Hoe Mayday Rescue werd verraden

‘Wij waren hun enige hoop’

De Witte Helmen redden dagelijks mensen uit gebombardeerde gebouwen in Syrië en verzamelen bewijs van oorlogsmisdrijven. Hoe kon het gebeuren dat Mayday Rescue, de organisatie die hun steunpilaar was, ten onder ging? Een reconstructie, met centrale rollen voor Haags opportunisme en het wapen desinformatie.

Leden van de Syria Civil Defence, bekend als de White Helmets, zoeken naar slachtoffers na aanvallen van Russische en Syrische oorlogsvliegtuigen op Aleppo, 17 oktober 2016 © Karam Al-Masri / AFP / ANP

Dit artikel is ook vertaald in het Engels


Maart 2014. De toegangsweg naar Oost-Aleppo voert door kilometers puin. Uit karkassen van gebouwen puilen vloeren en plafonds. Rond het kleine kantoor van de Syrische reddingswerkers dreunen bombardementen. Tussen dozen met pikhouwelen en twee doorgezakte bruine fauteuils vertelt Khalid Hajjo hoe het werk van zijn team in het belegerde stadsdeel begon.

Nadat het Syrische regime de massale demonstraties die in 2011 het land in beweging brachten neersloeg, ontbrandde de oorlog. Gewapend met schoppen en bijlen trok Khalid Hajjo er met een groepje vrijwilligers op uit om slachtoffers uit platgebombardeerde woningen en gebouwen te halen. Ook elders in het land kwamen burgers in actie. Zo ontstond de Syria Civil Defence, een organisatie die in oppositiegebieden werkt.

Drie leden in zijn team, vertelt Hajjo, zijn enkele dagen geleden omgekomen. Het is een sinistere wetmatigheid dat na een eerste luchtaanval een tweede volgt om ook de toegesnelde reddingswerkers te doden.

De vrijwilligers hebben nog steeds te weinig spullen. De enige graafmachine is kapot. ‘Onlangs stierf een babymeisje omdat er geen materieel was’, vertelt Hajjo. Sinds kort krijgen ze meer hulp. Zijn collega’s wassen een witte vrachtwagen die zojuist vanuit Turkije is gearriveerd. De komst van de blinkende aanwinst geeft grote opwinding, alsof het een langverwachte gast betreft.

De truck is gestuurd door Mayday Rescue. De organisatie, die begin 2014 is opgezet, zal de Syrische hulpverleners bijstaan met materieel, trainingen en fondsenwerving en uitgroeien tot de belangrijkste steunpilaar. Op het hoogtepunt van de operaties hebben de reddingswerkers tweehonderd teams in Syrië met ruim vierduizend vrijwilligers. Op hun witte helmen komen camera’s die de gruwelijke gevolgen van de bombardementen vastleggen. Wereldwijd worden ze bekend als de White Helmets. Ze zijn twee keer genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede. De Netflix-documentaire over hun werk wordt bekroond met een Oscar.

Het Verenigd Koninkrijk en Duitsland zijn hun belangrijkste donoren, maar ook de Verenigde Staten, Frankrijk, Denemarken, Qatar, Japan en Nederland dragen bij. Tussen 2014 en eind 2019 zal er ruim 120 miljoen euro vanuit donorlanden naar Mayday gaan, bestemd voor de Witte Helmen. Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders noemt hen ‘helden’ en stelt dat ‘het levensreddende en moedige werk dat de vele vrijwilligers onder vreselijke omstandigheden doen onze blijvende steun verdient’. Tussen 2015 en eind 2018 doneert Nederland in totaal 12,5 miljoen euro.

12 augustus 2020. Op een zomerse dag bevestigt de rechter in Amsterdam het faillissement van de Stichting Mayday Rescue. Wat gebeurde er tussen de jaren waarin de organisatie de spin in het web was bij het ondersteunen van reddingsoperaties in Syrië en het moment dat ze de deuren moest sluiten? Welke rol speelde Nederland? Een reconstructie.

Mayday Rescue is het geesteskind van James Le Mesurier, een Britse ex-legerofficier die in 2000 het leger verlaat. Hij werkt voor de Verenigde Naties in Kosovo en voor westerse regeringen in het Midden-Oosten. Na een baan in de internationale private beveiliging maakt hij de overstap naar de humanitaire hulpverlening. Le Mesurier is een charismatische en bevlogen man die veel voor elkaar krijgt en anderen weet te inspireren. ‘Hij was de spil, de visionair en de stuwende kracht’, zegt Ethan Wilson, de voormalige programmadirecteur van Mayday Rescue. ‘Hij was een hardwerkende ceo met morele moed, humor en menselijkheid’, vertelt Emma Winberg, zijn echtgenote die als chief impact officer werkte. ‘Hij organiseerde veel van de trainingen voor reddingswerkers en voelde zich zeer met hen verbonden. Het werk was zijn leven. Het was zijn identiteit.’

Door de dramatische situatie in Syrië opereert Mayday in een sfeer van permanente crisis. De dagelijkse berichten over dode en gewonde Witte Helmen komen hard aan. De werkdruk en stress zijn enorm, maar de sense of mission in het hechte team ook. ‘Het was als een familie’, zegt Ed Bicknell, hoofd aanbestedingen en personeelsbeleid.

Bij Mayday wordt iedereen goed betaald. De honoraria voor de directie zitten in het hoge segment van de internationale hulpsector. James Le Mesurier heeft eerst een maandsalaris van 18.000 dollar, maar levert in en komt uit op 14.800 dollar – plus toeslagen. De donoren hebben de vergoeding voor de vrijwilligers in Syrië vastgesteld op 150 dollar per maand en de Witte Helmen zijn daarmee akkoord. Le Mesurier dringt regelmatig aan op een betere betaling. In juli 2019 wordt het bedrag verhoogd naar 250 dollar. (Door de gierende inflatie is het salaris van overheidsambtenaren anno 2021 gedaald naar ongeveer 22 dollar.)

