Links in Europa - Podemos op weg naar de macht

‘We nemen onze dromen uiterst serieus’

In navolging van het Griekse Syriza vertolkt Podemos in Spanje een geluid dat in Europa veel weerklank vindt: er is genoeg bezuinigd, het is tijd voor verandering. ‘De kaste moet worden weggestuurd.’

Medium podemos1

‘Dat zijn toch prachtige kleuren?’ Ignacio Albero (43) kijkt naar de rood-geel-paarse vlaggen van de demonstranten op de stoep van de Banco de España. Het is de driekleur van de Tweede Spaanse Republiek die generaal Franco na een bloedige burgeroorlog in 1939 afschafte. ‘Het was de eerste en enige echte democratie in Spanje. Nu bevinden we ons in een dictatuur vermomd als democratie.’

Paars – de kleur die in de huidige vlag ontbreekt – overheerst op zaterdag 31 januari in het centrum van Madrid. Het is de kleur van Podemos (‘We kunnen’), de nieuwe partij die vandaag met ruim honderdduizend aanhangers vanuit het hele land naar de hoofdstad is gekomen voor de ‘mars van de verandering’. Albero is vanochtend vroeg met de bus vanuit de noordelijke regio Navarra vertrokken om erbij te kunnen zijn. ‘Podemos is de enige geloofwaardige partij in heel Europa.’

De manifestatie vormt de aftrap van een cruciaal verkiezingsjaar. In mei gaat Spanje naar de stembus om de lokale en regionale regeringen te kiezen en eind dit jaar volgen de landelijke verkiezingen. 2015 moet het jaar zijn waarin ‘het gewone volk de democratie herovert, die is gekaapt door een corrupte minderheid, die altijd overal mee weg kwam en zichzelf boven de wet en de stembusuitslagen plaatste’, aldus de deelnemersgids voor de mars.

Podemos vertolkt een geluid dat in Europa veel weerklank vindt: er is genoeg bezuinigd, er is lang genoeg geluisterd naar de wensen van mevrouw Merkel, het is tijd voor verandering. In Griekenland boekte Syriza een overtuigende verkiezingszege en in Spanje is Podemos in de opiniepeilingen met 28 procent van de stemmen uitgegroeid tot de grootste partij. Is er inderdaad sprake van de ‘syrizificatie’ van Europa, zoals James Meek de opmars van de socialistische anti-austerity-partijen onlangs omschreef in de London Review of Books? Als het aan de betogers in Madrid ligt wel. Op bordjes valt te lezen: ‘Griekenland, 10; Merkel, 0; España, Podemos’.

De mars waarmee het ‘jaar van de verandering’ wordt ingeluid, brengt Podemos terug naar de plek waar een kleine drie jaar geleden de kiem werd gelegd voor het succes: de Madrileense straten. Het is 15 mei 2011 wanneer hoogleraar politicologie Pablo Iglesias zijn studenten tegenkomt op Puerta del Sol, het centrale plein van de Spaanse hoofdstad. Net als tienduizenden verontwaardigde Spanjaarden zijn zij de straat op gegaan om hun onvrede met het politieke bestel te uiten. Deze massale protestbeweging, die later bekend zal komen te staan als Indignados (‘Verontwaardigden’) of de Movimiento de 15M (15 Mei Beweging), vormt de voorbode van de wereldwijde Occupy-protesten. De studenten van Iglesias proberen hun medebetogers tevergeefs te overtuigen van het belang van het marxistische gedachtegoed. Tot hun frustratie heeft de overgrote meerderheid geen boodschap aan de klassieke linkse retoriek. ‘Ze begrijpen er niets van’, verzuchten ze tegen hun professor. ‘We zeggen tegen ze dat ze arbeiders zijn. Ook al beseffen ze het zelf niet.’ Iglesias reageert stoïcijns op zijn moedeloze leerlingen, zo vertelt hij later op een persconferentie: op zo’n moment zijn theoretische analyses irrelevant, hoe juist ze ook mogen zijn. ‘In de politiek gaat het er niet om of je gelijk hebt, maar of je successen boekt’, leert hij hun.

