Interview met Tanja Hendriks

‘Wij willen goede literatuur geschreven door vrouwen’

In 2006 werd uitgeverij Artemis & co opgericht, een uitgeverij die alleen boeken uitgeeft die door vrouwelijke auteurs geschreven zijn. Tanja Hendriks was een van de initiatiefnemers.

‘Lees dit maar eens’, zegt Tanja Hendriks en ze legt een ouderwets ogend foldertje op tafel. De tekst: ‘Eens, toen dames boeken voor dames schreven, was er een vrouw die als vrouw schreef maar niet alleen voor vrouwen. Het ligt voor de hand dat dit niet genomen werd. Zeker, er was wel eens iemand die haar grootheid erkende. Zeker, sommige boeken van haar vonden veel lezers. Toch werd haar echte waarde niet gesignaleerd – tot kort geleden.’ De tekst slaat op schrijfster Carry van Bruggen en staat in een aanbiedingsfolder van Querido (‘de eerste vrouw in onze letteren!’), begin jaren tachtig.

Hendriks legt uit: ‘Dát is wat wij, Ingrid Meurs, Febe van der Wardt en ik, willen met Artemis & co: kwalitatief hoogstaande literaire romans van vrouwelijke schrijvers. Dus geen boeken door en voor vrouwen, maar goede literatuur geschreven door vrouwen. En dat kan over van alles gaan, óók over de zogenaamde triviale vrouwenonderwerpen waar sommigen zo tegen ageren – zoals Ingrid Hoogervorst onlangs in Trouw. Het gaat erom hoe het gedaan wordt, om de kwaliteit van het schrijven, de stijl.’

Hoe geëmancipeerd is de literaire wereld?

Tanja Hendriks: ‘Er worden voldoende vrouwelijke auteurs gepubliceerd en er is voldoende aandacht voor. Tegelijkertijd denk ik dat vrouwen minder serieuze aandacht krijgen dan hun mannelijke collega’s. Wanneer je kijkt naar de hoeveelheid mannen en vrouwen die worden genomineerd voor literaire prijzen, dan zie je dat vrouwen een achterstand hebben. De longlist voor de Man Booker Prize is net bekend gemaakt: vier vrouwen en negen mannen. Dat heeft natuurlijk met verschillende factoren te maken, maar het zegt wel iets.’

Zegt het niet gewoon iets over de kwaliteit van het werk?

‘Dat was wat Cox Habbema zei ja, dat het werk van de vrouwen op de lijst voor de Libris Literatuurprijs te licht was. Ik denk inderdaad dat er veel meer ruimte moet komen om vrouwelijke auteurs de kans te geven om literaire werken te produceren. En daar ligt een rol voor de uitgever. Er wordt meer gelezen door vrouwen, en naast de literaire roman is er bij de vrouwelijke doelgroep ook behoefte aan een luchtiger genre. Daar is niks mis mee, het is prima om ook het toegankelijke en licht verteerbare vrouwenboek aan te bieden. Maar breng dat dan ook zo, pretendeer niet dat dat literatuur is. En daarnáást moet er gewoon goede literatuur door vrouwen komen. Daar moet harder aan gewerkt worden.’

Doen uitgevers dat nu dan niet genoeg?

‘Een uitgever is sterk commercieel gedreven. Een luchtig huis-, tuin- en keukenboek door een vrouw wordt snel geaccepteerd en uitgegeven. Wanneer er een lichter mannenboek op zijn bureau ligt zal er minder snel een doelgroep bij gevonden worden en dus wordt het sneller afgewezen dan een lichter boek door een vrouwelijke auteur. Dat is op zich niet erg, er is een markt voor, maar ik denk dat een uitgever selectiever moet zijn en ook in het genre van de chicklit de krenten uit de pap moet halen.’

Omdat een te grote hoeveelheid chicklit de markt vervuilt, en jury’s geen vrouwen meer durven te nomineren uit de angst dat ze chicklit voor vol aanzien, zoals Mariët Meester schreef?

‘Ja, en dat komt vooral doordat veel van die boeken op een semi-literaire manier worden gepresenteerd, waardoor er een soort grensvervaging optreedt: wat is nu wat? Dat leidt ertoe dat recensenten, vooral mannelijke, boeken over typische vrouwenonderwerpen makkelijk terzijde schuiven als “weer zo’n damesromannetje”. Boeken over bepaalde thema’s worden op één hoop gegooid en minder serieus genomen.’

En hoe wil Artemis daar verandering in brengen?

‘Wij willen vrouwelijke auteurs de ruimte en kans geven om goede literatuur te schrijven. We beogen een combinatie van literaire romans, geëngageerde non-fictie en het toegankelijke, goed geschreven vrouwenboek zonder al te zware literaire pretenties uit te geven. Dat onderscheid zullen we duidelijk maken. Door de kwaliteit te waarborgen hopen we literatuur geschreven door vrouwen een betere naam te geven. En, ja, natuurlijk zou iedere andere literaire uitgeverij dat op deze manier moeten doen en vrouwen niet in het “luchtige” fonds samen met het spannende boek moeten stoppen.’