Terwijl de financiële steun van de donoren toeneemt, breidt Mayday in rap tempo uit, maar de opbouw van de organisatie blijft achter. ‘Aanvankelijk had de organisatie de cultuur van een start-up en de structuur was informeel’, zegt Wilson. Een Raad van Toezicht ontbreekt. De eerste jaren worden uitgaven en inkomsten ouderwets bijgehouden met kasboeken en Excelsheets. Bij gebrek aan banken in het oorlogsgebied gaat geld vrijwel altijd cash of via het hawala-systeem vanuit Turkije naar Syrië. De donoren hebben ieder hun eigen voorwaarden en Mayday legt continue financiële verantwoording af. De organisatie slaagt voor die controles, maar de accountants wijzen wel op de kwetsbaarheid. ‘Iedereen was tevreden met onze manier van werken, maar opeens verwachtten donoren dat we een gevestigde ngo zoals Oxfam zouden zijn, en dat was natuurlijk onmogelijk’, stelt Winberg. Maar terwijl de organisatie geconfronteerd wordt met ‘onvoorspelbare oorlogsomstandigheden, een fluïde politieke context en financiële onzekerheid’, ontwikkelt de organisatie ‘solide procedures en systemen’, zegt Wilson.

Vanaf september 2015 mengt Rusland, de belangrijke bondgenoot van Damascus, zich in de luchtoorlog. ‘Vraag onze teams even niets. Ze zijn te druk met uitgraven van slachtoffers’, roept een geagiteerde reddingswerker door de telefoon. Zojuist hebben Russische gevechtsvliegtuigen hun dodelijke lading boven Noord-Syrië afgeworpen. De reddingswerkers documenteren met hun camera’s ook oorlogsmisdrijven en spelen een onmisbare rol bij het verzamelen van belastend materiaal.

Om de Witte Helmen en Mayday te ondermijnen zet Rusland ook een ander berucht wapen in: desinformatie. De reddingswerkers worden afgeschilderd als terroristen én als propaganda-instrumenten van imperialistische westerse regeringen die regime change willen afdwingen. Le Mesurier wordt beticht van spionage, terrorisme, pedofilie en zelfs handel in menselijke organen. Nooit eerder is zo hevig van leer getrokken tegen een humanitaire organisatie, constateert Graphika, een bedrijf dat data op internet ontleedt.

Een cruciale rol hierbij speelt Vanessa Beeley, een Britse blogger en pro-Palestina-activist met een achtergrond in sales en marketing. Al in 2015 twittert ze over de Syrische reddingswerkers: ‘We know they are terrorists. Makes them a legit target.’ Na haar eerste ontmoeting met Bashar al-Assad in juli 2016 brengt ze een groot deel van haar tijd in Damascus door, tegenwoordig rondrijdend in een roze kever met een portret van de Syrische dictator op de achterruit. In Moskou wordt ze met egards onthaald en mede dankzij de Russische netwerken zal ze een internationale ‘deskundige’ worden. Volgens Graphika bestaat een deel van Beeleys 60.500 volgers op Twitter uit clusters van gebruikers die dezelfde berichten simultaan verspreiden – wat duidt op een gecoördineerde campagne.

Hoe ver de invloed van de Russische desinformatie reikt, blijkt als CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt twijfels uit over de reddingswerkers. Hij heeft veel aandacht voor het conflict – die heeft wel een eenzijdige focus

Hoe ver de invloed van de desinformatie reikt, blijkt als cda-Kamerlid Pieter Omtzigt twijfels uit over de reddingswerkers. De parlementariër heeft veel aandacht voor het conflict. Die heeft wel een eenzijdige focus. Zo’n dertig keer stelt Omtzigt – deels samen met collega’s – Kamervragen, die vooral gaan over de Syrische oppositie, gewapende rebellen, jihadi’s, islamitische terreurbewegingen en de rol van Turkije. Slechts éénmaal uit hij daarin zorgen over het Syrische regime, dat verantwoordelijk is voor veruit de meeste misdrijven.

Op 21 december 2017 willen Omtzigt en partijgenoot Martijn van Helvert weten hoe het kabinet de berichten beoordeelt dat de Witte Helmen ‘zich schuldig zouden maken aan terroristische activiteiten in Syrië’. Hun bron: Vanessa Beeley. Het kersverse kabinet heeft ‘geen enkele aanwijzing dat deze beschuldigingen op waarheid berusten’, antwoorden Halbe Zijlstra (vvd), minister van Buitenlandse Zaken, en Sigrid Kaag (D66), minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. ‘Er lijkt eerder sprake van een bewuste campagne van desinformatie die erop gericht is het werk van de White Helmets in diskrediet te brengen.’ De bewindslieden staan in ‘nauw contact’ met de organisatie en andere donoren, en benadrukken hoe belangrijk het werk is van de reddingswerkers die ruim honderdduizend mensen onder het puin vandaan hebben gehaald. Op het departement valt het dossier onder beide ministers. De bewindsvrouw, die als voormalig onder-secretaris-generaal van de VN leiding gaf aan de missie voor de vernietiging van chemische wapens in Syrië, kent het land goed.

Kaag en Stef Blok, die na de datsja-affaire Zijlstra is opgevolgd, presenteren zich als betrokken bewindvoerders. In hun Kamerbrief van 14 maart 2018 schrijven ze dat de Witte Helmen ‘dagelijks met Nederlandse steun mensen in gebombardeerd gebied’ redden. In de VN-Veiligheidsraad luidt minister Blok op 27 maart de noodklok over het lot van Syrische burgers. Hij toont foto’s van kinderen die zeven jaar zijn, net zo oud als het conflict, en geen vrede kennen. ‘In de afschuwelijke oorlog in Syrië lijkt elke vorm van menselijkheid verdwenen’ en slaagt de internationale gemeenschap er niet in ‘te voldoen aan een van de oudste normen: het beschermen van onschuldige burgers’, aldus Blok. Zelf zal hij enkele maanden later de reddingsacties een zware klap toebrengen.

