Christiaan Weijts schrijft een toespraak voor Ronald Plasterk

We doen dit voor jullie

Deze maand startte de bodemprocedure die de coalitie ‘Burgers tegen Plasterk’ aanspande tegen de Nederlandse staat. De groep wil dat minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken) de AIVD opdraagt om niet langer informatie te delen met Amerikaanse en Britse inlichtingsdiensten, NSA en GCHQ. Met deze toespraak zou de minister zich kunnen verdedigen.

Medium c

Of het nou in de Tweede Kamer is, in een speelfilm of op de zeepkist in je buurtcafé: toespraken horen we overal. Toch zijn er maar weinig speeches die ons raken, slechts enkele blijven ons collectief bij. Wat is het geheim achter een succesvolle toespraak? Woordkeuze, timing, drama? En hoe kunnen context en spreker bijdragen aan de ultieme redevoering?

Eind mei vond in De Balie het Logos festival plaats, waar de kracht en de rijkdom van het woord werden gevierd. In het Theater van de Voordracht verplaatsten schrijvers zich in politici, met als doel een memorabele speech te schrijven. Zie en lees hier de toespraak van Christiaan Weijts, die deed alsof hij Ronald Plasterk was.

Voorzitter, leden van de rechtbank,

Hoeveel terroristische aanslagen zijn er in de afgelopen tien jaar voorkomen? Ik ken het getal, maar kan het niet met u delen. Daarom beperk ik me tot wat in de kranten heeft gestaan. Vorig jaar zijn drie al-Qaeda-leden jaar opgepakt dankzij werk van de Nederlandse AIVD. In november 2013 is in het Vlaams-Limburgse Maaseik een terrorist opgepakt die lid is van de terreurcel achter de aanslagen in Casablanca en Madrid. Ook in Duitsland, Frankrijk, Denemarken en Spanje zijn regelmatig terroristen opgepakt, grote aanslagen verijdeld, netwerken ontmanteld.

Ik kan u verzekeren: dit is maar een deel van wat de inlichtingendiensten door internationale samenwerking bereiken. Een geheime dienst handelt per definitie geheim. Als ik alles naar buiten bracht wat onze AIVD bereikt, zou ik het werk van die dienst tegenwerken.

Dat maakt mijn verdediging in deze zaak dan ook lastig. Hoe kan ik mij verdedigen voor iets wat geheim moet blijven? Hoe verdedig ik mij zonder staatsgeheimen prijs te geven? Hoe verdedig ik mij zonder een gevaar te zijn voor uw eigen veiligheid, voor mijn veiligheid, voor de veiligheid van elke Nederlander? Hoe verdedig ik mij zonder de indruk te wekken dat ik de ene goocheltruc uitleg door een andere uit te voeren?

Dat is lastig, en tegelijkertijd is er een heel simpel antwoord. Kijk om u heen. Of de AIVD haar werk goed doet, kunt u zelf vaststellen. Kijk om u heen. Dat er zo weinig terroristische aanslagen plaatsvinden in ons land en in onze buurlanden komt niet doordat de dreiging is verminderd. Welnee, we zien dagelijks hoe internationale spanningen toenemen, en hoezeer mensen uit die conflictgebieden ook hier in het West-Europa actief zijn. We zien het dagelijks en toch kunnen we onbekommerd reizen, winkelen, werken en in vrijheid leven.

Als bioloog vergelijk ik de geheime dienst graag met ons immuunsysteem. Van al die witte en rode bloedlichaampjes merken we niets. Juist dat is een bewijs dat ze goed werk leveren. Deden ze dat niet, dan werd dat ons al snel fataal.

Tegen de coalitie van burgers die bezorgd is over de werkwijze van onze geheime diensten zou ik willen zeggen: wij doen dit voor jullie. Als onze inlichtingendiensten gegevens over ons telefoonverkeer verzamelen is dat niet omdat wij willen weten hoe vaak u met uw schoonmoeder belt, met wie u op zaterdagavond afspreekt of wie uw zakelijke partners zijn. Sterker nog: de inhoud van die gesprekken of sms’en blijft ook voor de AIVD onzichtbaar. Pas als u daadwerkelijk verdachte bent van ernstige strafbare feiten kan de recherche, na toestemming van een rechter, toegang krijgen tot die inhoud.

