Deze week

Week 24

Rolwisseling in WAO-debat

Wie gaat straks de premies innen voor gedeeltelijke arbeids geschiktheid? En het geld uitkeren aan werknemers die niet meer volledig inzetbaar zijn?

Het lijkt een oninteressante, technische vraag, maar als er in de re-geringscoalitie geen onenigheid over zou zijn ontstaan, hadden de meeste Nederlanders er geen no-tie van gehad dat de WAO ingrijpend op de schop gaat. Zo ging dat ook bij de ingrepen in de ziektekostenverzekering, waarvoor pas aandacht kwam toen de huisartsen gingen staken.

Een communicatieadviseur zou de ruzie tussen VVD enerzijds en CDA en D66 anderzijds over de nieuwe WAO ingestoken kunnen hebben: om de aandacht te vestigen op één van de hoofdonderwerpen van de sociale hervormingsagenda van het kabinet-Balkenende II. De portee van die hervormingen zit verpakt in het woord gebruik dat minister De Geus van Sociale Zaken in zijn wet hanteert: het gaat om gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid, dus om wat iemand nog wél kan, in plaats van wat hij niet kan, waar het «oude» arbeidsongeschiktheid naar verwees. De uitkering wordt aan die geschiktheid aangepast, lees: fors minder.

In de ruzie tussen de coalitiepartners doet zich een vreemde situatie voor. De liberalen, toch de pleitbezorgers van de vrije markt, willen dat premie-inning in handen blijft van het UWV, een publieke instelling. De christen-democraten, gesteund door D66, willen ook het omgekeerde wat van hen verwacht zou worden: private verzekeringsmaatschappijen die de taak op zich gaan nemen.

Bij enig doordenken schuilt er echter toch weer een vertrouwde logica in. De VVD vindt de kosten bij het overdragen aan private verzekeraars te hoog. Het zou de werknemers in de eerste jaren een hoop geld kosten, geld dat in feite in een soort spaarpot wordt ge stopt, terwijl ze die centen volgens de VVD beter kunnen uitgeven om er de stagnerende economie mee te stimuleren. Het CDA daaren tegen vindt het publieke UWV niet geschikt voor de nieuwe taak en ziet de eigenlijke sociale doelstelling, het daadwerkelijk aan het werk helpen en houden van ge deeltelijk geschikten, daardoor mislukken.

Het voorstel van De Geus, een beetje van allebei, lijkt ogenschijnlijk de oplossing. Maar juist die variant wordt door alle partijen, ook de oppositie, verworpen. Volgens die oppositie is daarmee het hele wetsontwerp van de baan en De Geus als minister mislukt. Dit wetsontwerp heet immers zijn levenswerk te zijn. De Geus zelf doet er alles aan om juist dat beeld weg te nemen. Het aantal keren dat hij in de Tweede Kamer heeft gezegd dat hij «op argumenten het debat wil aangaan» en dat de uitvoering door UWV of particuliere verzekeraars «slechts een onderdeel van het wetsvoorstel» is, zijn niet meer op één hand te tellen.

Het is welhaast symbolisch dat cijfers van het Centraal Plan Bu reau de ruzie tussen de coalitiepartners nu moeten beslechten, alsof het hier inderdaad om niet méér gaat dan de vraag of aan nemer A dan wel aannemer B met de beste offerte is gekomen en de klus mag gaan klaren. Niks geen ideologische strijd in het hart van het kabinet, lijkt dat te zeggen. Wat wél bevreemdt is dat die offertes zo laat zijn aangevraagd. Bij regeren hoort toch het spreekwoordelijke vooruitzien, en als je dan wilt oogsten in 2006, het laatste jaar voor de verkiezingen, dan heeft De Geus hier zijn huiswerk niet gedaan. Of hoort dit allemaal bij dat geniale plan van de communicatieadviseur dat alleen bij ruzie aandacht verzekerd is?

Aukje van Roessel

Het Roomsche Gevaar

Gelukkig, ook de Italianen kampen met een referendumkater.