Idlib, Syrië, 22 maart 2020. Witte Helmen gaan op pad om het centrum van de stad te ontsmetten en de mensen te beschermen tegen corona © Izzeddin Idilbi / Anadolu Agency / ANP

Het is grote paniek in een kliniek in Douma waar kinderen met water worden afgespoeld en met inhalers worden behandeld. De belegerde stad nabij Damascus is op 7 april 2018 getroffen door een gifgasaanval. Meteen gaat de desinformatiecampagne los. Moskou stelt dat de beelden die door Syrische reddingswerkers zijn gemaakt fake news zijn. Als Rusland op 26 april 2018 in Den Haag een persconferentie organiseert om aan te tonen dat er geen gifgasaanval plaatsvond, besteedt talkshow Pauw daar aandacht aan. Journalist Sinan Can vertelt dat de Russen goed zijn ‘in het zaaien van twijfel’. Hij vervolgt: ‘Door die grote stromen desinformatie weet je het ook gewoon niet meer.’ Can doorziet de machinaties wel, maar verspreidt onbedoeld zelf ook ruis. ‘In deze oorlog zijn er ook gewoon geen good guys meer. Iedereen heeft zijn handen vuil gemaakt. Dus wie moet je nog geloven?’ zegt hij. Jeroen Pauw wil weten: wie zijn de Witte Helmen? Can vertelt dat ze burgers uit het puin halen, maar ‘dat daar ook wel mensen bij zitten die een agenda hebben. En van tijd tot tijd misbruik maken van propaganda.’

Ook bij de nos sijpelt twijfel door als de omroep op 22 juli 2018 bericht over de ‘evacuatie van bekritiseerde Witte Helmen’, die in het zuiden van Syrië in acuut levensgevaar verkeren omdat het Syrische regime oprukt. ‘Critici’, die niet nader genoemd worden, zouden vinden dat de hulpverleners ‘een eenzijdig beeld’ van het Syrische conflict schetsen, aldus het online nieuwsbericht. ‘Sommige reddingswerkers zouden bovendien banden hebben met extremistische partijen’, schrijft de nos.

Het is Le Mesurier die leiding geeft aan de evacuatie. Al zijn vaardigheden zet hij in om de Witte Helmen te redden. In allerijl komt Operatie Vliegend Tapijt tot stand. Westerse diplomaten, ook de Nederlanders, denken mee. Vol overgave stort Nadera Al-Sukkar, country-manager bij Mayday in Jordanië, zich op de complexe en riskante reddingsactie. Op haar telefoon komen onophoudelijk noodkreten binnen. ‘Iedereen probeerde desperaat weg te komen. Wij waren hun enige hoop’, vertelt ze, terwijl ze tegen de tranen vecht.

Le Mesurier reist af naar Mayday’s kantoor in Amman, waar hij non-stop met staf, donoren en overheden aan de operatie werkt. Onder internationale druk opent Israël de grensovergangen met Syrië. Na zenuwslopende dagen worden op 21 juli ruim honderd Witte Helmen en ongeveer driehonderd familieleden in veiligheid gebracht. Enkelen zullen asiel krijgen in Nederland. De framing door de nos: ‘Mogelijk worden ze de komende maanden in Jordanië uitgebreid gescreend om bijvoorbeeld te kijken of ze niet zijn geradicaliseerd.’ Maar vierhonderd reddingswerkers en hun gezinnen halen de grensovergang niet. Iedereen weet: voor hun lot moet worden gevreesd.

Daas van de spanning en het slaapgebrek reist Le Mesurier terug naar Istanbul. Van de 50.000 dollar die hij cash meenam om de operatie te financieren is maar 9200 dollar uitgegeven. Hij houdt het restant van 40.800 en laat het bedrag aftrekken van zijn inkomen. Het is netjes geregeld en in e-mails bevestigd, maar ze vergeten de bijbehorende bonnen uit te schrijven. Dat zal grote gevolgen hebben.

Mayday, sinds eind 2015 als een stichting gevestigd in Nederland, eist zijn aandacht op. Nadat de oppositie veel gebied verloor, vluchtten miljoenen mensen naar het noordwestelijke Idlib, waar extremistische gewapende groepen grotendeels de dienst uitmaken. Donoren dringen bij Mayday aan op steviger procedures om financiële verantwoording te kunnen afleggen en willen hardere garanties dat het geld bij reddingswerkers terechtkomt.

Veel reacties komen er niet op de vacature voor een chief financial officer (cfo). De ideale kandidaat zegt na aanvankelijk enthousiasme af. Nummer twee op de lijst is Johan Eleveld, die voor bedrijven en het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft gewerkt. Hij komt op 23 augustus 2018 in dienst als development director/controller terwijl Mayday zware tijden doormaakt, en zijn aanstelling zal geen oplossing blijken, maar een groot probleem.

De brief die de ministers Sigrid Kaag en Stef Blok op 7 september 2018 naar de Tweede Kamer sturen, komt als een donderslag bij heldere hemel: Nederland heeft een streep gezet door de hulp aan de Syrische oppositie – van gematigde rebellen tot Mayday Rescue en de Witte Helmen. Syrië ligt in puin, stellen de ministers. Ruim een half miljoen mensen is omgekomen. Miljoenen zijn op de vlucht. ‘Een duurzame vrede’ is ‘verder weg dan ooit’. Het is ‘teleurstellend’ dat de 70 miljoen euro aan Nederlandse stabilisatiesteun voor de oppositie ‘niet het gewenste resultaat heeft opgeleverd’, vinden de ministers. ‘Door de krimpende ruimte voor de Syrische oppositie en toenemende invloed van extremistische groepen in het overgebleven oppositiegebied zijn de mogelijkheden om op korte termijn het tij nog te kunnen keren buitengewoon beperkt geworden’, aldus de bewindspersonen. Terwijl de crisis in de provincie Idlib verhevigt en de Witte Helmen harder nodig zijn dan ooit, trekt Den Haag zijn handen van hen af. Het ministerie blijft Mayday en de reddingswerkers slechts twee maanden betalen tot het contract eind november afloopt.