Pablo Iglesias is inmiddels uitgegroeid tot het boegbeeld van Podemos. Samen met Syriza vormt Podemos een links front tegen het in hun ogen desastreuze bezuinigingsbeleid van de EU. Griekenland en Spanje hebben veruit de hoogste werkloosheidscijfers van Europa (26 en 24 procent). Met name onder jongeren is de situatie schrijnend: meer dan de helft van de Spanjaarden onder de 25 zit zonder baan.

Iglesias is een vlijmscherp debater, weet zijn publiek te bespelen en is theoretisch sterk onderlegd

Zowel Syriza als Podemos is een uitgesproken anti-establishmentpartij. Ze gaan hevig tekeer tegen de ‘corrupte’ politieke elites in hun landen en zijn niet wars van een vleugje populisme. Als Iglesias over zijn politieke tegenstanders spreekt, heeft hij het regelmatig over ‘el enemigo’, de vijand. ‘De 15M Beweging was beslissend voor de opkomst van Podemos’, zegt Carlos Frade, hoogleraar sociologie en actief Podemos-lid, vanuit Manchester waar hij verbonden is aan Salford University. ‘Die protesten brachten de breuk in de Spaanse samenleving aan het licht. Alle leuzen van de betogers gaven uiting aan die gevoelens: “Zij vertegenwoordigen ons niet.” “Ze noemen het democratie, maar dat is het niet.” Het was een duidelijk signaal dat een groot deel van het volk zich uitgesloten voelde.’

Podemos nam ‘Democracia Real YA!’ (‘Echte democratie NU!’) – een andere slogan van de Indignados – als organisatorisch basisprincipe. Het leiderschap wordt gekozen middels een online stemming waarbij iedereen zich kandidaat kan stellen en iedereen die zich inschrijft kan meebeslissen. Op de pleinen van de Spaanse steden vormden zich in 2011 spontaan groepjes die met elkaar redetwistten over de oorzaken van de politieke en economische malaise en nadachten over oplossingen. Podemos heeft die decentrale overlegstructuur binnen de partij proberen te behouden: er zijn honderden lokale ‘cirkels’ van vrijwilligers die in kleine kring bijeenkomen om politiek-maatschappelijke thema’s te bediscussiëren.

‘Normaal gesproken zijn we met zo’n twintig mensen, maar we zitten midden in de examenperiode’, zegt Nerea Fulgado, een 26-jarige studente journalistiek. Het is donderdag 29 januari, twee dagen voor de mars. In een klaslokaal van de filosofiefaculteit van de Universidad Complutense de Madrid hebben vijf Podemos-leden zich verzameld voor een cirkelvergadering. De een hangt uit het raam om een sjekkie te roken, de ander zit in kleermakerszit op het bureau en discussieert met een derde die nonchalant tegen de vensterbank leunt. Een half uur lang babbelen de leden gemoedelijk over ditjes en datjes. Er druppelen nog een paar laatkomers binnen. Ook nadat de agendapunten op het schoolbord zijn gekalkt blijft de sfeer ontspannen. Een enkeling steekt netjes zijn vinger op om de beurt te vragen, maar het merendeel valt elkaar amicaal in de rede. Er staan voornamelijk praktische zaken op de agenda: commissies worden gevormd, taken verdeeld en evenementen gepland.

Na afloop vertelt Álvaro Novillo (26) waarom hij actief is binnen Podemos: ‘Het regime moet veranderd worden. De kaste moet worden weggestuurd en het land moet weer in handen komen van de burgers.’ Hij lacht als hij beseft dat hij de standaardriedel opdreunt. Dan volgt een lijst met concrete verbeterpunten: een ander belastingstelsel (‘de multinationals moeten hun verantwoordelijkheid nemen’), betere publieke voorzieningen en een eerlijkere democratie. ‘Of eigenlijk een democratie überhaupt, want wat we nu hebben is geen democratie.’

