Weg

Hij is verdwenen. Mijn mooie, glimmende fiets. De eerste nieuwe fiets die ik ooit heb bezeten. Ik kocht hem drie weken geleden, nadat ik van de fietsenmaker een blokje om mocht om hem uit te proberen. Het was zo’n geruisloos ritje dat ik haast vergat wat ik deed. Ik kreeg een onwerkelijk gevoel, alsof ik in het luchtledige hing. Als je gewend bent geraakt aan hevig rammelende en bokkende barrels kan zoveel volmaaktheid ontregelend zijn. ‘Het kost wat’, had de fietsenmaker gezegd, ‘maar een rijwiel als dit zal zeker vijftien jaar meegaan.’

Het leek mij heerlijk en ja, in zekere zin zelfs noodzakelijk, om iets te bezitten waarvan je de levensduur zo goed kunt inschatten. Daar gaat een grote troost vanuit. Dus kocht ik hem en vertelde aan zo ongeveer iedereen die ik sprak dat ik nu een grotemensenfiets had. Met allerlei moderne snufjes en een echt pompje erbij en ook nog een zelfdenkend achterlicht dat even blijft branden als je bijvoorbeeld voor een stoplicht wacht maar uitgaat als je thuis bent. Ontroerende techniek. En iedere ochtend als ik de gordijnen openschoof wierp ik een warme blik naar de overkant, waar hij tegen het elektriciteitshuisje stond, met twee sloten. Tot vanmorgen. Ik keek. Ik keek heel lang en heel vergeefs. Ongeloof balde zich samen in mijn maag. Ik trok mijn schoenen aan en liep naar buiten. Ik speurde de straat af, sloeg de hoek om, liep langs dozijnen vreemde fietsen en keerde ten slotte terug naar de plek waar hij had moeten staan. Hij stond er niet. Maar zijn ontbreken had dezelfde vormen als zijn aanwezigheid. Ik bedoel: zijn verdwijning vulde de plaats waar hij had gestaan zo volmaakt, dat hij haast nog tastbaar was. Later die dag schreef ik een brief aan de dief en plakte hem, bij gebrek aan een adres, op het elektriciteitshuisje. Het was geen aardige brief. Verregende kampeervakanties wenste ik hem. Jeuk op lastig bereikbare plaatsen, zonder iemand om te krabben in de buurt. Griep en keelpijn. Vroegtijdige kaalheid. Grote aambeien. En schaamte. Het soort schaamte dat, wat mij betreft, zeker vijftien jaar mee zal gaan.