Deze Week

Week 7

Stokpaardjes en leentjebuur

Wat kan nog voorkomen dat de kunstmatig aangroeiende haardos van Berlusconi opnieuw tot premier gekroond wordt?

ROME – Arm Italië. Niets lijkt de opmars van ‘comeback kid’ Silvio Berlusconi nog te kunnen stuiten. Hij heeft in de opiniepeilingen een redelijke voorsprong op zijn grote rivaal, Walter Veltroni, van de Democratische Partij. Zijn twee belangrijkste bondgenoten, Gianfranco Fini van de postfascistische Alleanza Nazionale en Umberto Bossi van de xenofobe Lega Nord, hebben zich na enig verzet gewonnen gegeven en hun partijen gefuseerd met Silvio’s nieuwste bedenksel: il Popolo della Liberta (het Volk van de Vrijheden).

Zo lijkt het alsof Italië afscheid neemt van de politieke versplintering – er bestaan bijna veertig politieke partijen – en een tweestromenland wordt. Dat zou meer stabiliteit moeten garanderen. Maar schijn bedriegt. Berlusconi en Veltroni lonken beiden naar de gunsten van kleinere partijen aan de uitersten van het politieke spectrum. Berlusconi heeft het al op een akkoordje gegooid met twee regelrecht fascistische partijtjes, waaronder die van de prima donna van uiterst rechts, Alessandra Mussolini, kleindochter van. Veltroni, kandidaat-premier van een partij die het partijstatuut en het programma nog moet goedkeuren, probeert de kleinere communistische partijen te paaien.

Mochten die kleintjes bij de verkiezingen goed uit de bus komen, dan ontstaat voor een nieuwe regering hetzelfde probleem als dat van de gevallen premier Romano Prodi: chantage van minipartijtjes. Geen wonder dat beiden ondanks veel verkiezingsretoriek de optie van een ‘Grote Coalitie’ naar Duits voorbeeld open houden. Geen enkele peiling wijst immers uit dat de geschiedenis van 2001 zich gaat herhalen en Berlusconi een zo grote meerderheid behaalt dat hij vijf jaar aan de macht blijft. Maar zover is het nog niet. Geheel in de traditie van beslissingen nemen op het laatste moment staat alleen vast dat er nieuwe verkiezingen worden gehouden, nog niet wanneer. De president van de republiek had 13 april voorgesteld, de dag dat er ook verkiezingen voor provinciale en gemeentebesturen worden gehouden. Dat zou miljoenen aan besparingen opleveren. Silvio heeft echter zijn veto uitgesproken. Je kunt de mensen niet met zes verschillende stemformulieren opzadelen, is zijn argument. In werkelijkheid vreest hij dat links zou profiteren. Bij regionale en lokale verkiezingen komen die gewoonlijk beter uit de bus – reden waarom Veltroni en de zijnen juist voor ‘Election Day’ zijn.

De 52-jarige Veltroni, redelijk succesvol burgemeester van Rome, gaat de arena in met slogans geleend van de door hem bewonderde Amerikaanse presidentskandidaat Barack Obama: Si puo fare (‘Yes we can’). Bij gebrek aan een economisch programma blijft vooralsnog onduidelijk wat precies. Silvio haalt zijn stokpaardjes van stal: belastingverlaging en meer werkgelegenheid, onder meer door het opnieuw leven inblazen van gigantische, geldverslindende projecten als de brug van het vasteland naar Sicilië. Om de katholieke anti-abortuslobby achter zich te krijgen, heeft hij voorgesteld ‘het recht op leven’ vast te leggen in het VN-Handvest. Silvio is niets te dol, als het maar stemmen oplevert. Arm Italië. Een 71-jarige mediatycoon die een kunstmatig aangroeiende haardos ten spijt met een pacemaker door het leven moet, krijgt opnieuw de kans het landsbelang ondergeschikt te maken aan eigenbelang. Met dank aan links, want bij gebrek aan beter.

HANS GELEIJNSE

Kafka in Marokko

Het bezoek van burgemeester Opstelten aan Marokko was de uitgelezen kans om de golf aan blauwe belastingenveloppen aan te kaarten.