Afgelopen mei boekte Podemos een even onvoorzien als indrukwekkend resultaat bij de Europese verkiezingen: ze behaalde acht procent van de stemmen en vijf van de 54 Spaanse zetels in het Europees Parlement. Het was de vrucht van een onconventionele campagne die aansloeg bij de vele Spanjaarden die het traditionele duopolie van de socialistische psoe en de regerende conservatieven van de Partido Popular zat waren. ‘Wanneer was de laatste keer dat je met verwachting stemde?’ luidde de campagneslogan. De afkeer tegen de gevestigde politieke orde maakte de beweging tot speerpunt van haar verkiezingsstrijd.

Medium podemos2
‘De campagneleider noemt de organisatie een electorale oorlogsmachine. Ze praten over Podemos als een merk’

‘De omstandigheden waren in mei optimaal voor Podemos’, verklaart politicoloog José Fernández-Albertos. Vanachter zijn bureau op de derde verdieping van het onderzoekscentrum voor geesteswetenschappen, een massief gebouw van rode bakstenen en glas dat uit de toon valt in de bescheiden Madrileense buitenwijk, somt hij op: ‘Je kunt het beleid van de regeringspartij aanvallen, de Europese verkiezingen hebben in tegenstelling tot de landelijke een lage kiesdrempel, en je hoeft na de verkiezingen geen regering te vormen en dus niet openlijk compromissen te sluiten.’

De felle retoriek van Podemos is volgens Fernández-Albertos onderdeel van een uitgekiende strategie: ‘Het dient om een heterogene groep te verenigen. De demonstranten van de 15M Beweging wisten niet goed wat hun centrale boodschap was, inhoudelijk waren ze erg verdeeld. Podemos heeft zich simpelweg afgevraagd hoe ze deze diverse groep als eenheid kon mobiliseren. Daarvoor gebruiken ze het discours over corruptie en de “politieke kaste”. Wat het precies inhoudt is niet altijd even duidelijk, maar het is wel effectief.’

‘Presidente! Presidente! Presidente!’ scandeert de massa op Puerta del Sol als Iglesias zaterdag 31 januari rond half drie het podium betreedt. ‘Nu is het moment’, staat er op zijn spreekgestoelte. Iglesias begint met de zinnen die tijdens zijn toespraak als een mantra terugkeren: ‘We dromen, maar wij nemen onze dromen uiterst serieus.’ Meermaals wordt hij onderbroken door enthousiaste kreten uit het publiek. ‘Si, se puede!’ (‘Yes, we can!’) klinkt het dan massaal. Iglesias spreekt over de ‘arrogante aristocraten’ die in de weg staan van het volk dat droomt van een beter vaderland. ‘Maar we zijn niet naar Puerta del Sol gekomen om te dromen, maar om onze dromen uit te laten komen in 2015.’ Dit jaar komt de verandering, belooft hij. ‘We gaan de verkiezingen winnen van de Partido Popular!’

Met zijn lange bruine haar in een paardenstaart gebonden, ringbaardje en nonchalante kledij (nooit in pak) heeft de 36-jarige Iglesias het voorkomen van een muzikant. Toch beheerst hij het politieke spel tot in de puntjes. Hij is een vlijmscherp debater, weet zijn publiek te bespelen en is theoretisch sterk onderlegd. Op YouTube zijn honderden fragmenten van hem te vinden waarin hij de gebreken van het mondiale kapitalisme blootlegt, zich kwaad maakt over het Brusselse bezuinigingsbeleid en de zittende politici bedient van een welgemeend J’accuse…! Iglesias past in een lange Spaanse traditie van personalismo, waarbij een sterke, charismatische leider de verpersoonlijking vormt van de politieke ideologie van een partij.

