederlaag tegen Ierland legde bondscoach Louis van Gaal afgelopen zondag op een persconferentie in Amsterdam een bekende, maar niet onbelangrijke connectie tussen het falen van Oranje, het grote geld en de nationale volksaard.

Na de nederlaag tegen Ierland legde bondscoach Louis van Gaal afgelopen zondag op een persconferentie in Amsterdam een bekende, maar niet onbelangrijke connectie tussen het falen van Oranje, het grote geld en de nationale volksaard: «Het heeft te maken met mentale hardheid — daar ontbreekt het weleens aan. En met cultuur, met de welvaart, met hoe de hedendaagse generatie wordt opgevoed.» Kortom: het nationale elftal bestaat uit een stelletje watjes: verrot tot op het bot door de vaderlandse vleespotten en de miljarden waarop het internationale transfersysteem draait. In een koor kwam maandagochtend de voorspelbare reactie: Louis van Gaal moet weg.

Het gaat veel sportschrijvers te ver de spelers van Oranje direct te beschuldigen van de afgang in Dublin. Dat heeft te maken met een kernbegrip in de sportfilosofie: «Basking in reflected glory». Dit verschijnsel houdt in dat de toeschouwer symbolisch deelt in de overwinningsroes van de spelers, alsof hijzelf op het veld heeft gestaan. Bij verlies volgt geen ontkenning, maar bevestiging van de identificatie met de spelers en de historie waaruit ze voortkomen. De navelstreng tussen «onze jongens», de fans en de collectieve herinnering van het volk is zo sterk dat een vingerwijzing richting Ruud van Nistelrooij, Patrick Kluivert en Phillip Cocu symbolisch kritiek zou betekenen, ten eerste op de toeschouwer zelf en ten tweede op de legendarische strijders van Oranje: Abe Lenstra, Johan Cruijff, Ruud Gullit en de beste van hen allemaal, de stilist Marco van Basten. Het genadeloos uithalen naar de huidige spelers zou heiligschennis zijn — vandaar de gemakkelijke kritiek dat Van Gaal als coach niet deugt.

Sport heeft weinig te maken met het rationele, het nuchtere. In sport kunnen de beste plannen en de duurste spelers het afleggen tegen lef en talent. Een prachtig citaat, voor de wedstrijd van zaterdag opgetekend uit de mond van een oude Ierse sportcommentator, luidt: «De wedstrijd wordt niet gespeeld op papier, maar op gras.» Niet nadenken, maar doen. Toen Kluivert tegen het einde van de wedstrijd de bal voor zijn voeten kreeg — met een open doel en geen Ier te bekennen — viel hij om. Zoals Van Nistelrooij in de eerste minuten omviel toen hij een soortgelijke kans kreeg. Beide spelers ontbrak de mentale hardheid te scoren.

Wat mentale hardheid wel inhoudt, bleek zaterdag aan de andere kant van de wereld, in een andere tak van sport. In Sydney streden de nationale rugbyteams van Australië en Nieuw-Zeeland om de Tri-Nations-titel. In de tweede helft overweldigden de All Blacks van Nieuw-Zeeland de Wallabies van aanvoerder John Eales, die zijn laatste wedstrijd speelde. Een minuut voor tijd moest Eales beslissen: een penalty nemen waardoor het verschil met de All Blacks tot een punt zou worden teruggebracht — en dan maar hopen dat er nog in blessuretijd kon worden gescoord — of kiezen voor een spelvoortzetting waardoor zijn team een kans zou krijgen te gaan voor de winst. Eales huiverde geen moment; hij koos de alles-of-niets-optie. En in de laatste seconden van de wedstrijd scoorde Australië de winnende try. De Wallabie-aanvoerder keek in de camera en lachte als een elfjarig jongetje. Niemand rugbyde ooit met meer plezier dan John Eales.

Al jaren ontbrak het Oranje aan voldoening op het voetbalveld. Berichten over dure transfers trokken meer aandacht dan de prestaties van de sterspelers. Voetbal is nu een miljardenbezigheid geworden. Alle analyses van zaterdag maakten melding van de tientallen miljoenen guldens die de uitschakeling van Oranje het Nederlandse bedrijfsleven gaat kosten.

Kunnen puur plezier in het spel, passie en de begeerte te winnen gedijen in een land waar alles zo goed geregeld is? Waar de welvaart een gezapige levenswijze in de hand werkt? Het is geen toeval dat het Engeland van Margaret Thatcher een generatie voetballers heeft opgeleverd die de Duitsers afgelopen zaterdag heeft verslagen met 5 tegen 1. Zoals het geen toeval is dat grote sportlanden als China, Amerika, Rusland, het voormalige Oostblok, Australië en Zuid-Afrika in meer of mindere mate repressieve maatschappijen hebben of hadden.

Hoe hard moet je zijn om de top te bereiken in sport? Wellicht harder dan men in Nederland lief is, wat misschien wel een groot compliment is richting elf beschaafde, aardige, superrijke jongens die in felle oranjeshirts onderuitgingen op het groene gras van Lansdowne Road.