AMERIKAANS RAKETSCHILD

‘Wie wil hier nog wonen?’

In het Poolse gehucht Redzikowo worden in 2012 tien Amerikaanse afweerraketten gestationeerd, officieel om de Verenigde Staten tegen aanvallen door Iran en Noord-Korea te beschermen. De inwoners zijn er niet blij mee.

REDZIKOWO, een gehucht van bijna tweeduizend inwoners in het noorden van Polen, zo’n 150 kilometer ten westen van Gdansk, zou een dorp kunnen zijn zoals alle andere dorpen in Polen. Een dorp waar naast de lokale supermarkt een paar verliezers van boven de vijftig met een fles bier in hun hand hun tijd staan te verdoen. ‘Heb je vijftig groszy, ik heb net te weinig om de bus te nemen.’ Redzikowo zou een doorsnee dorp kunnen zijn waar naast een schuur een berg gekloofd hout van twee meter hoog ligt; de winter staat voor de deur. Een dorp waar de grens tussen akkerland en bewoonde wereld gevormd wordt door een rijtje slecht onderhouden flats uit vergane tijden. Vier verdiepingen hoog, schotelantennes aan de buitenmuur, vergeelde vitrage voor de openstaande ramen, een moeder die iets onverstaanbaars naar haar dochtertje op het grasveld tussen de flats schreeuwt. Een dorp waar een frisse, herfstachtige wind waait van de Oostzee, die nog geen twintig kilometer verwijderd is. Zo’n doorsnee dorp zou Redzikowo kunnen zijn.
Maar deze dagen is Redzikowo anders. Het dorp is sinds een paar weken wereldberoemd. Op 20 augustus ondertekenden de Poolse minister van Buitenlandse Zaken Radoslaw Sikorski en de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice in Warschau een verdrag waarin beide landen besloten dat in Redzikowo in 2012 tien Amerikaanse afweerraketten gestationeerd worden. De raketten maken deel uit van het door de Verenigde Staten geplande wereldwijde raketschild, dat hen dient te beschermen tegen aanvallen door rogue states als Iran en Noord-Korea. Het nietige Redzikowo, onderdeel van de wereldwijde strijd van de VS tegen het terrorisme?
‘Ik ben vanaf het begin tegen de stationering van de Amerikaanse raketten in onze gemeente geweest’, zegt Mariusz Chmiel in zijn bescheiden burgemeesterskamer, vier kilometer verderop in Slupsk, een provinciestad met honderdduizend inwoners. Wanneer dat begin was, is niet duidelijk. Volgens de geruchten kwamen de eerste Amerikanen al in 1993 in Redzikowo, op zoek naar een strategisch geschikte plaats voor het uitbouwen van hun verdediging tegen onzichtbare vijanden.
De belangrijkste reden waarom Chmiel tegen de stationering van de raketten in zijn gemeente is, is vrij simpel: ‘De vliegbasis waar de Amerikanen hun raketten plaatsen, ligt op nog geen vier kilometer van de stad waar we nu zitten.’ De burgemeester, een rustige man van 51 met een ernstige blik, strijkt eens over zijn zorgvuldig geknipte baard. ‘We hebben geen enkele informatie ontvangen over de veiligheid van de mensen die naast de raketbasis wonen. Dit militaire object zal door verscheidene staten die geen vriend van Polen en de VS zijn in de gaten worden gehouden.’
Ondanks de gevaren die Chmiel ziet hebben de Amerikanen gekregen wat ze wilden. Na een jarenlange zoektocht zetten ze hun zinnen op Redzikowo als ideale plaats voor de stationering van hun raketten. Redzikowo heeft een lange traditie als militair steunpunt. Tot 1945 heette het gehucht Reitz en was het onderdeel van het Duitse rijk. De Duitsers bouwden er in 1918 een militair vliegveld. In 1939 stegen er Duitse jachtvliegtuigen op die met hun bombardementen op Poolse doelen in het nabijgelegen Gdansk de Tweede Wereldoorlog inluidden. Na de oorlog werden de Duitsers uit het gebied verdreven en bouwden de Polen het vliegveld uit tot een militaire luchtmachtbasis. In Redzikowo werden de beste piloten van het land opgeleid, op een streng afgeschermd terrein van vierhonderd hectare. Redzikowo ligt strategisch gunstig, in een dunbevolkt gebied, dicht bij Rusland. In de socialistische tijden had het sovjetleger talloze bases in de bosrijke omgeving. Na de politieke omwenteling in Polen werd de luchtmachtbasis gesloten. Sinds 1999 ligt het terrein te verpieteren.
Inmiddels wordt het terrein, dat meteen achter de flats van Redzikowo begint, weer streng bewaakt. ‘Teren wojskowy – wstep wzbroniony’, ‘militair terrein – toegang verboden’, staat er in zwarte letters op een geel bord naast de slagboom bij de hoofdingang. Een norse bewaker verbiedt geïnteresseerden en journalisten de toegang. In de verte staan tussen dennenbomen een paar oude Poolse jachtbommenwerpers weg te roesten.

