Hoofdcommentaar

Weg met de maximumsnelheid

reageer online

Tot de zegeningen die we het Afghaanse volk brengen hoort ongetwijfeld ook het recht op vrijheid van meningsuiting. Waarvoor zou je daar anders scholen bouwen? En nu dreigt er een gruwelijk dilemma. Afghanen in Kaboel hebben gehoord dat in Nederland een film zal worden uitgezonden waarin korte metten met de Koran wordt gemaakt. Met een paar honderd gingen ze de straat op, riepen Dood aan Nederland! en maakten alvast korte metten met de Nederlandse vlag.

Zullen die twee acties helpen? Zal er één Nederlander, om een bescheiden optie te noemen, kou vatten doordat verderop in de wereld een exemplaar van de driekleur is verbrand? En mutatis mutandis, zal één Afghaan de dageraad van de Verlichting zien nadat hij deze film op zich heeft laten inwerken? In beide gevallen: niet waarschijnlijk.

Deze niet vertoonde film heeft één verdienste: hij laat zien in welke overgekookte graad van zotheid Nederland terecht kan komen als we ons in de wereldpolitiek mengen.

Een korte recapitulatie. In 2006 heeft het toenmalige kabinet zich laten wijsmaken dat de Afghanen dringend behoefte hadden aan een Nederlandse opbouwmissie. Als lid van de Navo konden we niet weigeren. De soldaten gingen naar Uruzgan, een provincie die nog niet helemaal veilig was. Maar als we genoeg scholen en wegen bouwden en waterputten sloegen zou dat wel verbeteren.

Twee jaar later is de vredesmissie in een vechtmissie veranderd, er zijn veertien Nederlanders gesneuveld. Van onze vrienden in de Navo zijn alleen de Britten en de Canadezen bereid in gevaarlijke gebieden te blijven. De Canadezen tot 2009 en niet langer. Als de anderen al bereid zijn te gaan, zoals de Duitsers, blijven ze in het betrekkelijk veilige noorden. Niet onverstandig, want sinds het begin van de missie is de algehele toestand in de regio verslechterd. Vermoedelijk de belangrijkste oorzaak daarvan ligt in Pakistan. De Taliban ravitailleren en rekruteren in het ontoegankelijke grensgebied met Afghanistan. Sinds de Pakistaanse verkiezingen zijn bij bomaanslagen in dit land vijfhonderd mensen gedood. De Taliban profiteren van de chaos.

Dit alles is de Nederlandse regering natuurlijk bekend. Ambassadeurs en militairen sturen hun rapportages naar Den Haag. Toch heeft dit kabinet eind vorig jaar besloten nog twee jaar bij te tekenen, dus tot 2010. Daarmee heeft het ten koste van de Nederlandse soldaten een sprong in het duister gedaan. Iedere oorlog is altijd een hoogst onzekere onderneming. Wat er op het ogenblik in Afghanistan gebeurt, overtreft op dit gebied alles. Niemand weet hoe de verhoudingen in Pakistan zich zullen ontwikkelen, wie de volgende Amerikaanse president zal zijn, hoe het verder zal gaan in Irak, of de Navo-vrienden straks bereid zullen zijn soldaten te sturen. Stuk voor stuk factoren die onderling van elkaar afhankelijk zijn.

En dan komt een van de vermoedelijk zwaarst beveiligde vrijheidsstrijders uit de Nederlandse geschiedenis met een film waarin hij naar zijn zeggen de Koran als een fascistisch boek en de islam als een idem godsdienst zal ontmaskeren. Hij denkt dat Nederland geïslamiseerd zal worden en dat Europa op den duur door een tsunami van moslims zal worden verzwolgen. Bij het bekendmaken van dit alles beroept hij zich op de vrijheid van meningsuiting, en wie hem erop attent probeert te maken dat het wel wat kalmer aan kan, wordt uitgescholden. Mijn zegen heeft hij. Ik zal niet proberen hem bij zijn alarmistisch getetter een strobreed in de weg te leggen.

Ik heb wel aanmerkingen op zijn actie. Een goed politicus gaat voor hij in het publiek zijn mond open doet bij zichzelf te rade over de gevolgen van zijn daden. Zoals al jaren, telkens weer, proefondervindelijk wordt aangetoond, bevindt zich onder de moslims een bestanddeel uiterst lichtgeraakte fanatici die volstrekt geen boodschap hebben aan onze vrijheid van meningsuiting en die alleen naar wraak dorsten als ze de indruk krijgen dat hun god wordt beledigd. Door deze film zullen ze niet worden bekeerd, maar tot het uiterste gemobiliseerd. Dat weet ook deze cineast. Daarom is hij weliswaar niet verantwoordelijk voor de terreur van anderen, maar wel aanwijsbaar medeplichtig. Indertijd wilde hij de maximumsnelheid op de Nederlandse wegen afschaffen. Daaraan ligt in principe dezelfde gedachtegang ten grondslag als aan deze film.

Minister Verhagen is optimistisch. Hij is ervan overtuigd ‘dat de Afghanen zullen begrijpen dat de Nederlandse troepen voor iets heel anders staan dan deze cineast’. Daar zal president Karzai voor zorgen. Zoals we weten heeft deze president de wind eronder. Wat bevestigt intussen deze fameuze, nog geheime film? Dat onze Afghaanse politiek in totale verwarring is gestrand en zelfs geen antwoord heeft op de acties van zo’n misplaatste franc-tireur.