Vier voorstellen om de onlangs ingeperkte «bevruchtingswetten» weer te verruimen, waardoor bijvoorbeeld stamcelonderzoek en inseminatie van homoseksuelen weer mogelijk zouden worden, zijn door een te lage opkomst niet verwezenlijkt. Een publiciteits offensiefje door kabinetsleden op het laatste moment haalde net als in Nederland niets meer uit. Dat de Italiaanse gynaecologie van het hele onderwerp een beetje een rommeltje heeft gemaakt – de internationale societyfiguur dr. Antinori, die dozijnen zestigplussers bezwangerde – en dat de Italiaanse politiek al langere tijd wordt beheerst door apathie onder de kiezers, dat is waarschijnlijk verklaring genoeg. Toch wijzen velen ook op de actieve rol die het Vaticaan heeft gespeeld. Ratzinger – pardon: Benedictus – spoorde de Italiaanse bisschoppen aan hun schapen op te roepen thuis te blijven. Een direct edict aan de Italiaanse katholieken zou misschien worden gezien als een onaanvaardbare inmenging in de binnenlandse politiek van een bevriende natie.

Voor wie het nog niet wist: het politieke instinct van de nieuwe pontifex is formidabel, zijn strategie bepaalde al jaren het handelen van Johannes Paulus II en komt nu in Benedictus’ eerste daden in glinsterend harnas naar voren. Het kan Benedictus weinig schelen dat hij met orthodoxe, onverbiddelijke standpunten gelovigen van zich vervreemdt. Integendeel, de harde lijn zal de aantrekkingskracht van de kerk met name op jongeren vergroten en daardoor zal de slagvaardigheid alleen maar toenemen. Jammer van die softe euthanaserende Hollandse katholieken, die homo-omhelzende Amerikanen, die vrouwvriendelijke Britten: Ratzinger begeeft zich met zijn lean, mean, fighting machine op grotere slagvelden. Waar zijn voorganger in hoc signo triomfeerde in Oost-Europa wendt hij de blik naar China, Korea, India, Afrika. En naar de Verenigde Staten: want ondanks het pedofilieschandaal maakt de katholieke kerk daar flinke voortgang in de wandelgangen van Washington. Supreme Court Justice Antonin Scalia was al binnen; Clarence Thomas keerde door hem terug in de kudde. Next stop: Roe v Wade.

Wat staat de Nederlanders, die nogal wat burgerlijke vrijheden te verdedigen hebben, te doen? Inspiratie zoeken in Dokkum? Misschien kunnen wij beginnen met een moratorium op bezoekjes van Oranjes aan Vaticaanstad. Misschien kunnen wij, indachtig de Nacht van Kersten (1925), onze vertegenwoordiging er terugbrengen tot een consul. Of een brievenbus.

Koen Kleijn

Tysons tuimelaars

De bokser houdt duiven, grote witte tuimelaars.

WASHINGTON – Mike Tyson heeft 350 witte tuimelaars in zijn huis in Phoenix, Arizona. Zijn liefde voor duiven kreeg hij toen hij als kind in New York door oudere buurtschoffies gedwongen werd dagelijks kooien schoon te maken. Hij heeft nu weer tijd voor zijn hobby. Zaterdag nam hij afscheid als bokser, nadat hij had verloren van de derderangs vechter Kevin McBride, voor vijftienduizend toeschouwers die gemiddeld zo’n negenhonderd dollar betaalden voor hun kaartje. Zijn verlies leverde vijf miljoen dollar op, dat voor een groot deel direct naar schuldeisers gaat, onder meer de Amerikaanse belas tingdienst. Want hoewel Tyson zo’n vierhonderd miljoen dollar bij elkaar bokste, staat hij inmiddels voor vijftien miljoen in het rood.

