We komen er niet uit

Nog steeds kan ik sentimenteel worden als ik denk aan het ‘engagement’ dat we hadden in de jaren zeventig. Ik bemerk dat engagement, dat tegenwoordig dus ‘betrokkenheid’ heet, nu wéér. Alleen heb ik mijn jasje gekeerd: van binnen naar buiten, van links naar rechts. Maar een paar vrienden van mij, leeftijdgenoten dus, denken nog zoals ik vroeger dacht.

Medium opheffer 35 2012 engagement

We zijn nog steeds goede vrienden, we lachen om dezelfde melige grappen en in uiterlijk verschillen we ook niet zo veel van elkaar.

We verschillen in politieke opvattingen.

‘Ik snap het niet’, open ik wel eens het tafelgesprek, ‘jullie houden net als ik van kunst en literatuur, van de ratio, van mooie gerechten, mooie spullen. Jullie zijn allemaal huizenbezitters, autobezitters, sommigen van jullie bezitten een tweede huis in Frankrijk of Italië. Waarom zijn jullie nog sociaal-democraat?’

Het antwoord dat ik dan eerst krijg is ook gevat in een vraag: ‘Waarom ben jij het niet meer?’

Maar na wat gegrap heen en weer is het antwoord dat ik opmerkelijk vaak krijg: ‘Mijn ouders waren ook rood. Zonder de sociaal-democratie had ik niet kunnen studeren, want mijn ouders hadden het niet rijk. Ik heb echt de indruk dat de sociaal-democratie ervoor heeft zorg gedragen dat er meer gelijke kansen zijn gekomen voor iedereen, maar met name voor degenen die het niet zo rijk hebben.’

Ze hebben vermoedelijk gelijk, dat was ooit zo. Maar nu niet meer. Eigenlijk hanteren ze sentimentele overwegingen; ze handhaven een ideologie waarvan de houdbaarheidsdatum is overschreden tegen beter weten in, verwijt ik ze altijd. Want als ze werkelijk onderwijs belangrijk vinden, dan kunnen ze ook terecht bij D66. Als ze werkelijk koopkracht voor de armsten belangrijk vinden, lijkt me de SP beter, en wanneer ze werkelijk denken dat mensen geholpen worden door meer werk, stem dan op de VVD. Wil je daadwerkelijk solidair zijn met Nederland en de Nederlanders, dan is de PVV toch een optie die ook wat betreft de zorg behoorlijk sociaal is.

Zo brengen we de avond door met discussies. Vind je het belangrijker dat islamieten niet gediscrimineerd worden, of wil je een betere zorg, zoals de PVV zegt? Wil je echt de rijken laten meebetalen aan de bezuinigingen zoals de SP en neem je dan het risico dat diezelfde rijken het land zullen verlaten?

Maar opmerkelijk vaak praten we de laatste tijd over Europa.

Dan stokt het gesprek. Met ideologie lijk je dan niet verder te komen; de ratio kun je niet in stelling brengen omdat niemand weet hoe over de zaken te denken; intuïtie blijkt zelden een goede raadgever. Hoewel sommigen onder ons econoom zijn, komen we er niet uit.

De Europese Unie was bedoeld om nazisme geen kans meer te geven, om de agressie van die ideologie te laten verwateren in een gemeenschap waardoor landjepik niet meer nodig was. Mooi. Maar nu dat kindje groter wordt en in de puberteit terechtkomt en op eigen benen wenst te staan, merken we dat het een eigen willetje heeft en zich niet laat sturen. Zelfs sentimenteel ideologiseren helpt niet. (‘Nooit meer oorlog, laat dat de leidraad zijn.’)

Er moet een antwoord gegeven worden. Moet ik solidair zijn met de Grieken? Maar juist in Griekenland openbaart zich een modern fascisme bij de groep die uiteraard het armst is en die groep is tegen Europa. In Spanje is de helft van de jeugd werkloos, maar hier loopt de werkloosheid ook op. Moet je in je werkloosheid ook sociaal zijn?

Niemand van mijn vrienden – van SP tot PVV (al is dat feitelijk geen tegenstelling), van links tot rechts, van socialist tot liberaal – vindt het een bezwaar om een groot deel van zijn salaris of loon in te leveren als het helpt. Maar wie weet wat helpt?

Niemand!


Beeld: Milo