Toneel

Welkom in het dolhuis van Harold Pinter

Toneel: Het Nationale Toneel speelt Pinters ‹No Man’s Land›

De openingsdialoog van Harold Pinters No Man’s Land (1975) gaat over drank, misschien over kunst: «As it is?» vraagt de één; antwoord van de ander: «As it is, yes, please, absolutely as it is.» Carel Alphenaar vertaalde deze dialoog negen jaar geleden voor een vrije productie van het stuk aldus: «Puur?» «Ja graag, puur, perfect, puur.» Kan. Gaat primair over drank (whisky zonder soda). Regisseur Antoine Uitdehaag en zijn dramaturg Karim Ameur vertalen anno 2004 deze dialoog zo: «Gewoon zo laten?» «Gewoon zo laten! Absoluut zo laten!» Is niet béter. Klinkt wel intrigerender. Gaat nog steeds over drank. Is óók een statement over een toneelstuk dat als een dwaallicht over de plankieren zwalkt, dat je vooral met rust moet laten, zijn eigen werk moet laten doen. As it is!

Het toneelbeeld is wit. Midden een monumentale fauteuil, links een kleine stoel, een open drankmeubel met voorraad voor een bacchanaal, verderop een spiegel tegen de wand, achter een witte fauteuil, een deur die los in de ruimte staat. De deur is intri gerend: gaan de personages af door die deur, dan wandelen ze achteloos, als zichzelf de coulissen in, retour vice versa: doen ze de deur open, dan worden ze hun personage. Achterin, op een beeldscherm, zien we een perspecti vische reproductie van het toneelbeeld, met een afstandsbediening wij zigen de acteurs die recon structie, tot er uiteindelijk alleen nog maar een eindeloze gang overblijft.

De lange openingsdialoog tussen gastheer Hirst (Carol Linssen, crème driedelig pak) en de uit een kroeg opgepikte Spooner (Lou Landré, shabby ambtenarengrijs) is een wonder van wat in de afgelopen veertig jaar «pinteren» is gaan heten: je hebt als toeschouwer geen begin van een idee in welk gekkenhuis je bent beland, maar je zit wel op de rand van je stoel te luisteren. Spooner vertelt dat hij superieur is, maar je gelooft hem niet. Hirst speelt dat hij superieur is, zijn motoriek en blik verraden het begin van een delirium (hij drinkt wodka en whisky door elkaar als limonade). Ze wisselen vertrouwelijkheden uit (over moeders en broekpissen op je 28ste), er komt een vermoeden van heimelijke herenliefde voorbij (gluren in het park, mannen oppikken in een kroeg). Na twintig tergende minuten vindt Spooner het tijd om zichzelf voor te stellen: «Mijn naam is Spooner.» Welkom in het dolhuis van Harold Pinter! Gevecht tussen twee schrijvers, concurrenten, en in méér dan alleen de literatuur. Net als je denkt dat de puzzel in elkaar schuift, komen er twee types in zwarte kostuums op, de één lang, gevaarlijk, met zware wallen onder de ogen, de ander aantrekkelijk, blond, met een vlotte babbel. Het luxe appartement verandert na hun opkomst opeens in een maffiose gevangenis.

No Man’s Land is Pinter op zijn best. De taal lijkt de partituur voor een strijkkwartet (is een cliché, ik weet het), de handeling het scenario van een gangsterfilm, de plot één ronddraaiend geheim. Wát heeft wíe met wíe? Waarom zijn deze mensen hier bij elkaar? Wíe dwingt wíe tot wát?

Niemandsland werd afgelopen weekend mijn gedroomde seizoensopening. Lou Landré danst als Spooner door Pinters partituur. Landré (hij neemt met deze rol afscheid van het toneel) swingt op zijn tweedehands instappers, zijn sokken-met-gaten, met zijn wenkbrauwen, met zijn dwingende blikken, en als hij Hirst een drankje brengt, schrijdt hij als een eersterangs kelner: glas elegant op de hand. Van het champagneontbijt na de doorwaakte tempeliersnacht maakt hij een slapsticknummer van een schaamteloos hoog niveau. Carol Linssen geeft hem vilein partij, met kleine aria’s die door de toneelruimte snijden als vliegende scheermessen. Hajo Bruins en Peter Bolhuis worden in de loop van deze heerlijke toneelavond de ideale aangevers, doodeng en ijzig. En als Lou Landré de epiloog spreekt in dit vagevuur dat nooit meer zal ophouden, trekt er een huiver van mijn kruin tot diep in mijn tenen. Het verdient aan beveling om als toeschouwer vooraf je hoofd drastisch op te ruimen en zonder oordeel (of een poging tot verklaren of begrijpen) te kijken. Volg deze Pinter als schaatser in het pikkedonker! As it is!

‹Niemandsland› van Harold Pinter, tot eind november door het hele land. Inlichtingen: 070-3181444, www.nationaletoneel.nl