Ooit was hij de jongste man die een wereldtitel won. In de hoogtijdagen omschreef hij zichzelf als «the baddest man on the planet». En daar probeerde hij ook naar te leven, wat hem onder meer een gevangenisstraf van drie jaar opleverde. Nu wil hij «de sport niet verder in verlegenheid brengen», zoals hij na de wedstrijd zei. Toen een promotie manager na de wedstrijd een staande ovatie voor hem vroeg, maande Tyson iedereen als de donder te gaan zitten. «I am just Mike», is het nu. Fans moeten niet huilen. «Bewaar je tranen! Ik weet niet meer hoe ik om moet gaan met mensen die huilen. Ik ben mijn gevoeligheid kwijtgeraakt. Ik ben niet erg geïnteresseerd in de lofzangen die ik blijf horen. Ik ben gewoon Mike. Ik ben een boer. Ik ben hier om de mensen te vermaken. I’m no elite person. Ooit had ik mijn fijne juweeltjes en schattige vriendinnetjes, en grote auto’s en al die dingen. Er is een moment geweest dat ik dacht dat het leven ging om het vergaren van spullen. Maar nu ik ouder word, begrijp ik dat het leven gaat om verlies. Terwijl het verglijdt, verliezen we meer dan we verwerven. Ik hoef niet meer het mooiste meisje van de wereld. Ik probeer gewoon in balans te blijven, dat is alles.»

De deemoed kwam niet na de verliespartij. Enkele dagen ervoor zei hij: «Het was al voorbij in 1990.» Toen verloor Tyson voor het eerst van zijn leven, knock-out geslagen door James «Buster» Douglas. «Ik ben werkelijk een pathetisch geval. Ik zal nooit gelukkig zijn. Ik geloof dat ik alleen zal sterven. Dat zou ook beter zijn. Ik ben altijd een loner geweest met mijn geheimen en mijn pijn.» Veel van zijn jeugdvrienden zijn inmiddels gestorven of zitten in de gevangenis. Hij weet niet wie zijn vader is. Zijn moeder, een zware alcoholiste, stierf toen de bokser zestien was. Maar Tyson wil niet van excuses weten. «Nee! Ik heb mezelf in een positie gebracht waardoor zij (de media – pvo) me zo afschilderden.» Zij die hem de afgelopen twintig jaar hebben gevolgd, maken zich niettemin zorgen. Want over de periode na zijn vorige verlies zei hij: «Ik hing rond met prostituees. Ik voelde me scum, dus ging ik om met scum. Ik was de hele tijd high.»

Tyson wil nu missionair worden. «Geen Jesus-freak», maar «iemand die andere mensen redt». Maar eerst gaat Tyson zichzelf redden: «Ik moet het gruwelijke gezicht van de werkelijkheid recht in het gezicht kijken.»

Pieter van Os

Soap als reclame

Nederlandse moslims hebben het moeilijk met die negatieve beeldvorming.

De gesubsidieerde Nederlandse Moslimomroep (NMO) beschouwt het dus «als zijn opdracht om het bestaande vijandbeeld van de islam aan te tasten en aldus bij te dragen tot integratie, gelijk berechtiging van de islamitische bevolkingsgroepen en verbetering van de betrekkingen tussen moslims en niet-moslims in de Nederlandse samenleving».

De omroep smacht naar evenwichtige kritische journalistiek over moslims en niet-moslims in deze samenleving? Niet helemaal. De NMO probeert het eerst via een paar moslimpersonages in de soap Onderweg naar morgen, die vanaf komend najaar bij BNN te zien zal zijn. Volgens ingewijden steekt de NMO maar liefst één miljoen euro in de serie. Dat is een kwart van het jaarlijkse budget van vier miljoen. Chef aankoop Alibux: «Wij zijn in Onderweg naar morgen gestapt om ervoor te zorgen dat de moslimpersonages die er al in zitten iets meer gaan corresponderen met de realiteit.»

De Nederlandse personages corresponderen nu met de Nederlandse werkelijkheid. Een van deze personages is Tara, bedrijfsleidster bij café DOK. Na een hartstochtelijke relatie ge had te hebben met Tonni – die taxibedrijf Taxi Tonni runt – is zij gevallen voor Ron Raven, een moderne hippe sekteleider die workshops in geluk geeft. Tara heeft geen contact meer met haar moeder. Haar vader is overleden bij een ontsnappingspoging uit de gevangenis. Haar halfbroer Sid zit in de gevangenis en haar zusje Eline is op jonge leeftijd verdronken.

Ook islamitische personages kunnen straks op deze wijze worden uitgediept. Want met de investering van één miljoen verwerft de NMO invloed op de verhaallijnen. Nu is er één islamitische hoofdrolspeler in de serie: Ilyas, co-assistent in een ziekenhuis en een hulpvaardige, vrolijke en energieke Turk.