‘Het was een klap in ons gezicht. Juist omdat we een stichting in Nederland waren. En nu steunde nota bene die regering ons niet meer’, zegt Emma Winberg. Nederlandse ambtenaren van het Syrië-team in Istanbul en in Den Haag vertellen Mayday dat zij eveneens geschokt zijn en dat ‘het besluit op het hoogste niveau’ is genomen. ‘De Nederlandse diplomaten in het veld zeiden: dit is bullshit, het is politiek. Het heeft niets te maken met Mayday en de Witte Helmen, maar met de andere politieke wind die er waaide’, aldus Winberg.

De ministers bieden bij hun brief aan de Tweede Kamer een rapport van de Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (iob) aan over drie door Nederland gesteunde projecten van de Syrische oppositie, waaronder de Witte Helmen. Het verslag was al op 1 augustus klaar en lijkt nu ingezet te worden ter onderbouwing om de Nederlandse bijdrage aan de reddingswerkers te laten aflopen. Winberg vertelt dat de iob-onderzoekers in mei een bliksembezoek van enkele uren aan het kantoor in Istanbul brachten. Toen leek er geen vuiltje aan de lucht, de Nederlanders bleven zelfs na hun werk nog hangen. Le Mesurier schrikt dan ook van de beoordeling, die hij pas op 10 september ontvangt als het nieuws al op straat ligt. De capaciteit van de Witte Helmen om activiteiten te monitoren en evalueren is ‘onder de maat’, volgens het rapport. Al zijn er verbeteringen doorgevoerd, het systeem zou nog steeds ‘cruciale beperkingen’ kennen. ‘Het is vernietigend’, vindt Le Mesurier, die het rapport als ‘high priority’ doorstuurt naar zijn collega’s.

Waarom laat Nederland een organisatie die mensen redt en bewijzen van oorlogsmisdrijven verzamelt als een baksteen vallen? ‘Ze hadden in Nederland een uitstekende naam als de meest dappere en humanitair belangrijke organisatie die nog in Syrië kon werken’, zegt Bram van Ojik, toenmalig Kamerlid voor GroenLinks. Hij vond de argumentatie van de ministers om de steun te stoppen ‘wankel’, want ging het nou om het krimpende oppositiegebied of om het monitoringsysteem? ‘Als de boeken niet op orde zijn, maar ze doen wel heel belangrijk werk, dan ga je om die reden de subsidie toch niet stopzetten? Stuur dan een boekhouder of accountant om ze te helpen’, zegt hij, en concludeert: ‘De Kamer heeft nooit een bevredigende verklaring voor de stopzetting gekregen.’ 

Een omstreden hulpprogramma, dat niets met de reddingswerkers te maken heeft, zal ook van invloed blijken. Op 10 september 2018 brengen Nieuwsuur en Trouw onthullingen over Nederlandse steun aan groepen van de gematigde gewapende oppositie. Den Haag heeft voor ruim 25 miljoen euro aan goederen zoals pick-uptrucks, voedselpakketten, uniformen, satelliettelefoons, camera’s en medische kits geleverd. Volgens hen is ook hulp naar een organisatie gegaan die door het OM als terroristisch wordt aangemerkt. Nieuwsuur toont filmpjes van rebellengroepen die in witte pick-ups met machinegeweren naar het front scheuren. Het wekt de indruk dat een scala aan jihadistische strijders met Nederlandse steun oorlog voert.

‘De sfeer sloeg om op het moment dat die beelden verschenen’, vertelt Van Ojik. ‘Ik denk dat de bewindslieden erg schrokken van de onthullingen’ en ‘geen nieuwe risico’s wilden lopen’, zegt hij. Er moest publiekelijk een streep door de hulp. ‘Maar mijn angst was dat in de haast om schoon schip te maken, goede clubs daar het slachtoffer van zouden worden. De Witte Helmen waren daar in mijn ogen het meest opvallende voorbeeld van.’

Van Ojik is in de Kamer de enige die het nog opneemt voor de reddingswerkers. Hij dient op 2 oktober tevergeefs een motie in om het humanitaire werk van de Witte Helmen te blijven steunen.

Terwijl het Mayday-kantoor in diepe rouw is om James Le Mesurier, lopen de problemen verder op. Medewerkers ontvangen geen honoraria en CFO Johan Eleveld keert zichzelf wel salaris plus extra’s uit

Op het kantoor van Mayday Rescue heeft men ook het gevoel geofferd te worden vanwege het politiek explosieve dossier. ‘We waren collateral damage’, zegt Wilson. Dat komt exact overeen met hoe Kaag het zich zal herinneren, als ze tegen haar ambtenaren zegt dat ‘al in februari 2018 is besloten’ tot het stopzetten van steun aan Mayday en dat ‘het te maken had met nla’, de omstreden ‘non lethal assistance’ aan de gematigde gewapende oppositie, zo blijkt uit een e-mail van de directeur-generaal van het departement gedateerd 19 december 2019. De krachten achter de desinformatiecampagne grijpen hun kans en roepen dat het beëindigen van de hulp bewijst dat Mayday een terroristische organisatie is.

