Deze Week

Week 34

Bush helpt Haarlem

Haarlem wil de gemeentelijke belastingdienst omzetten in een NV. Een verraderlijk uniek plan? Nee. In de Verenigde Staten gaat men nog verder.

AMSTERDAM – Schulden zijn handel. Op de financiële markten wordt lustig zaken gedaan met de koop en verkoop van debiteuren. Ik koop jouw vordering van nominaal 10.000 euro voor 7500 euro. Jij hebt je verlies dan beperkt tot 25 procent. Ik probeer die tien rode ruggen op mijn manier te incasseren. Als dat lukt, is mijn winst 25 procent. Hoe ruiger de maatschappij, des te hoger de rendementen. In Rusland bijvoorbeeld is een moordje meer of minder onderdeel van het instrumentarium dat een private schuldenincasseerder tot zijn beschikking heeft. De enige crediteur die zich daarvoor te goed voelde, was de Belastingdienst. Die deed alle incasso zelf. Tot voor kort. Want in Haarlem wil de gemeente die taak nu outsourcen in een zelfstandige naamloze vennootschap, waarvan de lokale overheid de aandelen bezit.

Het idee is halfbakken plagiaat. In Amerika gaat de fiscus al een stap verder. Lokale belastingdiensten besteden daar de inning van de gemeentelijke heffingen vaak uit. En daarbij blijft het niet. De regering-Bush gaat nu ook federale belastingschulden tot 25 duizend dollar verkopen aan private ondernemingen. Volgens The New York Times is dit de eerste stap in een serie stappen om de incasso van kleinere bedragen te privatiseren. Voor de particuliere deurwaarders ligt een rendement van 22 tot 24 procent in het verschiet. Dat zijn bedragen waarvoor een ondernemer zijn bed wel wil uitkomen, sterker, waarvoor hij meer dan kleinburgerlijke risico’s wil nemen. Zoals de lawfirm Linebarger Goggan Blair & Sampson uit Austin, Texas. Een van zijn partners is vier jaar geleden veroordeeld wegens corruptie. De man had het stadsbestuur van San Antonio smeergeld betaald voor het incassocontract dat Linebarger mocht uitponden. Vorige maand was het weer raak met Linebarger. Een concurrent beschuldigde het kantoor ervan de verkiezingskas van twee politici in Brownsville te hebben gespekt in ruil voor een incassocontract. De burgemeester ontkent. Reden voor de regering-Bush om two strikes niet out te laten zijn. Linebarger is een van de drie bedrijven die de kleine schulden bij de federale fiscus mogen opkopen. Suggestie voor de gemeente Haarlem: misschien is Willem Holleeder een geschikte kandidaat om de NV Gemeentefiscus te gaan leiden.

HUBERT SMEETS

Gender-esthetiek

Aantrekkelijke ouders krijgen meer dochters. Bomen of kasten krijgen vaker een zoon.

AMSTERDAM – Als wetenschappers aan proefpersonen vragen een honderdtal medemensen te beoordelen op hun uiterlijk op een schaal van 1 tot 5, blijkt er een opvallende eensgezindheid te bestaan. Dankzij deze methode om de schoonheid vast te stellen kwam wetenschapper Satoshi Kanazawa, hoogleraar aan de gerenommeerde Londen School of Economics, tot de conclusie dat knappe ouders 38 procent meer kans hebben een dochter te krijgen dan minder knappe ouders. Hij schrijft dit in een artikel dat binnenkort verschijnt in het Journal of Theoretical Biology.

Eerder stelde hij in hetzelfde wetenschappelijke tijdschrift al dat grote en lange ouders vaker een zoon dan een dochter krijgen, net als vaders met een gewelddadig verleden of een sterke neiging tot agressie. De vrouwen die aankloppen bij hulporganisaties voor mishandelde moeders blijken inderdaad aanzienlijk vaker gezegend met een zoon dan met een dochter.

Kanazawa geeft een darwinistische verklaring. Verschillende «evolutionaire strategieën» leiden ertoe dat ouders de sekse produceren die het meest profiteert van hun sterkste punten, evolutionair gezien. Met andere woorden: ouders die een erfelijke eigenschap bezitten die meer bijdraagt aan de kansen van een man om zich voort te planten dan aan de kansen van een vrouw om zich voort te planten, zullen een meer-dan-normale kans hebben een zoon te krijgen. En andersom geldt evengoed: zij die een erfelijke eigenschap bezitten die vooral vrouwen ten goede zal komen bij het vinden van een paringsgezel, hebben een meer-dan-normale kans op een dochter.