Als het aan burgemeester Chmiel had gelegen was de oude luchtmachtbasis omgebouwd tot een vliegveld voor civiele doeleinden. Daartoe had de gemeente al plannen ontwikkeld. Chmiel laat een plattegrond van de geplande burgerluchthaven en computerbeelden van de virtuele vertrekhal zien. ‘Dit zijn plannen uit september 2007. Waarschijnlijk was toen al duidelijk dat het vliegveld als raketbasis zou gaan dienen’, zegt hij berustend. Dat zou ook verklaren waarom ruim een jaar geleden een Indiase autobandenproducent nul op het rekest kreeg toen deze naar Slupsk kwam om te informeren naar de mogelijkheid zich op de ‘speciale economische zone’ aan de rand van Slupsk te vestigen. Dit terrein grenst gedeeltelijk aan de toekomstige raketbasis en kent speciale, zeer lage belastingtarieven om buitenlandse investeerders aan te trekken. Na hun gesprekken in Slupsk vertrokken de Indiërs naar Warschau, waar op de verantwoordelijke ministeries niemand met hen wilde spreken.
Was toen al duidelijk dat de Amerikanen naar Redzikowo zouden komen? Hoe dan ook, de Indiërs vertrokken onverrichter zake. Inmiddels staat hun bandenfabriek in Hongarije, zegt Chmiel. Hij hoopt in ieder geval op een compensatie voor de komst van de raketbasis, maar de Poolse premier Donald Tusk heeft al te grote verwachtingen getemperd. Waarschijnlijk wordt de hoofdweg tussen Stettin en Gdansk, die langs Slupsk voert, verbreed, hoewel dit volgens sommigen sowieso al zou gebeuren. Verder hopen de inwoners van Redzikowo en Slupsk dat de ongeveer vijfhonderd Amerikaanse soldaten die naar de raketbasis zullen komen en die gedeeltelijk hun gezinnen meenemen, in de regio voor extra werk zullen zorgen.