Bewoners van Aleppo en Witte Helmen nadat er een vatbom viel op de Al-Shaar-buurt, 17 september 2015 © Abdalrhman Ismail / Reuters

Het werk eist zijn fysieke en mentale tol bij de doorgaans energieke Le Mesurier. De jarenlange confrontatie met de oorlog in Syrië en het almaar stijgende aantal doden en gewonden onder de reddingswerkers breken hem op. (Volgens de Witte Helmen zijn in totaal 252 reddingswerkers omgekomen.) Het valt hem steeds zwaarder de Russisch-Syrische lastercampagne van zich af te laten glijden. Maar Le Mesurier is opgelucht dat zijn organisatie met de komst van Eleveld in ieder geval een financiële professional in huis heeft, die bovendien de wetgeving en regels kent waarmee Mayday als Nederlandse stichting te maken heeft.

Wat Le Mesurier niet weet, is dat Eleveld verwikkeld is in slepende procedures. De Nederlander is wegens ‘onbehoorlijk bestuur’ ontslagen als penningmeester/secretaris van het in november 2017 failliet verklaarde Enforsa. Deze stichting zou investeren in een solair park in Roemenië waarvan de opbrengst naar sociale projecten in de geestelijke gezondheidszorg zou gaan. Eleveld en medebestuurslid Schotte worden ervan beschuldigd het bankroet te hebben veroorzaakt door grote sommen aan de stichting te onttrekken, stelt het verslag van de curator. Volgens de nieuwe directie is de zaak ‘leeggeroofd’. Vanuit Enforsa werd ruim zes ton doorgesluisd naar een bedrijf van Schotte. Verder is 200.000 euro overgeboekt naar een onbekende derde. Zelf maakte Eleveld nog 67.000 euro over naar het bedrijf 3C BV, waarvan hij ook bestuurder was. Tevens leende hij 10.000 euro die niet is terugbetaald. De nieuwe directie deed strafrechtelijk aangifte. Het OM zag af van vervolging van Eleveld, maar tot op heden onderzoekt de curator zijn rol. Het is – na het bankroet van Eleveld Meubelen en BV Radius, dat in zonnepanelen handelde – het derde faillissement van organisaties waar Eleveld tot kort voor de ondergang bestuurder was.

In de eerste weken bij Mayday voert Eleveld enkele verbeteringen in de boekhouding door, zoals een nieuw softwareprogramma, al is dat Nederlandstalig. Op 1 december 2018 wordt hij bestuurslid. Geleidelijk stapelen de irritaties bij Mayday zich op. Over het softwareprogramma dat complicaties geeft, te late betalingen aan leveranciers en de Witte Helmen, schending van regels en protocollen, en vertraging in de rapportages aan donoren. Hij werkt vooral vanuit Nederland – thuis en vanuit het Amsterdamse kantoor – en is veelal onbereikbaar. Ed Bicknell, voormalig hoofd aanbestedingen en personeelsbeleid: ‘Hij maakte de zaken eigenlijk erger.’

Als in maart 2019 een audit wordt gedaan in opdracht van de Britse regering, komt ook de financiering van Operatie Vliegend Tapijt ter sprake. Om tegenover de Britse controleurs met een uitleg te komen over wat er met het geld is gebeurd, neemt Le Mesurier een verkeerde beslissing: hij laat twee geantedateerde bonnen uitschrijven – Eleveld is hiervan op de hoogte.

In mei 2019 wordt Eleveld cfo. De spanningen over zijn functioneren lopen verder op. Op 22 oktober 2019 schrijft Le Mesurier een waarschuwing aan Eleveld over ‘informele klachten’ die medewerkers bij de HR-manager hebben ingediend over zijn gedrag tijdens drie gelegenheden: ‘ongecontroleerde woede’, ‘schreeuwen’, ‘de vuist op tafel slaan’, ‘intimiderend en respectloos’ optreden.

Le Mesurier oriënteert zich op mogelijkheden hem te ontslaan, maar probeert ook nog de werkrelatie in goede banen te krijgen. Eleveld is ervan overtuigd dat het einde van zijn dienstverband nadert, vertelt Bicknell, die nog weleens een biertje met hem dronk. Hij merkt hoe de Nederlander begint met stemmingmakerij tegen Le Mesurier en vooral tegen zijn echtgenote Winberg. In diezelfde periode wil Mayday een externe beoordeling om te zien of de organisatie op de goede weg is met de veranderingen die op advies van Britse controleurs zijn doorgevoerd. Voor die opdracht neemt Eleveld het Twentse accountancykantoor smk in de arm, dat eerder betrokken was bij het samenstellen van de jaarrekeningen 2017 en 2018, maar verder geen internationale ervaring noch ervaring met organisaties in oorlogsgebieden heeft.

Begin november vliegt Eleveld met twee registeraccountants van smk naar Istanbul voor een vierdaags bezoek om de adviserende evaluatie-opdracht uit te voeren. Tot verbazing van de Mayday-medewerkers vragen de Nederlandse accountants niet naar de recente veranderingen, maar naar de gang van zaken in het verleden, zoals kasopnames, de posities van Le Mesurier en Emma Winberg en hun financiën. Ook de bonnen van Operatie Vliegend Tapijt worden onder de loep genomen. ‘Het was een hinderlaag’, zegt Bicknell.

In het vijfsterrenhotel Novotel Istanbul Bosphorus hebben de Nederlandse accountants op 7 november 2019 een afsluitende bespreking met Le Mesurier en Eleveld. Het overvalt Le Mesurier dat dit gesprek vooral gaat over zijn persoonlijke financiën. De kwestie met de twee bonnen blijkt een tikkende tijdbom. Die wordt aangemerkt als fraude, zeggen de accountants. Eleveld vertelt enkele medewerkers dat hun baas onder de Nederlandse wet waarschijnlijk gevangenisstraf te wachten staat vanwege fraude.