Ja, lees de vorige zinnen gerust nog even over. Rest de vraag: waarom leidt schoonheid dan tot dochters? Wel, mannen vinden bij de keuze van een paringspartner het uiterlijk belangrijker dan vrouwen dat vinden. Dus als twee ouders mooi zijn en ten minste een van hen niet erg slim is, dan loont het voor de natuur – of God – om de ouders een dochter te schenken. Mits de overleving en vermenigvuldiging van de menselijke soort het motief is van moeder natuur – of God – waar Kanazawa van uitgaat.

De kans dat het kroost van mooie ouders ook mooi wordt, is aanzienlijk groter dan dat het intelligent wordt, wat ook ten dele erfelijk is. Intelligentie hangt in de huidige westerse samenleving (en wellicht in bijna iedere samenleving) voor een deel samen met maatschappelijk succes. Statistici noemen die relatie statistisch significant. Maatschappelijk succes leidt tot macht en rijkdom, en dat zijn nu juist twee eigenschappen die vrouwen weer belangrijker vinden bij het vinden van een co-ouder dan mannen. En dus is het volgens Kanazawa’s logica vanzelfsprekend dat intelligente ouders vaker een zoon dan een dochter op de wereld zetten.

Kanazawa bevestigt dat zijn theorie ook impliceert dat vrouwen in de lange evolutie van de mensheid uiterlijk steeds knapper worden dan mannen. Problematischer is dat Kanazawa’s eventuele gelijk ook betekent dat mannen steeds intelligenter worden. De huidige intellectuele overmacht van vrouwen op scholen, universiteiten en zelfs in de uitslagen van IQ-testen wijst op een tegenovergestelde ontwikkeling. Daarvoor heeft de evolutieleer, zoals begrepen door Kanazawa, geen verklaring. Zo blijven er bestaanskansen voor de wetenschap waarin deze wetenschapper ooit is begonnen: de sociologie.

PIETER VAN OS

Flexibel genoeg

Bijna de helft van alle Europeanen denkt positief over langeafstandsmobiliteit. Migratie verhoogt de kansen op werk.

AMSTERDAM – Dit blijkt uit een grootschalig onderzoek (24.000 geïnterviewden) naar de Europese arbeidsmobiliteit, waarvan de EU deze maand de eerste resultaten publiceerde. Van alle Europese werknemers was 24 procent ten minste éénmaal verhuisd naar een andere regio; vier procent naar een ander EU-land. Voor werklozen vergrootte het laatste hun kans op werk. Een jaar na emigratie had 59 procent een baan gevonden, tegen 35 procent van de thuisblijvers.

Uit het onderzoek blijkt ook dat Nederland een redelijk flexibele arbeidsmarkt heeft. Circa 45 procent van de Nederlandse ondervraagden zou bereid zijn voor een baan te verhuizen als zij werkloos zouden worden. Eveneens 45 procent vindt dat het goed is voor werknemers om elke paar jaar van baan te veranderen. In de twee landen met de grootste arbeidsmobiliteit, Zweden en Denemarken, zijn de meeste mensen die mening toegedaan: 79 en 72 procent. Ons land staat vijfde in de ranglijst van Europese landen naar het aantal banen dat werknemers gedurende hun loopbaan hebben gehad. Dit relativeert enigszins het dringende verlangen van de werkgevers om het ontslagrecht te versoepelen.

Vrijheid van personenverkeer en werk tussen de EU-landen geldt voor hun inwoners als de belangrijkste verworvenheid van «Europa». Dit antwoord wordt gegeven door 53 procent van de ondervraagden, vóór «de euro» (44 procent) en «vrede» (36 procent). Al zien degenen die van plan zijn te emigreren naar een ander land binnen de EU wel degelijk problemen. Gebrek aan kennis van de taal wordt het meest genoemd, gevolgd door het vinden van een baan en aanpassing aan de andere cultuur. Het wekt geen verbazing dat Esten, Slovenen, Tsjechen, Polen en Slovaken het vaakst het verkrijgen van een arbeidsvergunning als obstakel noemen. Zo zal de Pool die graag in Nederland wil werken en wonen inderdaad tegen niet geringe problemen oplopen, tenzij hij of zij wil werken in de landbouw, binnenvaart, kleinmetaal of slachterij. Dat zijn vier van de sectoren waarvoor de regering de verlening van een tewerkstellingsvergunning heeft versoepeld – branches waarvan je je kunt afvragen of die het werk van de toekomst bieden. Alleen de vijfde categorie, wetenschappelijk onderzoek, wijst in de richting van de kenniseconomie.

