Muziek

WEGSTERVENDE SPOOKTONEN

POPMUZIEK Colleen

Op haar vijftiende zag de Parijse Cécile Schott, artiestennaam Colleen, Tous les matins du monde, een film over componist Marin Marais en zijn viola da gamba. Schott was betoverd door de directe klank van het instrument, maar vooral door de wegstervende spooktonen die in de lucht bleven hangen na het spelen. Waar andere meisjes van vijftien doorgaans dagdromen van een scooter of een vriendje mijmerde Schott over het bespelen van de viola da gamba in haar kleine meisjeskamer. Ze kreeg er overigens geen, vast omdat haar ouders er weinig heil in zagen om stad en land af te struinen op zoek naar een zeldzaam en peperduur instrument.

Colleens fascinatie voor excentriek instrumentarium is nooit afgenomen. Integendeel, het werd haar handelsmerk. Als een moderne moeder Theresa ontfermt ze zich over vergeten instrumenten als de glasharmonica, het spinet en voornoemde viola da gamba. Ze stoft ze liefdevol af, bestudeert ze en speelt er vervolgens op. Ze ontrukt ze heldhaftig aan de vergetelheid en geeft ze nog even een podiummoment. Op Les ondes silencieuses (2007) lijkt Colleen rechtstreeks met een teletijdmachine uit de Renaissance overgeflitst, onder haar arm de felbegeerde en speciaal vervaardigde viola da gamba. Ze gebruikt hem veelvuldig te midden van spinet, gitaar en kristallen glazen.

Colleens bewierookte debuut Everyone Alive Wants Answers (2003) kon nog worden aangeduid als elektronica: ze hakte samples van klassiek, omgevingsgeluiden en allerhande curiosa uit haar platencollectie secuur tot snippers en voerde die aan haar laptop om er dromerige halfslaapmuziek van te smeden. Op het nieuwe album laat ze de elektronica geheel links liggen en wijdt zich enkel nog aan het ambachtelijke spelen. Colleen is op haar dertigste definitief geen tienermeisje meer. De muziek is minder dromerig en naïef: de toon zwaarder, verstilder, soms zelfs wat statisch. De vluchtigheid van geluid is het hoofdthema. Tonen sterven continu weg, om zich op het moment van totale stilte weer te hervatten.

Overdubs zijn schaars en bovendien hinderlijk modern: bij Colleen gaat het om de liefde voor de klank van een instrument, en die klank dient puur te blijven. Liedjes kun je het niet noemen, het zijn cyclische, melancholieke melodieën met Spartaans weinig franje. Dat zou een vermoeiende plaat op kunnen leveren, maar Les ondes silencieuses ontroert. Colleen brengt de liefde voor haar instrumenten op zo’n manier over dat je haar niet alleen begrijpt, maar dat je ook wordt meegesleurd, zo haar elegante klankenwereld in.

Colleen, Les ondes silencieuses, The Leaf

Label