Commentaar: Knakworst

Wie bewaakt onze knakworst

De Nederlandse overheid kan de veiligheid van het voedsel niet garanderen. Dit is geen beschuldiging; de constatering, die ook in andere landen opgaat, valt de overheid niet ten volle aan te rekenen. Nieuwe ziektes en varianten van die ziektes doen de mens soms achter de ontwikkelingen aan lopen. Het is praktisch onmogelijk elk sucadelapje op elke mogelijke ziekte te controleren. Het vlees op ons bord is vaak leugen en bedrog. Een koe eet een koe, eventueel op zijn Belgisch aangelengd met wat smeerolie. Wij nuttigen hem vervolgens met een Oostenrijks glaasje anti-vrieswijn.

Het besef dringt schoksgewijs door. Zo relativeerde vorige maand de voorzitter van de Food Standards Agency de verantwoordelijkheid van de Engelse overheid door te stellen dat de voedselveiligheid vooral afhangt van de bereidheid van het publiek om etiketten te lezen en zelf vragen te stellen. Niet dat dat veel helpt. In Duitsland werd vorige maand in een op de vijf rundvleesvrije worsten rundvlees gevonden. De consument weet inmiddels dat hij niet kan vertrouwen op producenten, distributeurs, detailhandel, controleurs en overheid. En ook al beweert Albert Heijn dat het voedsel in haar winkels wél gegarandeerd veilig is omdat haar leveranciers vlees inkopen bij bedrijven die de wettelijk bepaalde slachttechnieken gebruiken — dat blijkt niet voldoende.

Pas nadat Duitsland afgelopen week de verkoop van bepaalde rundvleesproducten had verboden, kondigde de Nederlandse overheid eenzelfde maatregel af. In blinde paniek werd een rammelend lijstje opgesteld met Duits vlees dat besmet zou kunnen zijn. Nu komt aan het licht dat de Nederlandse overheid al veel langer op de hoogte was van de risico’s. Waarom werd de consument niet ingelicht? Omdat Duitsland zich aan de regels zou houden. In Trouw zei een woordvoerder van het ministerie van Volksgezond heid: «Duitsland zag geen aanleiding om volgens de strengere regels te werk te gaan, omdat er tot voor kort geen gevallen van BSE waren. Nederland heeft, onder meer via minister Van Aartsen, druk uitgeoefend op Duitsland om de Europese beschikking te volgen en de risico-organen van slachtrunderen te vernietigen. Een importverbod voor Duitse rundvleesproducten was juridisch en praktisch onmogelijk.»

Juist omdat het een illusie is te denken dat de overheid voedsel honderd procent veilig kan verklaren, is het belangrijk dat de consument zoveel mogelijk informatie wordt verschaft over inhoud en herkomst van zijn blik knakworst. Als zo serieus aan producten wordt getwijfeld dat de minister van Buitenlandse Zaken andermaal aan het lobbyen slaat, moet die twijfel aan het publiek worden meegedeeld. Het achterhouden van informatie hoort thuis in vorige eeuwen.