Maar ook de aparte regeling voor kenniswerkers (het snelloket) kent haar beperkingen. Om te beginnen werkt het loket niet snel, zoals werkgeversorganisatie vno-ncw al in december heeft vastgesteld. Bovendien leidt het tot kapitaalvernietiging. Volgens de regeling hoeft de werkgever geen tewerkstellingsvergunning aan te vragen als is voldaan aan de inkomenseis van 33.363 euro tot 30 jaar en 45.495 euro daarboven. Waartoe dat kan leiden blijkt uit de positie van buitenlandse studenten aan onze universiteiten. Dat zijn er bijna 42.000 – van hen is ongeveer een even groot aantal van westerse als van niet-westerse afkomst. Tenzij zij direct na hun afstuderen een startsalaris weten te realiseren van ruim 33.000 euro, is er voor hen geen plaats op de arbeidsmarkt. Nederland investeert in hun opleiding, maar gooit de mogelijke opbrengst direct weg.

BEN LIGTERINGEN

Polen-Duitsland

De late bekentenis van Günter Grass (79) over zijn puberale dwalingen bij de Waffen-SS doet de relatie van Duitsland met zijn oosterbuur geen goed.

BERLIJN – Het platte populisme dat sinds de machtsovername van de Kaczynski-broers in Warschau zo in de mode is, richt zich steevast tegen Duitsland. In plaats van goede betrekkingen met het machtige buurland voorrang te geven, grossieren de tweelingbroers Lech en Jaroslav en hun achterban in diplomatieke doodzondes. Een satirisch artikel in de Tageszeitung schoot Lech Kaczynski onlangs in het verkeerde keelgat. De Berlijnse krant, altijd goed voor onconventioneel gedachtegoed, had Kaczynski namelijk met een aardappel vergeleken. Hierop zegde de Poolse president een lang gepland staatsbezoek aan Duitsland af, waarna Angela Merkel en Jacques Chirac in Weimar alleen aan de wederzijdse betrekkingen tussen de drie landen konden werken.

Op de website van Kaczynski en bij monde van de minister van Buitenlandse Zaken, Anna Fotyga, werd de linkse Taz met de nazikrant Der Stürmer vergeleken. De affaire kreeg nog een staartje toen Warschau aankondigde de journalist in kwestie via een Europees uitleveringsverdrag voor een Poolse rechtbank te willen dagen. Drie jaar gevangenisstraf wegens belediging ligt in het verschiet. Alle Poolse ex-ministers van Buitenlandse Zaken van na 1989 hebben in een gezamenlijke brief geklaagd over het tekort aan fingerspitzengefühl bij de Poolse regering. Oud-bewindsman Stefan Meller: «Een deel van onze politieke elite spreekt de taal van de dinosauriërs, niet de taal van Europa in de 21ste eeuw.» Dat weerhield enkele Poolse politici er niet van om er bij de Duitse regering op aan te dringen de rebelse Tageszeitung ter verantwoording te roepen. «Wij geven geen commentaar op artikelen die staatshoofden van andere landen betreffen», repliceerde Merkels woordvoerder koeltjes.

De betrekkingen met het buurland waren al op een tragisch dieptepunt beland toen Radek Sikorski, de Poolse minister van Defensie, de nieuwe gaspijpleiding tussen Duitsland en Rusland enkele maanden geleden vergeleek met het Hitler-Stalin-pact. Ander kwaad bloed zet het in Berlijn geplande Zentrum gegen Vertreibungen. Twee onlangs geopende en door deze stichting geïnitieerde tentoonstellingen aan de prachtboulevard Unter den Linden herinneren aan het lot van de veertien miljoen Duitsers die in 1945 hun heimat in Oost-Europa kwijtraakten. Hun lobbygroep Bund der Vertriebenen heeft grote invloed in de cdu.

De nieuwe burgemeester van Warschau, ex-premier Kazimierz Marcinkiewicz, besloot vanwege deze exposities een bezoek aan Berlijn af te zeggen. Tevens heeft de Poolse regering musea in haar land onder druk gezet om tentoonstellingsstukken terug te eisen. Het museum voor stadsgeschiedenis in Warschau haalde daarop twee objecten terug. Zelfs de scheepsklok van de Wilhelm Gustloff (het overvolle schip met tienduizend Duitse vluchtelingen dat in 1945 door een Russische torpedo op de Oostzee zonk) is na ministeriële interventie door de Poolse reddingsmaatschappij teruggeëist.