‘De 15M Beweging was volledig horizontaal georganiseerd. Het ontbrak aan leiders en constructieve voorstellen voor politieke verandering’, zegt Frade vanuit Engeland. ‘Podemos kampt nu met het tegenovergestelde probleem. Ze steunt te veel op een leidersfiguur.’ Frade maakt een onderscheid tussen ‘electorale politiek’ – het verleiden van kiezers om zoveel mogelijk stemmen te behalen – en ‘popular politics’ – het actief betrekken van burgers bij het bepalen van de koers. De bijeenkomsten in de cirkels en de transparante besluitvorming onderscheiden Podemos volgens hem daadwerkelijk van andere partijen. De laatste tijd ziet Frade echter met lede ogen aan dat het zwaartepunt verschuift naar de electorale politiek. ‘De campagneleider noemt de organisatie een electorale oorlogsmachine. De leiding praat over Podemos als een merk.’

De partijbijeenkomst van afgelopen oktober betekende volgens Frade een cruciaal kantelpunt. Zo’n vijfduizend Podemos-leden hadden zich verzameld in het Palacio de Vista Alegre in Madrid. Daar zou besloten worden over de organisatiestructuur waarmee Podemos het komende campagnejaar in zou gaan. Er werden twee voorstellen gepresenteerd. Het ene voorstel, ontworpen en gedragen door Iglesias en zijn team, bepleitte een centrale structuur waarbij het partijbestuur meer bevoegdheden zou krijgen. Het andere, een synthese van verschillende plannen, benadrukte de inspraak van leden. Het voorstel van Iglesias werd op de vergadering met weinig enthousiasme ontvangen, maar werd een paar weker later tijdens een online stemming met een overtuigende meerderheid aangenomen. Het overgrote deel van de ruim honderdduizend kiezers stemde op Iglesias’ voorstel, simpelweg omdat het bekende gezicht van de partij zijn naam eraan had verbonden. Popular politics legde het hier af tegen electorale politiek.

‘Podemos wordt geleid door hoogleraren van dezelfde faculteit. Ongelooflijk. Je moet diversiteit hebben’

De grijze gebouwen op de Ciudad Universitaria, het uitgestrekte campusterrein van de Complutense-universiteit, zitten onder de graffiti: de communistische hamer en sikkel en de anarchistische omcirkelde ‘A’ wisselen elkaar af. In rood gespoten: ‘Strijd zonder leiders’. Op een andere muur, in paars: ‘Noch bezuinigingen, noch armoede – antiausteridad’. In de entree van de filosofiefaculteit staan vier borden met daarop de foto’s van de 43 verdwenen Mexicaanse studenten. ‘Wij zijn allemaal Ayotzinapa’, staat ernaast geschreven. Vrijwel het hele bestuurlijke secretariaat van Podemos is afkomstig van deze universiteit in Madrid.

De campus Somosaguas, met de faculteit politicologie en sociologie waar Iglesias zijn diploma behaalde en vervolgens doceerde, ligt zo’n tien kilometer zuidelijker. De dag voor de mars is het terrein uitgestorven: de examens zijn afgelopen en de gebouwen gesloten. Voor de dichte deur staat Adrián Ubach (28). Hij is net afgestudeerd als politicoloog en wilde zijn diploma komen ophalen. Acht jaar lang volgde hij les op de plek die nu bekend staat als de geboorteplaats van Podemos. ‘Het is hier compleet anders dan elke andere universiteit’, zegt hij. ‘Overal is activisme. De een is aanhanger van Podemos, de ander is communist en weer een ander anarchist. Die groepen botsen constant.’

Adrián is communist, hij stemt niet op Podemos. Toch praat hij met bewondering over Iglesias: ‘Hij was een fantastische professor, theoretisch is hij ijzersterk. Ik volgde een klas van hem en Iñigo Errejón (campagneleider van Podemos – jt): cinema, politieke identiteit en hegemonie. We keken films, analyseerden die vanuit verschillende theorieën en discussieerden na afloop. Vooral Antonio Gramsci was belangrijk: hoe wordt een hegemonie geconstrueerd en wat zijn manieren om die te bestrijden.’

