Vorige week, aan de vooravond van de verjaring van de Russische inval in Oekraïne, gebeurde er iets opmerkelijks in Nederland: onze premier publiceerde een opinie over de geopolitieke stand van zaken in de NRC. De hoofdboodschap: deze oorlog noopt Nederland tot omvangrijke en langdurige steun aan Oekraïne. In zijn opiniestuk licht de premier ook toe waarom dit zo is. Hij vat het samen in de zinsnede ‘democratie is niet gratis’. Wat bedoelt hij hiermee?

In de strijd van Oekraïne draait het in eerste instantie om het terugslaan van de misdadige aanvalsoorlog van Rusland. Daaraan doet Nederland mee via zijn lidmaatschap van de Navo en de EU, twee internationale organisaties die zichzelf onomwonden ten doel stellen dat Oekraïne deze oorlog moet winnen. De reden voor het actieve engagement van Navo en EU is dat het front in Oekraïne ook het front is van de strijd tussen een wereldorde van open samenlevingen enerzijds en zij die deze wereldorde omver willen werpen, de revisionisten, anderzijds. In die laatste groep loopt Poetins Rusland nu voorop. Dat is meteen ook de belangrijkste reden dat China voortdurend aanleunt tegen de Russische positie, want China ijvert voor een multipolaire wereld.

Een multipolaire wereld zoals China die zegt voor te staan is er een met meer machtscentra dan het Westen (lees: Amerika) alleen. Deze andere wereld biedt ruimte aan andere staatsinrichtingen dan die van de liberale democratie en moet een wereld zijn waarin internationale organisaties de huidige machtsverhoudingen weerspiegelen (en niet die uit het Westen van 1945). Kortom, China wil de wereldorde kantelen. Weg van de tweede helft van de twintigste eeuw, die na het einde van de Koude Oorlog uitmondde in een bijna-hegemonie van de Verenigde Staten. Xi distantieert zich dan ook niet van Poetin. Vele landen elders in de wereld, en niet de minste, sympathiseren impliciet of expliciet met deze Chinese lijn. In de kantelende wereldorde is de Oekraïense zaak niet per se de hunne.

Het is tegen deze achtergrond dat oorlog door de leiders van het Westen en hun organisaties (Navo en EU voorop) begrepen wordt als een cruciale botsing van twee visies op de toekomst van de wereld: een visie uit de vrije wereld en een visie uit een andere wereld. Dit is ook het schema waarin onze premier redeneert, en concludeert: ‘vrijheid is niet onderhandelbaar en dat brengt verantwoordelijkheid met zich mee’, dat betekent dat ‘onze veiligheid ons meer waard moet zijn dan in de afgelopen decennia’. Vandaar: ‘democratie is niet gratis’.

Kijken naar Amerika biedt geen soelaas meer

Het is prijzenswaardig dat de premier op deze manier de positie van de Nederlandse regering nader toelicht. Dat geldt ook voor de openheid waarmee hij ons deelgenoot maakt van zijn eigen gedachten over de toekomst van de wereld. Ook ‘de 21ste eeuw wordt de eeuw van Amerika’, zo schreef hij een dag na Munich Security Conference (MSC), sinds 1963 een jaarlijkse hoogmis van (westerse) high politics, waar een toch wat ander geluid klonk.

Deze MSC was historisch. In het licht van de oorlog in Oekraïne kwam een ongekend aantal wereldleiders in het weekend van 17-19 februari samen in hotel Bayerischer Hof. De Amerikaanse delegatie illustreerde de massieve steun voor de Oekraïense én trans-Atlantische zaak. Aanwezig waren vice-president Harris, minister van Buitenlandse Zaken Blinken én de grootste bipartisan delegatie van senatoren en congresleden ooit. Al snel bleek dat ook de Amerikanen de wereldorde zien kantelen.

Senator Lindsey Graham, éminence grise der Republikeinen, was daar het duidelijkst over. Samengevat zei hij het volgende. De Verenigde Staten hebben Europa keihard nodig om de desiderata van de liberale wereldorde overeind te houden. Dat behelst meer Europese middelen (militair en financieel), maar veel meer nog moreel en ethisch leiderschap vanuit Europa. Dit is van cruciaal belang voor de liberale multilaterale orde, en haar fragiele constitutionele basis (gebaseerd op onze grondwetten, onze verdragen, en het VN-Charter uit 1945). Wil die orde blijven bestaan, dan zal die gerevitaliseerd moeten worden. Maar juist het morele leiderschap dat daarvoor nodig is, kunnen de Verenigde Staten – na Irak, Kosovo, Afghanistan en Trump – onvoldoende geloofwaardig vormgeven.

Ook zo kantelt de wereldorde. En wel in een richting die Europa, en daarmee ook Nederland, verplicht tot verantwoordelijkheden die historisch ongekend zijn. En waarvoor kijken naar Amerika geen soelaas biedt.