BERKANE – Mohamed Sayem van de Stichting Steunpunt Remigranten (ssr) in Berkane licht toe: ‘We krijgen hier de laatste tijd iedere dinsdagochtend op ons spreekuur honderden veelal oudere mannen met blauwe enveloppen van de Nederlandse Belastingdienst. Zij hebben in Nederland gewerkt en zijn met een Nederlandse wao-uitkering of aow teruggekeerd naar Marokko. Sinds 2006 is het woonlandbeginsel van toepassing op in het buitenland wonende personen met een Nederlandse uitkering of een Nederlands pensioen. Dat wil zeggen dat zij niet langer premies betalen op Nederlands niveau, maar dat ze premies betalen aangepast aan het niveau van zorg in hun “woonland”. Voor Marokkanen betekent dit dat ze bijna geen premies meer betalen.

Als gevolg van de invoering van dit woonlandbeginsel is voor hen de zogenoemde zorgtoeslag afgeschaft, het bedrag dat mensen van de Belastingdienst “krijgen” om hun zorgpremies te betalen. Volkomen terecht. Maar ons probleem nu is dat de Belastingdienst maar doorgaat met het betalen van die zorgtoeslag en die vervolgens weer terugvraagt. In de blauwe enveloppen waarmee al die mensen op de stoep staan, zitten aanmaningen om de zorgtoeslag terug te betalen. Mét aanmaningskosten! Er is hier één geval van een man die een wao-uitkering krijgt van 23 euro per maand – hij heeft maar een jaar in Nederland gewerkt – die zorgtoeslag ontvangt en die in één maand meer dan twintig aanmaningen heeft ontvangen. En het bedrag van de aanmaningskosten loopt steeds op!

Wij hebben er meteen na de invoering van dit woonlandbeginsel op aangedrongen dat de Belastingdienst zou stoppen met de uitbetaling van de zorgtoeslag. Tevergeefs. Omdat de post vaak twee weken of langer onderweg is, adressen soms niet kloppen, mensen niet kunnen lezen of schrijven en vaak al het ontvangen geld hebben opgemaakt, lukt het in de meeste gevallen niet om de zorgtoeslag tijdig terug te betalen. Met als gevolg dat de uitbetaling van de uitkering of het pensioentje wordt stopgezet en de mensen geen geld meer ontvangen.’

‘Dit is Kafka in Marokko’, zeggen burgemeester Opstelten en ambassadeur Sjoerd Leenstra, die hem vergezelt, in koor. ‘Volkomen absurd, ik zal staatssecretaris van Binnenlandse Zaken Cees de Jager onmiddellijk vragen deze zaak te regelen’, belooft de burgemeester. ‘Het is het computersysteem van de Belastingdienst dat dit allemaal niet aan kan’, weet de ambassadeur. De mannen die verhaal komen halen bij de ssr vinden het buitengewoon onrechtvaardig dat zij ook nog eens aanmaningskosten moeten betalen voor een fout van de Belastingdienst.

Voor de komst van burgmeester Opstelten had de ssr al een brief geschreven aan de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken. Het cda heeft kamervragen gesteld. Tot nu toe blijft een reactie van de staatssecretaris uit. Mohamed Sayem maakt zijn borst nat voor het komende spreekuur.

SIETSKE DE BOER

Kruisvaarders - Terroristen: 1-1

In Egypte blijkt van geloof veranderen geen theologische beslissing. De bureaucratische molen wacht.

CAÏRO – Als christen geboren moslims die ‘per vergissing’ tot de islam zijn bekeerd, mogen zich terugbekeren. Dat bepaalde de rechtbank in Caïro dit weekeinde in een voortslepend juridisch gevecht over de grenzen van vrijheid van religie in het islamitische Egypte.

De twaalf Egyptenaren, de eersten van enkele honderden ‘moslims’ die zich willen laten bekeren, waren tegen hun wil moslim. Sommigen zijn onder dwang bekeerd, anderen uit liefde. De een kreeg er drugs voor, de ander bleek automatisch moslim te zijn geworden nadat zijn vader zich had bekeerd. Welke ‘vergissing’ er ook in het spel was, bij de Egyptische overheid stonden ze officieel als moslim geregistreerd. En daar houden ze niet van afvalligheid.

Volgens de sharia, de belangrijkste bron van recht in Egypte, staat op afvalligheid de doodstraf en de meeste Egyptenaren kunnen zich daarin prima vinden. Echter, de eigen grondwet en enkele internationale verdragen garanderen vrijheid van religie, wat zoveel betekent als dat er tussen de drie geaccepteerde monotheïstische religies in principe vrij kan worden geschoven.