Le Mesurier zit boordevol zelfverwijt. Hij vreest dat de donoren onverbiddelijk de geldkraan dicht zullen draaien. Op 8 november schrijft hij hun een e-mail, waarin hij meldt dat hij fraude heeft gepleegd en zijn ontslag aanbiedt. Maar daar willen de donoren niets van weten. Wel eisen ze een forensisch onderzoek.

Bij Le Mesurier slaat de stress opnieuw toe. Na een korte rust met een slaappil komt hij in de nacht van 11 november weer uit bed. Winberg ziet nog hoe hij bij het raam een sigaret rookt. Dan zakt ze in slaap. Ze schrikt wakker als de Turkse politie in de vroege ochtend op de deur bonkt. Na een blik uit het raam ziet ze haar echtgenoot dood op straat liggen.

Speculaties komen onmiddellijk op gang. Is het suïcide? Of een hitjob zoals de Russen vaker tegen hun vijanden uitvoeren? Stemmen uit de Syrisch-Russische lastercampagne pompen hun eigen complottheorie rond: Le Mesurier zou een Britse spion zijn die door zijn bazen uit de weg geruimd werd omdat hij te veel wist. Begin juli 2021 concludeert de Britse lijkschouwer dat er geen aanwijzingen zijn voor suïcide. Een ongelukkige val maakte een einde aan het leven van de 48-jarige Le Mesurier.

Na zijn dood blijven de medewerkers van Mayday ontredderd achter. Ze ontwerpen een plan om de zaken netjes af te handelen en te zorgen dat de Witte Helmen zonder schade verder kunnen. Eleveld is nu als enige bestuurder aan het roer. Terwijl het kantoor in diepe rouw is, lopen de problemen verder op. Vele medewerkers ontvangen geen honoraria, en Eleveld weigert om de betalingen vlot te trekken. Ondertussen keert hij wel zichzelf zijn salaris plus extra’s uit. Mensen zijn radeloos, maar de Nederlander reageert vaak niet of agressief en scheldend, aldus ex-medewerkers. ‘Er waren problemen die hij had moeten oplossen, maar hij gebruikte die als wapen’, zegt Bicknell. Eleveld doet zijn macht gelden. In de week voor Kerst laat hij advocaten een brief naar Winberg sturen waarin zij beschuldigd wordt van ‘onrechtmatige verrijking van haarzelf en anderen ten koste van de organisatie’; hij schorst haar als chief impact officer.

De ontwikkelingen bij Mayday veroorzaken grote onrust op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Op basis van gesprekken met Eleveld hebben de ambtenaren het over ‘vermoedens van fraude’, geld voor ‘privé-doeleinden’, ‘dubieuze geldopnames’ oplopend tot circa 800.000 euro of meer, of over ‘bevestigde fraude’, verwijzend naar de smk-notulen. Het spookbeeld van mogelijke malversaties met Nederlandse subsidies voor Syrië, duikt op. Minister Kaag wil de Tweede Kamer openbaar inlichten. Maar haar ambtenaren adviseren te wachten op de bevindingen van het accountancybureau Grant Thornton dat zojuist gestart is met het financieel forensisch onderzoek. Ze krijgen hun zin.

In januari 2020 treedt een Raad van Toezicht aan. Voorzitter is Cor Vrieswijk, een troubleshooter pur sang die in de wereld van de internationale luchtvaart, onder andere bij EasyJet, vele complexe crises afhandelde. Ook hem zet Eleveld aanvankelijk op een dwaalspoor. De cfo komt met verhalen over de losse omgang met de kas, de 50.000 dollar en de decadente levensstijl die het echtpaar Le Mesurier erop na zou houden: een trouwjurk van 90.000 dollar, een speedboot van een halve ton, een huwelijksreis van een jaar. En dat allemaal met Mayday als cashcow.

Het duurt niet lang of dat beeld kantelt volledig. Vrieswijk ontdekt dat Eleveld leugens over Le Mesurier en Winberg heeft opgedist. Hij raakt onder de indruk van het werk en de toewijding van de Mayday-medewerkers, al ziet hij ook de zwakke plekken in de organisatie.

Eind januari besluiten de donoren te stoppen met hun financiële steun aan Mayday. Terwijl Vrieswijk toewerkt naar een nette sluiting van de organisatie, ontspoort de relatie met Eleveld. Die frustreert het uitgestippelde traject. Vrieswijk rapporteert aan het ministerie dat Eleveld weigert bankpasjes met de Raad van Toezicht te delen, en een softwareprogramma dreigt te stoppen waardoor mogelijk alle e-mails en databases verloren gaan.

Hoewel de Nederlandse regering geen steun geeft aan de Syrische reddingswerkers, presenteert Den Haag zich nog altijd als ‘grote humanitaire donor’ in Syrië en de regio

Op 13 maart 2020 wordt Eleveld per direct geschorst als statutair directeur van Mayday, en op 30 april ontslagen. Vrieswijk wordt ceo. Ondertussen wordt Mayday grondig doorgelicht door Grant Thornton. Na bijna een halfjaar van interviews plus spitwerk in kasboeken, bonnen en e-mails rapporteren de forensische experts op 29 mei in hun samenvatting: ‘De belangrijkste bevinding van ons onderzoek naar de gemarkeerde transacties doet ons geloven dat er geen bewijs is van misbruik/verduistering van fondsen. (…) Met name de geldopnames door James Le Mesurier en Emma Winberg waren gerechtvaardigd en verantwoord.’

De onduidelijkheid over het ‘50k Emergency Fund’ berust op ‘een misverstand’. De onderzoekers vinden bewijs dat Le Mesurier de overgebleven 40.800 dollar liet verrekenen met zijn inkomen. ‘De enige fout die hij heeft gemaakt is dat hij het vergeten was en er een bonnetje voor liet maken’, zegt een financieel expert die bekend is met het forensisch onderzoek.