De geheimzinnigheid over de raketbasis stoort veel inwoners van Redzikowo en Slupsk. ‘Wat weten we nou over de raketten? Wie vertelt ons wat er in die metalen buizen zit die hier over een paar jaar staan?’ vraagt Kamil Wysocki zich af, de 26-jarige medewerker van het Centrum Inicjatyw Obywatelskich (CIO), het Centrum voor Burgerinitiatieven. Het CIO is te vinden op een benauwde zolderetage in het centrum van het gemoedelijke Slupsk, een centrum dat bestaat uit een eigenaardige combinatie van typische baksteengotiek uit het Oostzeegebied, opgevuld met socialistische flats op de plekken waar de Tweede Wereldoorlog wonden achterliet.
Wysocki en zijn tien collega’s verzamelden in augustus binnen drie dagen bijna duizend handtekeningen voor een open brief aan premier Tusk, waarin ze hem om meer informatie over de geplande raketbasis in Redzikowo vroegen. Het centrum houdt zich al ruim een jaar bezig met de mogelijke komst van de raketten. De medewerkers hielden opiniepeilingen onder de plaatselijke bevolking, organiseerden discussieavonden, verzamelden informatie. Officieel is het CIO neutraal, maar het is niet moeilijk om de scepsis van de medewerkers over de basis te horen. Wysocki: ‘Ik vraag me af wie hier allemaal komen kijken als de raketten er eenmaal staan. Die dingen trekken allerlei mensen aan.’ Hij bedoelt: er zullen niet alleen mensen met goede bedoelingen naar Redzikowo komen.
Zijn collega Grzegorz Besarab maakt zich eveneens zorgen over de afweerraketten, maar hij heeft problemen van andere aard: ‘Ik heb onlangs een flat gekocht in Slupsk. Zestig vierkante meter voor ongeveer zeventigduizend euro, de prijzen zijn ongelooflijk hoog hier. Ik ben nu bang dat mijn flat in waarde zal dalen. Wie wil hier nog wonen?’ Besarab ging ervan uit dat veel Polen die in Groot-Brittannië en Ierland wonen de komende jaren terug zouden komen naar Slupsk. ‘Ongeveer 7500 van de honderdduizend inwoners van Slupsk zijn vertrokken. De economie groeit hier hard, dus ik dacht dat ze wel terug zouden keren. Maar dat betwijfel ik nu.’
Besarab maakt zich verder zorgen over de economische ontwikkeling in de regio: ‘Er komen veel toeristen naar de Oostzeestranden in de nabijgelegen badplaatsen Ustka en Leba. Ik vrees dat die de komende jaren wegblijven.’

Volgens minister-president Tusk is de angst van de inwoners van Slupsk en Redzikowo ongegrond. ‘Polen en de Verenigde Staten garanderen de inwoners hun veiligheid’, hield hij op 29 augustus duizend argwanende inwoners voor in de grote theaterzaal in Slupsk. Tusk was naar Noord-Polen afgereisd om de inwoners over de geplande raketten te informeren. Dat werd ook hoog tijd: tot dan toe moesten de bewoners van de regio de informatie uit de krant halen. Kamil Wysocki was ook bij de informatieavond met Tusk aanwezig. ‘Het eerste uur ging nog wel, daarna werden de mensen woedend’, zegt hij. ‘Veel vragen bleven onbeantwoord, zoals de vraag waarom de raketbasis nou juist hier naartoe komt. Waren er geen alternatieven?’
Tusk begreep dat de inwoners van de regio niet blij waren met de raketten, maar zei ronduit dat hij daar geen rekening mee kon houden. Hij kende ook de uitslagen van de opiniepeilingen van het CIO, waaruit blijkt dat tweederde deel van de bevolking tegen de stationering is. ‘Ik ken geen enkele stad die op de komst van de raketten zit te wachten’, deelde Tusk mee. ‘Als we daar rekening mee moeten houden, zou er in Polen niets meer gebouwd kunnen worden.’
Overigens veranderde de houding van de Poolse bevolking ten opzichte van de raketten de afgelopen maanden duidelijk. Uit een representatieve enquête in geheel Polen die kort na de ondertekening van het Pools-Amerikaanse verdrag werd gehouden, bleek dat 58 procent van de bevolking vóór de stationering van de raketten was. Het hoge percentage voorstanders heeft ongetwijfeld te maken met de Russische inval in Georgië eerder die maand. Diezelfde inval heeft waarschijnlijk ook de onderhandelingen over het verdrag, die al vijftien maanden duurden, in een stroomversnelling gebracht. Alleen op deze manier kon op 20 augustus in Warschau het verdrag ondertekend worden. In ruil voor de stationering van tien afweerraketten in ondergrondse silo’s en de komst van maximaal vijfhonderd soldaten hebben de Amerikanen zich verplicht om Polen voor veertig miljoen dollar te ondersteunen bij het moderniseren van hun leger. Bovendien verzekeren de VS Polen van volledige ondersteuning bij eventuele aanvallen van derden op het land.
Dat Polen deze extra garantie belangrijk vindt, is eigenaardig. Als Navo-lid is Polen sowieso al door de wederzijdse ondersteuningsclausule verzekerd van rugdekking door de VS. Maar de Poolse wens van bescherming door de VS is groot, helemaal sinds de Russische inval in Georgië. Veel Polen zijn nog altijd bang voor Rusland. Ver weg is de vermeende vijand niet: de Russische enclave Kaliningrad ligt hemelsbreed slechts tweehonderd kilometer van Redzikowo.

