Wiegende vlakken

De schilderijen van Robert Mangold ogen, ondanks de precisie van hun uitvoering, wankel en beweeglijk.

SCHILDERIJEN van Robert Mangold zijn helaas nog maar weinig te zien - misschien niet spectaculair genoeg voor de huidige vlotte smaak. Bijvoorbeeld: Red with Green Ellipse/Grey Frame (1989) is een werk waarvan de weloverwogen constructie je uitnodigt er lang naar te kijken om enig gevoel te krijgen voor wat ik de ernstige, contemplatieve kwaliteit ervan wil noemen. Het is een combinatie van twee vreemde ongelijkmatige vierhoekige panelen - baksteenrood en zacht grijs. Voorzover ik met het blote oog kan zien is alleen de hoek linksonder van het rode paneel er een van negentig graden. Maar om dat helemaal zeker te weten zou je dat moeten nameten. Omdat geen van de andere hoeken in het tweeluik loodrecht zijn, begin je aan ook aan de rechtheid van die ene hoek te twijfelen. Het ligt in de natuur van ons kijken, denk ik, dat we bij dat kijken naar het formele ontwerp van het schilderij in ons hoofd blijven uitgaan van een stabiele geometrische figuur als een regelmatige, staande rechthoek. Hier wijkt de constructie daarvan af. Het tweeluik is een compositie van scheve lijnen en kantelende vlakken. De raadselachtige scheefheid ervan ervaren we door, al kijkend, toch te blijven zoeken naar iets van vastigheid. Een vast gegeven is in ieder geval de basislijn van het geheel. Die rechte lijn loopt parallel met de vloer van de ruimte waarin het schilderij, gewoon op ooghoogte, aan de wand hangt. Als dan de hoek linksonder (van het rode paneel) er inderdaad een is van negentig graden, staat de linkerrand van het rode paneel (zo lijkt het) loodrecht op die basislijn. Die rechte hoek zie ik als het beginpunt van de constructie. Vanuit die hoek, stabiel als een winkelhaak, ontwikkelt het schilderij zich, van links naar rechts, als een hoekige melodie: eerst vindt het rode vlak zijn vorm en dan, als een soort afsplitsing, volgt het scheve grijze vlak.
Precies binnen de randen van het rode vlak heeft Mangold met een dik groen potlood een ellips getekend die, scheef als een ei, nog eens de eigenaardige vorm van dat vlak articuleert - zoals in het grijze vlak de open uitsnede dat ook doet. Even dacht ik dat de vorm van die uitsnede, als je die in gedachte zou kantelen (eventueel in spiegelbeeld), wellicht zou samenvallen met de vorm van het gehele vlak - maar dat is, geloof ik, niet het geval. Als je echter de randlijnen van de uitsnede zou doortrekken (van de linkerrand naar boven en dan kloksgewijs verder) kom je uit in de hoeken van het grijze vlak. Het is wonderlijk dat je in de geheimzinnige pasodoble van de twee vlakken toch blijft speuren naar een soort balans in ritme en maatvoering - zoals mensen maar blijven kijken naar de Mona Lisa van Leonardo om er het geheim van de beroemde glimlach aan te ontfutselen. Wij vinden het eigenlijk ondraaglijk een geheim niet te kunnen begrijpen, maar toch is dat het waar het in essentie in de kunst om gaat, om het geheim. Red with Green Ellipse/Grey Frame is schilderkunst op z'n zuiverst omdat het schilderij ons een voorzichtig geformuleerd samengaan van vorm en kleur laat zien dat concreet bestaat maar ook letterlijk onbeschrijflijk is, dus alleen te zien.
Toch blijft wat we zien dubbelzinnig. Het is in ieder geval meer dan een vreemde geometrische constructie. Gerekend vanaf zijn horizontale basislijn, bijvoorbeeld, ontwikkelt het grijze vlak een zodanig scheve vorm dat die naar rechts lijkt te leunen. Tegelijkertijd wijkt het rode vlak naar links - vanaf het punt onderin waar het het grijze vlak nog net raakt. Ik zie die verwijdering van de twee vlakken als een beweging in de compositie die is stilgezet. Je kunt je ook andere varianten voorstellen. Dat te denken is niet zo vreemd als we weten dat Mangold in series werkt waarin een bepaald formeel principe in verschillende versies en met verschillende kleuren wordt gerealiseerd. Daardoor ogen de schilderijen, ondanks de precisie van hun uitvoering, uiteindelijk in hun vorm ook wankel en beweeglijk. Op die, als vorm, discrete vlakken verschijnen vervolgens fragiele, fluwelige kleuren, vlekkerig geborsteld met veel licht tussen de passages. Er zit in de twee kleuren een matte, tedere zachtheid die door de wiegende vlakken omzichtig wordt gedragen.
Dat in het werk van Mangold de formele constructie vooral geregisseerd wordt om ruimte te maken voor een optreden van atmosferische kleur (en dat dat de hoofdzaak is) zien we nog eens duidelijk in het schilderij Plane/Figure Series (Double Panel) F (1993). Ook hier weer twee voorzichtig tegen elkaar leunende panelen. Twee ellipsen, horizontaal en verticaal, geven de vlakken ruimte. Dat zijn de typische middelen van de formele regie. Voor het gedempt gloeiende effect van de kleuren grijsgroen en bruin, ademend in de ruime vormen, gebruikte ik het woord atmosferisch omdat ik, hoe langer ik kijk, de schilderijen van Robert Mangold in de rijke traditie van het landschap wil zien. Ook een abstracte kunstenaar kijkt altijd door het raam naar buiten en ziet daar de onuitputtelijke kleurenrijkdom van de natuur. Het zijn abstracte landschappen - het laatste schilderij donker als de herfst. Het andere, dunner van kleur, heeft het winterse licht van als er sneeuw op de velden ligt.

PS De twee schilderijen, met nog een derde, hangen zeker nog zes maanden in de opstelling van de collectie in het Bonnefantenmuseum in Maastricht