Grant Thornton constateert wel ‘aanzienlijke hiaten in de administratieve organisatie en interne controleomgeving van Mayday’ en ‘significante contante transacties die niet (volledig) werden geregistreerd in de kasboeken en/of het grootboek’. Maar de financieel expert zegt: ‘Alle beschuldigingen zijn ontzenuwd. > De boekhouding was weliswaar slordig, maar gezien de complexe omstandigheden en de miljoenen die in de organisatie omgingen is het juist opmerkelijk hoe op een paar duizend euro na alle transacties gereconstrueerd konden worden.’ Ook Vrieswijk zegt: ‘Het was duidelijk dat er bij Mayday geen geld was verduisterd. Het bevestigde mijn beeld van James zoals dat in de loop van de maanden was ontstaan, als een integere persoon die ik zeer respecteerde.’

De onderzoekers vinden wel malversaties uit heel andere hoek. Het is Eleveld die zichzelf extra’s blijkt te hebben uitgekeerd. Op 30 juni 2020 beslist de rechter dat Eleveld ruim 18.000 euro aan Mayday moet terugbetalen. Verder stelt de rechter dat Mayday hem tot het eind van zijn contract nog salaris plus een transitievergoeding moet uitkeren. De reputaties van Mayday en de Witte Helmen hebben opnieuw een flinke knauw gekregen. Ironisch genoeg is de desinformatie deze keer aangeleverd door een persoon van binnenuit, voormalig cfo Eleveld.

Ook de Volkskrant draagt bij aan het fraudeframe. Op 17 juli 2020 pakt de krant groot uit met een nieuwsbericht dat Mayday donorgeld ‘misbruikte’ plus een longread van Ana van Es en Anneke Stoffelen onder de kop: ‘De zwarte bladzijde van de White Helmets’. Leitmotiv in dit uitgebreide achtergrondartikel is de vraag: wat is er gebeurd met de ‘verdwenen’ 50.000 dollar? Op basis van anonieme personen – behalve dan de overleden Le Mesurier – en andere bronnen wordt een beeld geschetst van een organisatie die losjes en onduidelijk met geld omgaat en een zichzelf verrijkende top. Hoewel Eleveld nergens met naam wordt genoemd, is hij wel een bron voor het artikel. Terugkerende figuur is de onbekende ‘Nederlandse accountant’, die wil weten hoe het met die 50.000 dollars zit.

Maar de longread vermeldt niet dat die kwestie reeds door Grant Thornton is opgehelderd. De conclusie uit het maandenlange forensische onderzoek dat er geen sprake was van financieel misbruik, staat niet in het verhaal zelf, maar in een apart kader. Alsof die cruciale ontlastende informatie er minder toe doet.

Diverse Nederlandse media nemen het nieuws over. In de Engelse online versies zet de Volkskrant de ‘fraude’ nog verder aan met het nieuwsbericht ‘Founder of foundation behind White Helmets admits fraud’, en de bijbehorende longread kopt ‘The confession of James Le Mesurier’ met ‘$50.000 goes missing’ in het intro. Een dag later tagt Beeley de Volkskrant-journalist op Twitter met een verwijzing naar haar eigen artikelen. Ook televisienetwerk Russia Today verwijst naar het Volkskrant-verhaal.

Enkele maanden later ontzenuwt The Guardian de beschuldigingen van fraude. Ook de bbc, die met Intrigue Mayday een podcastserie van maar liefst twaalf afleveringen over het drama maakt, komt tot die slotsom.

Hoe is de Nederlandse regering met dit dossier verdergegaan? Er rest nog de afhandeling van een slotbetaling. Na een discussie op het departement besluit Kaag op 30 juni 2020 het bedrag van 57.435 euro, waar Mayday afhankelijk van de uitkomst van het Grant Thornton-onderzoek recht op heeft, niet aan de organisatie te voldoen. De curator maakt bezwaar tegen het niet uitkeren van dat bedrag. Tot verbazing van Vrieswijk komt de Belastingdienst met een naheffing van ruim 114.000 euro. ‘Dit lijkt op een vergissing van de fiscus waar nog over wordt gecorrespondeerd’, stelt hij. Alles was al afgerekend met de Belastingdienst en Mayday heeft ook geld teruggekregen.

Hoewel de regering geen steun geeft aan de Syrische reddingswerkers, presenteert Den Haag zich nog altijd als ‘grote humanitaire donor’ in Syrië en de regio. Sinds het Syrische conflict heeft Nederland zo’n 130 miljoen euro bijgedragen aan het werk van de Verenigde Naties, 6,9 miljoen euro via het Rode Kruis en 65 miljoen euro via de Dutch Relief Alliance. Hulpverlening in regimegebied is zeer risicovol, stelt Human Rights Watch (hrw). In een alarmerend rapport, Rigging the System, constateert de mensenrechtenorganisatie in 2019 dat Damascus erin slaagt grip te houden op internationale hulp- en wederopbouwgelden en deze te gebruiken om gruweldaden te financieren, tegenstanders te straffen en loyale personen te belonen. ‘Gijzelaars’, noemt hrw-directeur Kenneth Roth de organisaties die uit vrees geen toegang tot Syrië te krijgen, toegeven aan de eisen van het misdadige regime. Terwijl de steun aan de Witte Helmen, die mensenlevens redden en hun uitgaven kunnen verantwoorden, is gestopt, zwijgt Den Haag over het risico dat Nederlandse hulpgelden die via Damascus lopen in de netwerken van het regime belanden en bijdragen aan misdrijven.