Een prognose. Ilyas heeft een broer: Mohammed, koppig, sceptisch en rebels. Er is ook een islamitische versie van Ron Raven: een hippe Syriër die «islamitisch geluk» doceert en ronselt voor de jihad. Mo zoekt een baan maar hij wordt steeds afgewezen. Tonni biedt Ilyas daarom aan om Mohammed bij Taxi Tonni te laten werken. Hij deelt de analyse van Ilyas: straks radicaliseert Mo en dan zijn ze nog verder van huis. De inspanningen van Ilyas baten. Mohammed krijgt steeds meer zelfvertrouwen en begint uiteindelijk zijn eigen taxibedrijf: Taxi Mo. Een beetje concurrentie kan geen kwaad. Helaas eindigt het niet goed. Een vriendje van Mo, de Marokkaanse Samir, is door de hippe Syriër inmiddels wél geronseld.

Pas vanaf 2006 kunnen we deze versie bewonderen. Maar het geld van de NMO is hoe dan ook nuttig besteed.

Mina Amhil

Anne Bancroft (1931-2005)

In 1967, de hoogtijdagen van de seksuele revolutie, stonden twee vrouwen aan de wieg van grote veranderingen in de Amerikaanse cinema. In Bonnie and Clyde van Arthur Penn toonde Faye Dunaway aan dat een vrouw niet alleen erotisch kan zijn, maar dat zij ook bijzonder goed een geromantiseerde slechterik kan spelen. Iets soortgelijks gebeurt in The Graduate van Mike Nichols. Anne Bancroft is Mrs. Robinson, een alcoholistische, oudere vrouw die een buitenechtelijke relatie aanknoopt met Benjamin (Dustin Hoffman). Tijdens het verleiden van de onschuldige Benjamin is zij glorieus, een gevaarlijke vrouw die met een duivelse glimlach vraagt: «Would you like me to seduce you?» Beroemd is de wijze waarop Bancroft het accent legt op het woordje «like». Voor het eerst realiseert Benjamin zich dat hij toch wel kan meedoen aan het seksuele spelletje. Hij hoeft alleen maar toe te geven. En dat doet hij.

Vorige week overleed Anne Bancroft (74) aan kanker. Zij was een fantastische actrice, ondanks het feit dat zij nooit werkelijk tot bloei kon komen. In haar lange carrière maakte zij behalve The Graduate niet echt films die bekend staan als klassiekers. In 1962 won zij de Oscar voor beste actrice voor haar werk in The Miracle Worker van Arthur Penn, maar de film zelf is niet tijdloos gebleken. Tussen 1965 en 1986 werd ze nog drie keer genomineerd, onder meer voor The Graduate, maar ze viel nooit meer in de prijzen. Wat overbleef, waren talloze televisiefilms en gastrollen in kaskrakers. Opvallend was haar rol als de stijlvolle Mrs. Kendal in David Lynch’ The Elephant Man (1980). Door haar vriendschap met het monster, John Merrick, ondermijnt zij de normen en waarden van het Victoriaanse tijdperk. Dit is een reflectie van Mrs. Robinson, de vrouw die jaren daarvoor het Amerikaanse chris telijke establishment op zijn grondvesten deed schudden door de all American boy te verleiden.

The Graduate was een monument voor het nieuwe Hollywood, voor films waarin het establishment voortaan de grote vijand zou zijn. Mrs. Robinson was het boegbeeld van deze beweging. Luister naar hoe Simon and Garfunkel haar bezingen: «And here’s to you, Mrs Robinson/ Jesus loves you more than you will know.» En, op nog altijd mysterieuze wijze: «Coo coo, ca-choo, Mrs Robinson/ Jesus loves you more than you will know.» Het valt overigens ten sterkste af te raden de betekenis van «coo coo, ca-choo» na te speuren. De onderzoeker belandt onherroepelijk in een oerwoud van referenties aan The Beatles, walrussen en Oasis. Toch bevatten de vreemde teksten de essentie van Mrs. Robinson: een geweldige, beeldschone vrouw vol tragiek, vol geheimen.

Gawie Keyser