In deze zaak gaat het alleen om metadata: welk nummer belt hoe lang en wanneer met welk nummer? Welk nummer sms’t welk nummer. Op die manier kunnen verdachte patronen en netwerken aan het licht komen. Kúnnen. De burgers die deze zaak gestart zijn wijzen er zelf al op: de metadata is voor een groot deel volstrekt onbruikbaar.

Dat is helemaal waar. Metadata is een reusachtige hooiberg, waarin een speld gauw zoek raakt. Het is maar één van de manieren waarop wij ons land beschermen tegen terrorisme.

Toch zou ik het betreuren als we dit kanaal niet zouden gebruiken. Toch zou ik het betreuren wanneer er een terreuraanslag zou plaatsvinden met de omvang van 11 september of de aanvallen op de Londense metro en we achteraf moeten zeggen: dit hadden we kunnen voorkomen, als de AIVD maar had samengewerkt met Amerikaanse en Britse veiligheidsdiensten.

Zelfs als hierdoor maar één leven tegen een aanslag beschermd kan worden – Theo van Gogh, Pim Fortuyn – dan nog is die samenwerking niet voor niets geweest. Hoe zouden we ooit als er een zoon, een vader, een dochter of een moeder omkomt bij een aanslag, tegen nabestaanden kunnen zeggen: er was informatie, maar die mochten we niet inzien? Hoe zouden we tegen de samenleving kunnen zeggen: er was informatie, maar geen bevoegdheid?

Wij doen dit, burgers, voor jullie.

Dat jullie je zorgen maken om jullie privacy is heel begrijpelijk. President Obama zei: ‘Honderd procent veiligheid én honderd procent privacy is onmogelijk.’ Ik ben dat niet met Obama eens. Die uitspraak suggereert namelijk een schijntegenstelling. Alsof je bij negentig procent veiligheid nog maar tien procent privacy hebt. Alsof er bij tachtig procent privacy nog maar twintig procent veiligheid overblijft.

Privacy en veiligheid zijn geen communicerende vaten. Evenmin kun je ze meten in cijfers. Het streven van het kabinet, van mij en van de AIVD is om ze allebei maximaal te beschermen. Juist daarom beperken we ons tot die metadata. Juist daarom bekijken we het dataverkeer niet inhoudelijk. Juist daarom lezen we geen sms-berichten, e-mails of Apps.

Ik draag wel eens een hoed. Of een baard. Toch ben ik geen spion. Het kabinet is geen spion. De AIVD is geen spion.

De AIVD is als de postbode die de envelop alleen aan de buitenkant ziet. Nee, zelfs nog minder: alleen de postcodes en huisnummers. Welke nummer schrijft aan welk nummer? Stel jezelf de vraag: vind ik dit werkelijk een te hoge prijs voor bescherming tegen terreur?

Wij doen dit voor jullie.

Met opzet laat ik hier buiten beschouwing dat de meesten van jullie gebruik maken van Facebook, Twitter, Gmail en andere Amerikaanse diensten waarvan de inhoud hoogstwaarschijnlijk wél door de veiligheidsdiensten van de Verenigde Staten kan worden ingezien. Daar maken ze de enveloppen wél open. En bovendien wordt de inhoud ook nog eens voor commerciële doeleinden verhandeld.

Ik wil het hier niet hebben over jullie onverschilligheid tegenover die geopende en verhandelde enveloppen, terwijl jullie wel procederen vanwege die postcoderegistratie.

Nee, het gaat mij om iets belangrijkers. Samenwerking. Ja, we delen informatie met geheime diensten van bevriende staten. Terroristen werken in internationale netwerken. Ze bestrijden lukt dan ook alleen met internationale netwerken van veiligheidsdiensten.

Stel je voor dat wij, zoals deze groep van burgers eist, onze samenwerking met Amerika en Groot-Brittannië zouden opzeggen. Dan zouden we ons extreem kwetsbaar maken voor terrorisme. Dan werd ons land onmiddellijk een toevluchtsoord voor de verschrikkelijkste terreurcellen, die weten dat ze in Nederland onder de radar blijven.

Als dat is wat de rechter wil, dan moet hij de coalitie van burgers in het gelijk stellen.

Ik zelf zou voor zo’n beslissing nooit verantwoordelijk willen zijn.


Beeld: De Balie/Jan Boeve