Dat niet iedereen blij is met het Pools-Amerikaanse samenwerkingsverdrag was te verwachten. Een reactie uit Moskou kwam dan ook snel. ‘Polen heeft zichzelf op de lijst met doelen voor een nucleaire aanval geplaatst’, deelde de slecht gehumeurde Russische generaal Anatoly Nogovitsyn enkele dagen na de ondertekening van de overeenkomst mee. Hij dreigde met de verplaatsing van Russische raketinstallaties in westelijke richting. Ook de Russische president Medvedev waarschuwde voor een ‘militaire reactie’ op de aanwezigheid van een Amerikaanse legerbasis in Polen, die door het Kremlin als een gevaar voor Rusland wordt gezien.
Hier zit hem de crux: tegen wie zijn de Amerikaanse raketten, samen met de in Tsjechië geplande Amerikaanse radarinstallatie, gericht? Officieel zijn ze bedoeld als afweer tegen aanvallen uit Iran en Noord-Korea. In de praktijk kan dat alleen Iran betekenen, maar volgens militaire experts is het zeer onwaarschijnlijk dat Iran langeafstandsraketten op de VS zou afschieten. Als Iran dat zou doen, is de kans immers groot dat de VS met een nucleaire tegenaanval reageren.
Daarnaast is het zeer de vraag of de Amerikaanse afweerraketten, als ze al ingezet worden, wel effectief zijn. Volgens experts van het gerenommeerde Massachusetts Institute of Technology in Boston zijn talloze tests met de raketten mislukt en is de kans groot dat de raketten hun doelen zullen missen. De raketten garanderen kortom dus helemaal geen bescherming.
In Redzikowo maakt dat sommige mensen niet uit. Een oudere heer, die 35 jaar lang als technicus op het militaire vliegveld in Redzikowo werkte en zijn naam niet wil noemen, gaat ervan uit dat Redzikowo met de komst van de Amerikanen veiliger wordt: ‘Onze bescherming wordt groter, omdat de Amerikanen ons tegelijkertijd de stationering van Patriot-raketten in Polen hebben beloofd.’ Dat klopt. De Patriot-raketten worden in de buurt van Warschau gestationeerd.
Bij de meeste inwoners van Redzikowo overheerst echter de angst, zoals bij Artur Wroblewski, een jongeman die zojuist met de bus uit Slupsk is aangekomen. ‘Redzikowo wordt een mogelijk doelwit voor terroristische aanslagen. Ja, daar ben ik wel bang voor’, zegt hij tussen de eentonige flatgebouwen. Meteen achter de flats begint het prikkeldraad dat de militaire basis van de buitenwereld afschermt.
Zoals de meeste mensen in Redzikowo, die bijna allemaal een militaire achtergrond hebben, is Wroblewski niet erg spraakzaam. Maar voordat hij in een geel en oranje geschilderde flat verdwijnt, wil hij toch nog iets kwijt. ‘Tijdens de Koude Oorlog waren Rusland en de Verenigde Staten aan elkaar gewaagd. Op dit moment hebben de VS echter de overhand. Dat is gevaarlijk. We willen geen deel worden van een globaal conflict. Maar blijkbaar heeft Polen liever de ondersteuning van Uncle Sam dan van grote broer Sergej.’ En weg is Wroblewski.