In de praktijk is het voor moslims nog niet zo gemakkelijk om van geloof te veranderen, het is een hinderbaan langs onwillige ambtenaren en koppige rechters. Zich tot de islam bekeren is geen enkel probleem, maar andersom is vrijwel onmogelijk. Zodra er ‘islam’ op je identiteitskaart staat, is daar niet aan te tornen.

Het zijn dit soort maatregelen waardoor de Koptische gemeenschap, die tien procent van de bevolking uitmaakt, zich gediscrimineerd voelt. Met geld van de Amerikaanse en Canadese Koptische immigrantengroepen voeren de Kopten al jaren campagne voor gelijke rechten. De juridische overwinning van de kruisvaarders, zoals de christenen in islamitisch-fundamentalistische kringen genoemd worden, werd dan ook breed uitgemeten in de Koptische media. ‘Het is een zege op de terroristen’, verklaarde een van de advocaten, verwijzend naar de streng islamitische stroming binnen de rechterlijke macht die ‘de sharia boven de Egyptische wet plaatst’.

Meteen daarop is het gevecht een nieuwe fase ingegaan. In hun overwinningsroes kondigden de advocaten de volgende veldslag aan tegen ‘de toenemende invloed van de islam in Egypte’. Eerder deze week deed de rechtbank in Caïro uitspraak in de zaak van een (als moslim geboren) moslim die zich wil bekeren tot het christendom. Nu kreeg de afvallige nul op het rekest: de rechter weigerde omdat ‘de monotheïstische religies in chronologische volgorde door God zijn gezonden’. Het is daarom ‘ongewoon’ om van de laatst onthulde religie (lees: de beste religie) terug te vallen op een religie die hieraan vooraf is gegaan. ‘Iemand die van het juiste pad afdwaalt, bedreigt de principes en waarden van de islam en van Egypte.’

De voorlopige stand: kruisvaarders – terroristen: 1-1. Het Koptische advocatenteam slijpt de verbale kromzwaarden voor het laatste beslissende gevecht: het beroep in cassatie staat nog open. Met een vergissing nemen ze geen genoegen meer.

EDUARD PADBERG

De cake-methode

Alsof overleven in Bagdad nog niet moeilijk genoeg is, duiken er ook nu weer hoesseineske moordmethodes op.

AMSTERDAM – Twee Iraakse kinderen zijn de afgelopen week overleden na het eten van een stuk met thallium vergiftigde cake. De cakes werden langs gebracht bij een onder Iraakse militairen in Bagdad populaire sportclub. Toen de cakes er ’s avonds nog onaangebroken stonden, namen twee militairen ze mee naar huis. Enkele uren later werden hun dochters ziek; vrij snel daarna overleden ze in het ziekenhuis. De officieren zelf verkeren in kritieke toestand, enkele andere familieleden werden ook door het gif aangetast.

Thalliumvergiftiging was de favoriete methode van Saddam Hoessein om zich van zijn tegenstanders te ontdoen. Het radioactieve metaal is geur-, kleur- en smaakloos en manifesteert zich binnen een paar uur in het lichaam van zijn slachtoffers. Sinds de val van Hoessein in 2003 is het vergif niet meer opgedoken. Het incident riep dan ook angstige herinneringen op. De Iraakse politie liet weten ongerust te zijn: ‘Het lijkt erop dat iemand de methoden van de mukhabarat, Saddams geheime politie, nieuw leven inblaast.’

Het verhaal uit de sportclub wijst echter op een klassieke wraakactie. Volgens Samir Khadim, manager van de sportclub en tevens oud-stervoetballer van het nationale Iraakse team, vond het incident tien dagen geleden plaats. De cakes werden langs gebracht door een voormalige medewerker van de club die enkele maanden daarvoor ontslagen was en vervolgens, naar verluidt, vluchtte naar Syrië. De man wilde zich, aldus Khadim, verzoenen met enkele officieren uit de club en had daartoe twee op het oog prachtige cakes meegebracht.

De cakes waren afkomstig van een bakkerij in het Adhamiyah-district in Bagdad. Dat staat bekend als soennitisch bastion van aanhangers van de overleden Hoessein. De bakkerij wordt onderzocht en de sportleraar die de cakes afleverde, is inmiddels gearresteerd. Omdat het tegengif voor thallium, Prussian blue, in Bagdad niet voorhanden was, heeft het Verenigd Koninkrijk dit per vliegtuig over laten brengen naar Irak.