Carlos Frade vindt het onbegrijpelijk dat vrijwel het hele leiderschap bestaat uit collega’s van dezelfde universiteit. ‘Er wordt vaak gezegd dat Podemos wordt geleid door intellectuelen. Maar het zijn wel allemaal hooglaren van dezelfde faculteit! Dat is toch ongelooflijk. Je moet diversiteit in de partijtop hebben. Sommigen hebben geprobeerd dit bij Iglesias aan te kaarten, maar hij houdt zich doof. Nog los van de principiële bezwaren is het ook een tactische blunder. Tegenstanders vallen Podemos hierop aan. En terecht. Hoe wil je wezenlijke veranderingen in de samenleving teweegbrengen als alle beslissingen worden genomen door een hecht groepje collega’s?’

Een ander verwijt is dat de Podemos-leiding heult met dubieuze regimes. Als het aan Iglesias ligt, gaat Spanje in de richting van Venezuela, waarschuwen zijn opponenten. In televisieoptredens heeft Iglesias het Venezolaanse regime meermaals verdedigd en het is geen geheim dat ook andere leidersfiguren van Podemos nauwe banden onderhielden met de Latijns-Amerikaanse staat. Zo was Errejón in dienst van een ngo die advieswerk verrichtte voor Hugo Chávez en werkte medeoprichter en partijideoloog Juan Carlos Monedero van 2005 tot 2010 rechtstreeks als adviseur voor de Venezolaanse overheid.

‘Links of rechts zijn is een van de ontelbare wijzen die de mens kan uitkiezen om een imbeciel te zijn.’ Deze quote van de Spaanse filosoof José Ortega y Gasset lijkt Podemos voor ogen te houden nu ze komend jaar het Spaanse volk moet overtuigen om haar een kans te geven te regeren. Hoewel Iglesias in zijn jongere jaren lid was van de Jonge Spaanse Communisten en een groot deel van de partijleden uit activistische antiglobalisen bestaat, presenteert Podemos zich de laatste tijd steeds meer als partij die de traditionele links-rechts-scheiding overbrugt. Tenslotte gaat het volgens Iglesias niet om ideologie, maar om de politieke successen.

Net als haar Griekse medestanders heeft Podemos haar toon gematigd en haar economische plannen ontdaan van scherpe randjes. Het voorstel voor een basisinkomen is afgezwakt tot een subsidie voor iedereen zonder inkomen, en wilde Podemos de pensioenleeftijd eerst nog verlagen naar zestig, in het programma dat in november werd gepresenteerd werd dat 65. Om het anti-Europese stigma af te schudden benadrukt de partij dat de toekomst van Spanje binnen de EU en de euro ligt.

‘Syriza functioneert als een soort gids voor Podemos’, zegt Fernández-Albertos. ‘Wat daar gebeurt, en met name hoe dat geïnterpreteerd gaat worden, zal bepalend zijn voor het succes van Podemos. Er heerst nu onrust op de financiële markten en de nieuwe Griekse regering neemt beslissingen – zoals het tegenhouden van privatiseringen – die een sterke symbolische waarde hebben. Hoe zich dat verder gaat ontwikkelen is cruciaal. De mensen weten op dit moment niet wat een Podemos-overwinning in zou houden.’

Terwijl Puerta del Sol langzaam leegloopt, zwaait Fernando Fernández (48) nog fanatiek met een stok met daaraan de vlag van de Tweede Republiek en de Griekse vlag. ‘Wat er in Griekenland gebeurt is een spiegel voor Spanje’, zegt hij. ‘Syriza en Podemos strijden voor dezelfde doelen en voor het hetzelfde Europese volk. De Europese burger heeft er genoeg van.’ Een kleine vrouw van middelbare leeftijd loopt voorbij en kijkt hem vol afschuw aan. ‘Waar zijn jullie mee bezig? Jullie zijn een schande! Moordenaars!’ tiert ze. Fernández haalt zijn schouders op: ‘Ach, er zijn nog altijd fascisten in Spanje.’

Een groepje Griekse toeristen heeft zijn vlag in de gaten en wil met hem op de foto. Nikos (46) is trots. Hij gelooft dat zijn land het voortouw heeft genomen. ‘Het is het begin van een revolutie in Europa.’