Televisie: Zomergasten

We zijn weer begonnen

‘Noem hem “slecht ter been”, maar doe het met respect’, sprak Mart Smeets toen hij Gerrit Voorting opzocht, winnaar van zilver in de wielerwegwedstrijd van Londen 1948. ‘U bent onze oudste nog levende medaillewinnaar’, voegde hij toe, en liet de zwaarste stilte vallen.

Voorting gaf er niks voor: fietsen gaat niet meer. Mart: ‘Geweldige man, hij wil nog zo graag fietsen’, alsof terugverlangen naar gezondheid voorbehouden is aan gewezen sporthelden. Tel op bij die opening waarin ouderdomsmakkes dubieus zijn doch respect verdienen in geval van behaalde medailles, en je Smeets-afkeer is weer op peil. Zijn pompeuze flauwekul even erg als slechte toneelstukjes inzake dopinggebruik en een door Vinokoerov voor de ogen van de wereldbevolking van Uran gekochte gouden medaille. Vakman, dat wel. In marathonprogramma’s toont hij het uithoudingsvermogen van een renner die de voorjaarsklassiekers en alle grote rondes rijdt.

Daarbij is Jan Leyers met één wekelijkse gast een verwende voetbalprof. Want we zijn weer begonnen. Met Olympia, met Zomergasten. De receptie van die laatste meteen raak. Arnon Grunberg stelde vast dat hij zelden iemand met zoveel overgave het ene cliché na het andere had horen verkondigen als Henny Vrienten en dat Leyers nauwelijks voor hem had ondergedaan. Geheel in lijn met de heersende opinie over Zomergasten, zij het dat meestal óf de gastheer óf de gast niet deugt. Bij Grunberg lijkt het oordeel niet door jaloezie ingegeven. Maar overigens speelt die vaak een rol omdat het de geheime wens van ontelbaren is om gevraagd te worden. Zoals Sanne Wallis de Vries verbeeldde in Volgende fragment, Roel van Broekhovens terugblik bij 25 jaar Zomergasten. Maar is het niet voor ieder die wel eens wat gezien en gelezen heeft, plus een beetje geldingsdrang, heel wel mogelijk te dromen over een avond vol favoriete fragmenten? Meer kwestie van geheugen dan talent. Helaas voor ons stervelingen, op talent worden gasten gekozen in de verwachting dat dat tot een gesprek leidt dat het dia-avondje verre overtreft.

Toch blijft Zomergasten onvergetelijke gevechten en momenten of zelfs avonden van schoonheid en/of waarheid opleveren, zoals ­Volgende fragment bevestigde. Dat programma, van een niveau het onderwerp waardig, kende maar twee makkes. De omissie van Krijn ter Braak als grondlegger; en het geen recht (kunnen) doen aan het onschatbaar belang van ­gekozen ­fragmenten. Neem die seizoens­opening: ik vond het al behoorlijk meevallen met de clichés, maar de fragmentencompositie van Vrienten mocht er helemaal wezen. Origineel en fraai. Vrientens perfectionisme en ernst gaven het een zekere nadrukkelijkheid. Tegen priesterlijkheid, ook in atheïstische variant, moet je kunnen.

Leyers is dienstbaar en niet uit op knokken. Misschien treuzelt hij iets te veel: Vrienten was teleurgesteld over te veel vervallen fragmenten, Micha Wertheim wilde verder waar Leyers draalde. Was de avond met Vrienten breed opgezet en bedaagd, die met Wertheim was thematisch compacter, weerbarstig, nerveus, ongemakkelijk en, vond ik, ijzersterk. In het eerste fragment uit This American Life zette hij de zaak, inclusief Zomergasten en zichzelf, op scherp. Zoals hij bijna elk woord dat hij zei in overbewustzijn prompt bijstelde – even vermoeiend als spannend. Wertheim is familie van Raoul (Eerlijk Heerlijk) Heertje in het ontmaskeren van Hare Majesteit Televisie en haar vertekenende methoden en mechanismen. En in het besef dat humor en pijn verweven zijn.


Zomergasten, zondags rond half negen des avonds, Nederland 3