Deze week

Week 16

Hollandse reuzen

Toen de Amerikaan Burkhard Bilger langs de grachten van Delft en Amsterdam kuierde, overviel hem een merkwaardige sensatie. Het voelde alsof hij lopend tussen de mensen aan het verdrinken was. Dat kwam niet doordat het zo druk was en hij ten onder ging in de mensenmassa, nee, hij ontdekte dat de mensen om hem heen bijna allemaal langer waren dan hijzelf. En dat is hij niet gewend, want met zijn vijf feet tien (een kleine 178 centimeter; een foot is 30,47 cm en een inch 2,54 cm) is hij juist een inch langer dan de gemiddelde Amerikaan.

In The New Yorker schrijft Bilger over verschillende lengtes in verschillende naties (met toepasselijk een illustratie van de Nederlander Joost Swarte) en poogt hij de lezer te betrekken in de verbijstering die hem bevatte toen hij op stap ging in Holland. «Nederland, zoals elke Europeaan u kan vertellen, is een land geworden van reuzen. In een eeuw tijd zijn de Nederlanders van een van de kleinste volkeren van Europa een van de grootste ter wereld geworden. Van Rotterdam tot Eindhoven zijn plafonds verhoogd, is huisraad herontworpen en zijn bovendrempels opgehoogd om te zorgen dat voorhoofden er niet tegenaan klappen. Veel hotels bieden nu twintig centimeter lange bedverlengers aan, en soms moeten ambulances hun achterdeur openhouden voor de benen van hun patiënten.»

Bilger probeert erachter te komen waarom West-Europeanen nu boven op de hoofden van Amerikanen kunnen kijken. Is het melk? Krimpen Amerikanen door fastfood? Verschil in welvaart is het niet. Of toch? Bilger vaart uiteindelijk op J.W. Drukker, hoogleraar economische geschiedenis aan de Universi teit van Groningen. Drukker toont met statistieken aan dat lengte en bruto binnenlands product een correlatie vertonen. Het verschil met de Hollanders, legt hij uit, is dat zij er na 1850 relatief goed in slaagden om de welvaart ook te spreiden over alle lagen van de bevolking. En die spreiding, die ziet Bilger in de Verenigde Staten op dit moment niet.

Kort verhaal

«De automobilist vloog uit de bocht en reed het kind hard aan.»

Is dit een verhaal? Dat valt te verdedigen. Het heeft een setting, twee personages en een dramatische gebeurtenis waarvan we mogen verwachten dat ze haar effect op de karakters zal hebben.

Maar, eerlijk is eerlijk, echt een boeiend verhaal is het niet en eigenlijk ontbreekt een essentieel onderdeel: een oplossing van de in gang gezette ontwikkeling.

Hoe kort kan een kort verhaal dan zijn?

Zo’n vijfhonderd woorden, heeft de Duitse uitgeverij Blümen gedacht. In een eerste editie geeft Blümen vijf Zigarettenromane uit. Het zijn kleine kartonnetjes die over een sigarettenpakje geschoven kunnen worden, opdat ruimte ontstaat voor een kort verhaal en tegelijk belerende boodschappen uit het zicht worden genomen. Melody van Maxim Biller begint met de zin: «Als Thomas und Melody sich verliebten, war Iva gerade erst zwei Monate tot.» Misschien dat het met een sigaret wat minder jachtig lezen is, maar de vijfhonderd woorden van Melody laten zich toch meer als een spiekbriefje voor het eindexamen lezen.

Het korte verhaal dat de Amerikaanse Shelley Jackson op 2.095 mensen tatoeëert, zou wel eens van een betere lengte voor het korte verhaal kunnen blijken. Maar buiten de dragers van haar verhaal krijgt niemand de tekst te lezen. Het verhaal bestaat alleen op huid en niet op papier. Het zal zo lang bestaan als de dragers in leven blijven. Niks aan te doen. Alhoewel, Jackson heeft nog een kleine vijfhonderd mensendragers nodig voor haar verhaal. Mensen dus die hun lichaam ter beschikking stellen van de literatuur. Men hoeft daarvoor niet af te reizen naar de Verenigde Staten. Alles kan geschieden via internet en in de lokale tatoeagewinkel. Slechts een klein stukje huid op een zelf te verkiezen lichaamsplek moet beschikbaar zijn voor een klassiek lettertype en een door Jackson toe te sturen woord. Met pech kan dat dus wel «the» zijn.

Rat in het museum

Daar hing een interessante nieuwe aanwinst in het Natural History Museum te Londen. In een glazen doos, vastgeplakt aan een muur, stond een opgezette rat met een zonnebrilletje op, een rugzakje om en een microfoon in zijn pootje. Het ging om de Banksus Militus Ratus. De gewone rioolrat heeft enkele opvallende nieuwe karakteris tieken gekregen, stond erbij te lezen. Levend op onder meer junkfoodafval en hardcore urban rap-muziek is hij erin geslaagd zich op tot nu toe ongekende wijze te ontwikkelen. Een quote van een hoog leraar: «U kunt er nu om lachen, maar op een dag kunnen zij de baas zijn.»

Het kunstwerk van Banksy, een kunstenaar bekend om zijn graffiti en zijn design van een Blur-albumcover, heeft het enkele uren volgehouden als illegaal onderdeel van de vaste tentoonstelling van het Natural History Museum.