In de internationale arena profileert minister Blok zich op 18 september 2020 als boegbeeld van gerechtigheid met de bekendmaking dat Nederland het Syrische bewind aansprakelijk stelt voor de ‘vreselijke misdrijven’ waaraan het zich schuldig maakt. ‘De bewijzen zijn overduidelijk. Dit kan niet zonder gevolgen blijven’, aldus de minister. Omdat eerst een reeks procedures gevolgd moet worden zal het jaren duren voordat Nederland de zaak kan voorleggen aan een internationale rechter. Om succesvol te zijn is stevig bewijsmateriaal nodig – bewijs dat mede door Syrische reddingswerkers met camera’s op hun helmen wordt verzameld. Maar de financiële steun voor hen laat de regering liever over aan anderen. Alle andere donoren bleven de reddingswerkers wel trouw.

Mayday moest op 12 augustus 2020 de deuren sluiten. Tot de dag van vandaag blijft de tragische gang van zaken pijnlijk voor de ex-medewerkers. En de Witte Helmen? Ondanks alle verschrikkingen zijn zij doorgegaan. Raed al-Saleh, hoofd van de Witte Helmen, schrijft dat zijn teams deze zomer minstens 287 aanvallen op burgerwijken in het zuiden van Idlib documenteerden, waarbij twee teamleden en 89 burgers omkwamen en honderden gewond raakten. ‘Tot onze ontzetting zijn 27 kinderen gedood, onder wie de dochtertjes Nour en Iman van onze teamgenoot Omar, die omkwamen toen hun huis werd getroffen. Het verlies van Omar breekt ons hart.’ De internationale gemeenschap reageert nauwelijks meer op al deze ‘afschuwelijke misdrijven’, schrijft hij. Het gevoel van verlatenheid vormt een schril contrast met het commitment van de Witte Helmen. Al-Saleh denkt aan de belofte van reddingswerker Husam aan twee meisjes die bedolven waren onder het puin van hun gebombardeerde huis: ‘We zullen je niet in de steek laten.’

Verantwoording

Dit onderzoeksverhaal is gebaseerd op maandenlange research. Daarvoor is met circa twintig personen gesproken. Het gaat om oud-medewerkers en bestuurders van Mayday Rescue, personen uit de Nederlandse politiek en diplomatie, deskundigen en andere betrokkenen. SMK zegt dat wetgeving het accountancybureau verhindert te reageren. De Groene heeft meermaals contact gehad met Johan Eleveld. Hij vindt dat de passages over hem onjuistheden bevatten, maar geeft inhoudelijk geen concrete toelichting op de punten die zijn aangevoerd.

Daarnaast beschikt De Groene over de SMK-notulen, de samenvatting van het Grant Thornton-onderzoek, de e-mail van James Le Mesurier aan de donoren en andere documenten. Ook is gebruikgemaakt van online bronnen zoals rechtbank- en faillissementsverslagen, rapporten, documenten van de Tweede Kamer en het ministerie van Buitenlandse Zaken, artikelen en media-producties.


Naschrift 15/9

Nieuwsuur en Trouw maakten bezwaar tegen een eerdere versie van dit artikel, omdat de indruk is gewekt dat hun publicaties over de Nederlandse steun aan de gematigde gewapende oppositie in Syrië (NLA) van 10 september aanleiding waren om de hulp aan Mayday stop te zetten. Die publicaties gingen niet over Mayday, en vonden plaats nadat het besluit over Mayday was gevallen en de Kamer daarover was geïnformeerd. Er is geen verband aangetoond tussen de publicaties van Nieuwsuur en Trouw en het stopzetten van de hulp aan de Witte Helmen. De Groene heeft ook geen verband tussen het stopzetten van de hulp en de publicaties van Nieuwsuur en Trouw willen leggen. Met de omdraaiing van twee alinea’s en een aantal aanpassingen in de tekst (doorgevoerd op 10/9) is een einde gemaakt aan onduidelijkheid hierover.

Ook is op verzoek van Pieter Omtzigt de naam van zijn vrouw geschrapt en toegevoegd dat de partijgenoot met wie hij de Kamervraag over de Witte Helmen stelde aan het kabinet Martijn van Helvert was. In de zin ‘Slechts éénmaal uit hij daarin zorgen over het Syrische regime, dat verantwoordelijk is voor veruit de meeste misdrijven’ is het woordje ‘daarin’ toegevoegd.

Voor de fijnproever: dit zijn de precieze verschillen tussen de printversie en de digitale versie: In de passage over de brief die Sigrid Kaag en Stef Blok op 7 september 2018 naar de Tweede Kamer sturen, is ‘zet een streep’ (printversie) vervangen door ‘heeft een streep gezet’.

In de passage die begint met ‘Waarom laat Nederland een organisatie die mensen redt en bewijzen van oorlogsmisdrijven verzamelt als een baksteen vallen?’ stond in de printversie na die vraag: ‘De aap komt meteen uit de mouw. Op 10 september 2018 brengen Nieuwsuur en Trouw onthullingen over Nederlandse steun aan groepen van de gematigde gewapende oppositie….’. Het zinnetje ‘De aap komt meteen uit de mouw’ is geschrapt en de rest van de alinea (tot en met ‘dat een aan scala aan jihadistische strijders met Nederlandse steun oorlog voert’) is naar beneden verplaatst.

In plaats daarvan volgt op de vraag een citaat van Bram van Ojik (‘Ze hadden in Nederland een uitstekende naam’ tot en met ‘De Kamer heeft nooit een bevredigende verklaring voor de stopzetting gekregen’), dat in de printversie de alinea daarna stond.

Voor de alinea over de onthullingen van Nieuwsuur en Trouw is ter verheldering het volgende zinnetje geplaatst: ‘Een omstreden hulpprogramma, dat niets met de reddingswerkers te maken heeft, zal ook van invloed blijven.’

Tot slot staat de zin ‘Van Ojik is in de Kamer de enige die het nog opneemt voor de reddingswerkers’, die oorspronkelijk voor het verplaatste citaat stond nu op zichzelf. Daar is in de digitale versie aan toegevoegd: ‘Hij dient op 2 oktober tevergeefs een motie in om het humanitaire werk van de Witte Helmen te blijven steunen’.