Thallium werd trouwens niet alleen door Saddam Hoessein gretig gebruikt. Ook de cia en de kgb gebruikten de methode tijdens de Koude Oorlog veelvuldig. Een bekende anekdote over dit gebruik stamt uit de jaren zestig, toen cia-agenten een complot smeedden om thalliumzout in de schoenen van Fidel Castro te strooien. Dat zou niet genoeg zijn om hem te vermoorden, maar wel net genoeg om zijn haar uit te laten vallen, een bekende bijwerking van thallium. Zonder zijn karakteristieke donkere wenkbrauwen, haar en baard zou het snel gedaan zijn met Castro’s charisma, en daarmee ook met zijn macht.

JIKKE WECHGELAER

President in de bush

Staat George Bush in Afrika eenzelfde ontvangst te wachten als Bill Clinton in 1998?

NEW YORK – President George W. Bush beschouwt zijn Afrikabeleid als een van de meer geslaagde kanten van zijn buitenlandse politiek. Het Midden-Oosten mag overhoop liggen, in Afrika verrichten de Amerikanen grootse werken. Om op deze positieve erfenis de aandacht te vestigen, reist de president vanaf aanstaande vrijdag bijna een hele week door het continent. Hij bezoekt samen met first lady en charitaskoningin Laura Bush de landen Benin, Tanzania, Rwanda, Ghana en Liberia.

Toen Bill Clinton in 1998 een tour door Afrika maakte, viel hem een heldenontvangst ten deel waarop haast niemand had gerekend. Voor het eerst in twintig jaar liet een Amerikaanse president zijn gezicht zien op het Afrikaanse continent en ondanks de rampzalig verlopen militaire hulpoperatie in Somalië in 1993, het wegkijken bij de Rwandese genocide in 1994 en een nogal bescheiden bijdrage aan ontwikkelingshulp, bleek de president in landen als Oeganda, Ghana en Zuid-Afrika onwaarschijnlijk populair. Democraten zijn goed voor Afrika, was de gedachte.

Toch was het de Republikein Bush die écht belangstelling voor Afrika toonde en de hulp aan het continent op z’n minst verdubbelde. De conservatieve christelijke achterban van de president, vaak dezelfde groepen die in de jaren tachtig nog warme banden met het apartheidsregime in Zuid-Afrika onderhielden en net als Dick Cheney tegen de vrijlating van de communist Nelson Mandela waren, had zich op de Afrikaanse medemens gestort. Dat leidde onder andere tot vrij intensieve betrokkenheid bij het vredesproces tussen (islamitisch) Noord- en (overwegend christelijk) Zuid-Soedan en tot vruchteloze maar dappere pogingen om iets aan de crisis in Darfur te doen.

Het meeste nieuwe geld ging naar de President’s Emergency Plan for Aids Relief, kortweg pepfar. Dit is ook meteen het meest omstreden deel van de hulp. Want op expliciet verzoek van de christelijke belangengroepen en een aantal conservatieve Congresleden is bij de preventie van aids de verspreiding van condooms teruggebracht en de nadruk meer komen te liggen op onthouding (‘abstinence’) voor het huwelijk, terwijl niet bewezen is dat louter gedragsverandering tot minder besmettingen leidt. Oeganda heeft met eigen beleid laten zien dat een combinatie van gedragsverandering en condoomverspreiding tot een daling van het aantal hiv-gevallen kan leiden. Maar sinds het land de Amerikaanse aanpak overgenomen heeft, nemen de besmettingen weer toe.

Ondertussen heeft de Amerikaanse regering zich bij Afrikanen evengoed weinig populair gemaakt met een plan voor nieuwe permanente militaire aanwezigheid op het continent. Dit ‘Africom’ moet volgens het Witte Huis niet alleen de Amerikaanse ‘veiligheidsoperaties in de regio versterken’ (lees: oorlog tegen terreur en de strijd tegen al-Qaeda-cellen), maar zal ook een rol spelen bij het verbeteren van uiteenlopende nobele doelen als onderwijs, zorg en democratie. Op de trouwe Amerikaanse bondgenoot Ethiopië na – het land waar het hoofdcommando van Africom waarschijnlijk gevestigd wordt – zijn de Afrikaanse regeringen verenigd in hun afkeer van Bush’ voornemen. Dat is op z’n minst een uniek resultaat van Bush: Afrikaanse leiders zijn het hoogst zelden met elkaar eens.

PETER VERMAAS