Premier Jaroslav Kaczynski, die nog steeds bij zijn moeder woont, vindt dat door dit soort Duitse exposities de grens tussen «slachtoffers» en hun «beulen» vervaagt. Het zal in dit verband niet verbazen dat de ouders van de Kaczynski-broers beiden betrokken waren bij de Warschau-opstand in 1944. Na een wekenlange strijd in de laatste oorlogszomer maakten de nazi’s, terwijl de Russen op enkele kilometers toekeken, de stad met de grond gelijk.

ROB SAVELBERG

Gokken, vliegen en koeien

Lord Kilbracken (1920-2006)

LONDEN – Het veertigste verjaardagsfeest van de oktoberrevolutie op het Rode Plein telde een ongenode gast, wiens uitrusting ernstig uit de toon viel. De bontmuts voldeed weliswaar aan de kledingvoorschriften, maar dat kon niet worden gezegd van de binnenstebuiten gekeerde broek en roze stropdas van de deftige roeivereniging uit het Engelse Henley-on-Thames. De indringer was de derde Lord Kilbracken of Killegar, John Raymond Godley (Londen, 1920). Zijn doel was een exclusief vraaggesprek met Nikita Chroesjtsjov. De poging mislukte. Toch zou hij de sovjetleider korte tijd later te spreken krijgen, nadat hij vermomd als fotograaf een receptie had weten binnen te dringen op de Egyptische ambassade.

Het leven van de onlangs overleden Kilbracken, wiens grootvader in de adelstand was verheven vanwege zijn diensten als privé-secretaris van premier William Gladstone, is niet geruisloos voorbij gegaan. De avonturen begonnen op Eton, waar hij als wandelend gokkantoor populariteit genoot onder zijn medeleerlingen. Zijn ouders waren minder blij met dit bijbaantje en zetten de financiering van zijn vlieglessen stop. Vliegen bleef echter zijn passie. Kilbracken raakte met name gecharmeerd van de Fairy Swordfish, een verkenningsvliegtuig met twee vleugels, één motor en een open cockpit. Met dit veredelde museumstuk viel hij tijdens de Tweede Wereldoorlog onder meer Duitse oorlogsschepen voor de Nederlandse kust lastig. Zijn nuttige bijdrage leverde hem een onderscheiding op, vliegangst en inspiratie voor het boek Bring Back My Stringbag: Swordfish Pilot at War 1940-1945.

Na de oorlog en na de afronding van zijn studie in Oxford zou Kilbracken zich toeleggen op het schrijven. Met de opbrengst kocht hij koeien, voor op zijn Ierse landgoed. Hij schreef onder meer twee boeken over de Vermeer-vervalser Han van Meegeren, nadat hij met diens dochter bevriend was geraakt. Met The Easy Guide to Bird Recognition won hij een prijs. De inspiratie voor dit boek had Kilbracken opgedaan tijdens een journalistieke tocht naar de Koerdische rebellen in Noord-Irak, waar hij gefrustreerd was geraakt door zijn onvermogen om lokale vogels te herkennen. Met de jaren bezette hij steeds vaker zijn zetel in het Hogerhuis, vooral wanneer de Noord-Ierse kwestie ter sprake kwam. De Ierse zaak deed hem veel. Uit protest tegen het Britse legeroptreden tijdens Bloody Sunday gaf hij zelfs zijn oorlogsmedaille terug. Ook de invasie van de grijze eekhoorns op de Britse eilanden («I believe that the greys in Ireland have become so inbred that they have lost their strength and aggressiveness. They have become decadent. I suppose that we cannot hope for that to happen in Britain») en de aansprakelijkheid van boeren voor wilde stieren interesseerden hem.

Kilbracken was een gedreven aanvoerder van het schaakteam van de House of Lords. Tijdens een debat over lichamelijke oefening op middelbare scholen, dat was uitgelopen op een gedachtewisseling aangaande Go, poker en Monopoly, sprak hij ooit trots over een glansrijke, doch omstreden zege op het Lagerhuis. Een jaar later zetten de «commons» Kilbracken en de meeste van zijn adellijke collega’s uit het huis.

PATRICK VAN IJZENDOORN