Werkbijen

De echt grote ontdekkingen bereiken meestal vroeger of later een ‘ja, natuurlijk’-moment. Hawking-radiation. Ik wist wat het was, ik snapte het, maar toen ik Stephen Hawking het in een oude bbc-documentaire nog eens zag uitleggen lag het ineens zo voor de hand dat ik even dacht: ja, dat had ik dus ook kunnen bedenken.

Wat niet zo is. Ik heb twee jaar wiskunde gehad op de middelbare school (zalige tijden, toen dat nog kon) en bij aanvang van het tweede jaar kwam de docent voor mijn tafeltje staan, wierp een blik op mijn geknoei met formules en zei luid en duidelijk: ‘Jij zult nooit iets bereiken in het leven.’ De meningen lopen uiteen of hij gelijk heeft gekregen, maar ondertussen snap ik Hawking, quantummechanica en de relativiteitstheorie. Om ze te bedenken moet je kunnen rekenen, maar voor het begrip is alleen maar logica nodig. En er is iets voor te zeggen dat logisch denken eigenlijk moeilijker is dan rekenen.

De meeste keuzes in het leven hebben weinig te maken met logica. Vraag mensen waarom ze religieus, socialist of sigarenbandjesverzamelaar zijn en er komt niets zinnigs uit. Het is een en al gevoel, overtuiging en innerlijke aandrift. Daar is niets mis mee, maar ze doen het ook als ze gaan stemmen en dat is andere koek, want het systeem van de parlementaire democratie veronderstelt dat mensen kiezen wat goed is voor het land en henzelf. Als dat zo was zat Trump nu alleen te mokken in een veel te groot kantoor en zou Thierry de Slingeraar (ja sorry, ik moet onweerstaanbaar aan die oude Franse jeugdserie denken als ik hem zie) gewoon weer verder werken aan zijn lijstje met twaalf ambachten en dertien ongelukken.

Democratie is een mooi ding, maar heeft weinig te maken met logica. En dat is koren op de molen van types die het beter weten en op de een of andere manier altijd aankomen met iets waar je het verkeerde soort kippenvel van krijgt. Gelukkig zijn die er niet zoveel, maar een democratie kan ook vleugellam worden gemaakt door, nou ja, democratische besluiten.

Of door wiskunde.

Als ik een algoritme was zou ik de schrijver MM verdacht vinden

De sleepwet, die bij referendum ternauwernood is afgekeurd, gaat niet alleen over het trawlen van internetverkeer, maar misschien nog wel meer over dataverwerking. Die verwerking is niet in handen van mensen – zeg: burgers van de democratie – maar wordt uitgevoerd door algoritmen. Laat die los op de berg data die in het net is blijven hangen van ‘de diensten’ en je hebt een recept voor onheil. Een algoritme heeft geen inzicht, maar kent alleen maar instructies. Iemand die verdacht gedrag vertoont kan zomaar onderwerp worden van intensieve studie, en niet alleen die persoon, maar ook zijn sociale en professionele netwerk. En verdacht gedrag is niet wat verdacht is, maar wat door het algoritme als zodanig wordt aangewezen.

Als ik een algoritme was zou ik de schrijver MM behoorlijk verdacht vinden. Zoekt naar teksten over raf-terrorisme, downloadt publicaties van Ulrike Meinhof en vrienden, bestudeert kaarten van gebieden waarin bijna niemand is geïnteresseerd, heeft foto’s bekeken van uitgebrande auto’s. Een mens zou denken dat de schrijver MM misschien een spannend boek in gedachten heeft. Een mens zou hem misschien eens bellen. Een algoritme plaatst een vlaggetje en verzamelt nog meer data. En een algoritme vindt eigenlijk altijd wel iets, ook al is dat iets misschien zonder betekenis.

Voor de sleepwet geldt wat voor de hele maatschappij geldt: we laten steeds meer over aan geautomatiseerde systemen. Dat heeft zijn voordelen, maar ook een paar nare nadelen. Veel politiewerk wordt overgelaten aan camera’s. Wie te hard rijdt, belt in de auto, of iets anders fout doet, wordt geregistreerd en krijgt thuis een nota. Het proces van handhaving en bestraffing is een administratieve affaire waar geen mens aan te pas komt. Dat bespaart een boel geld, maar het nadeel is dat je geen politiewagen meer op de weg ziet. De boetes worden geïnd, en in die zin is het systeem effectief, maar ik geloof dat geen mens een gevoel van bestraffing ondergaat door zo’n administratieve afhandeling.

Ik werd een week of wat geleden vermanend toegesproken door een fietsende agent omdat ik niet was gestopt voor een voetganger die aanstalten maakte om over te steken. In de drukte van de zondagse Coolsingel was mij ontgaan wat ik precies verkeerd had gedaan, dus ik sputterde wat tegen. Pas een paar minuten later begreep ik mijn fout en de rest van die middag werd ik gekweld door gevoelens van schuld en schaamte.

Haal de mens uit de ordehandhaving en de bestraffing en er is alleen nog een technische afhandeling die een vaag ‘zal wel’-gevoel achterlaat bij de overtreder. Zonde van het geld, maar dat is een belastingaanslag ook.

De volgende stap is berechting door de computer. Voer de juiste gegevens in en een algoritme is in staat om op basis daarvan een straf uit te delen. Dit is geen sciencefiction. Vorig jaar is al een proef gedaan. Conclusie: ‘Voor de computer zich kan meten met een rechter van vlees en bloed moet nog flink wat werk worden verzet.’ Dat dat gebeurt is onvermijdelijk. En dat er altijd nog een mens meekijkt, net als bij de algoritmen van de inlichtingendiensten, is niet meer dan een overgangsfase. Als we ons niet verzetten veranderen we in werkbijen die worden gevolgd, veroordeeld en bestraft door een systeem dat in alle opzichten van het woord inhumaan is.