Wel belastingplicht, geen kiesrecht

Er zijn weinig onderwerpen waar je zo snel over bent uitgepraat. Kiesrecht voor mensen die langer dan vijf jaar in Nederland wonen. Vijf jaar waarin de politiek voor hen van alles en nog wat beslist. Dan mag het toch tijd worden dat iemand ook eens kan gaan stemmen. Hamerstuk, lijkt me. Maar nee. Want, zo vindt de VVD met de van haar bekende takt: als een buitenlander wil integreren moet-ie maar Nederlander worden.

Goed plan. Alleen zou dat dan ook moeten gelden voor het voorrecht om belasting te mogen betalen. Uiteindelijk is dat wat regering, parlement, provincie en gemeente zitten te doen: het belastinggeld verdelen. Nu zijn er dus 300.000 mensen in Nederland die wel het volle pond betalen maar die dat minieme beetje invloed - door te stemmen, over onder andere de besteding van dat geld - wordt onthouden.
Het is allemaal te flauw voor woorden, ware het niet dat de indruk wordt gewekt dat het veranderen van nationaliteit zoiets is als het aantrekken van een andere jas. Maar de beslissing om al dan niet Nederlander te worden is voor migranten vaak moeilijk en heeft grote gevolgen. De VVD mag dan van mening zijn dat het Nederlandse paspoort het meest begeerde stuk papier op aarde hoort te zijn, maar velen bedanken voor de eer om door deze stap een vreemdeling in twee landen te worden: die racistische lolbroek op de Amsterdamse markt houdt heus zijn mond niet omdat Ali een Nederlands paspoort op zak heeft, en in het land waar Ali vandaan komt, verliest hij een aantal rechten.
De koppeling van stemrecht aan nationaliteit heeft al lang geleden zijn vanzelfsprekendheid verloren. Je wordt geacht je te houden aan de wetten van het land waar je je bevindt en te functioneren binnen de maatschappelijke arrangementen aldaar. Dat heeft iets overzichtelijks. Maar de legitimatie daarvoor ligt in de politieke participatie van degenen die onder de jurisdictie van die wetten en arrangementen vallen. Het CDA is ook tegen, maar laat er een iets chiquer klinkende redenering op los. Provinciale Staten kiezen de Eerste Kamer en dus krijgen buitenlanders via het stemrecht voor Provinciale Staten invloed op het buitenlandse beleid en het veiligheidsbeleid. Ja, nou en? Er zijn al heel wat buitenlanders die daar invloed op hebben: een paar in Washington, een handjevol in Brussel, een paar captains of industry - geen van allen gekozen en met zeer veel verschillende paspoorten. Afgezien daarvan, ook niet-Nederlandse ingezetenen zijn subject van ’s lands veiligheids- en buitenlands beleid. Mocht dat beleid ertoe leiden, wat God verhoede, dat ons op een zeker moment de bommen en granaten om de oren vliegen, dan treffen die de niet-Nederlandse burgers evenzeer.
Een paar jaar geleden heeft de politiek een einde gemaakt aan de potsierlijke situatie dat in sommige Amsterdamse buurten de meerderheid van de bewoners niet mocht stemmen. En het schijnt dat tegenwoordig ook niet-Nederlanders de post mogen bezorgen. Nu dan het stemrecht voor Provinciale Staten, want waarschijnlijk draait het CDA wel bij. En dan over tien jaar stemmen voor de Tweede Kamer. De vooruitgang gaat toch soms wel heel erg langzaam.