Wat doen jullie concreet anders dan andere uitgevers om vrouwen te stimuleren?

Tanja Hendriks: ‘Doordat we ons focussen op het uitgeven van vrouwelijke auteurs en op bepaalde onderwerpen die vrouwen aangaan, denk ik dat we beter in staat zijn om vrouwen te stimuleren – door tijd en aandacht aan ze te besteden – om goede romans te ontwikkelen. Dat doen we door een context te creëren waarin een vrouw zich thuis voelt en waarin het vrouwelijke domineert. Het gaat bijvoorbeeld om het gevoel dat iemand heeft als ze bij ons het kantoor binnenkomt. Het gevoel dat ze iets met ons kan, omdat we vrouw zijn en omdat dat misschien makkelijker praat. Volgens ons is het prettig dat wat wij als collega’s met elkaar bespreken op kantoor, een direct verband houdt met de onderwerpen van onze auteurs.’

Duw je de vrouwen niet juist in het verdomhoekje door ze apart uit te geven?

‘Dat denk ik niet. Uiteindelijk zetten we de boeken natuurlijk gewoon op de algemene markt. Maar we geven vrouwelijke auteurs binnen onze uitgeverij de ruimte voor hun creatieve proces. Dat kan eventueel gaan over specifieke vrouwenonderwerpen, maar ook, zoals gezegd, over iets heel anders. Waar het ons om gaat is dat vrouwelijke thema’s serieus genomen worden, door mannen en vrouwen. Zonder te klagen over een gebrek aan aandacht. Er moet niet te veel over worden gebakkeleid, over vrouwen in de literatuur, maar we moeten zorgen dat het er komt, die goede literatuur. Wij dragen daaraan bij door een omgeving te creëren die vrouwen mogelijkheden biedt. Het is voor hen toch nog steeds moeilijker dan voor mannen om zich volledig op het schrijverschap te richten. In die zin past deze discussie in de bredere context van de emancipatie van de vrouw: ook in andere branches vinden vrouwen het moeilijk om voor de top te gaan, omdat ze worden afgeleid door zaken die ze óók belangrijk vinden.’

Het gaat jullie niet alleen om het stimuleren van de vrouw in de literaire wereld, maar ook om het bredere emancipatieproces van de vrouw wereldwijd.

‘Ja, Zwartboek is daar een goed voorbeeld van, dat is geen gemakkelijk boek, commercieel lastig, maar wel erg belangrijk omdat het goed weergeeft wat de situatie van de vrouwen over de wereld op dit moment is. Dat is een boek dat volgens ons moet worden uitgegeven.’

Jullie willen onderwerpen belichten vanuit een ‘vrouwelijke visie’, wat betekent dat?

Tanja Hendriks: ‘Vrouwen hebben een bepaalde sensitiviteit waarvoor binnen een door mannen gedomineerde maatschappij niet veel plaats is. Wij willen voorkomen dat vrouwen zich conformeren aan de gangbare, mannelijke norm. We willen die sensitiviteit ontwikkelen. Dus niet: weg met al die vrouwenonderwerpen, we moeten onszelf serieus nemen en meedoen met de mannen. We willen juist dat vrouwen over die onderwerpen schrijven die hun bezighouden. Moederschap, het vrouw-zijn, de verhouding tussen man en vrouw, onderdrukking versus vrijheid binnen een relatie. Op een serieuze en goede manier. Carry van Bruggen schreef bijvoorbeeld op een intelligente manier over de ontwikkeling van meisje naar vrouw en later over haar scheiding. Dat zijn essentiële thema’s die vanuit de persoonlijke ervaring van een vrouw worden belicht. Dan krijg je een vrouwelijke visie op het leven, het zijn, het ik. En dat is wezenlijk anders dan de beleving van een man.’

Hermien Wensink schreef in ‘NRC Handelsblad’ dat jonge schrijfsters zich bewust oppervlakkig lijken te profileren, dat het is alsof deze vrouwen bewust afstand nemen van alles wat ook maar enigszins naar intellectualisme riekt, om zich af te zetten tegen de vorige generatie feministen die niet mooi móchten zijn. Focus op uiterlijk en mannelijke aandacht lijkt een statement, schrijft ze. Wat denk jij daarvan?

‘Ik geloof dat dit een stroming is. Het hoort ook wel een beetje bij deze tijd. De vraag is wat je daar als recensent en als uitgever mee doet. Je moet toch kijken naar de inhoud en naar de manier waarop het geschreven is. Degene die talent heeft moet worden gestimuleerd om zichzelf verder te ontwikkelen. Die vrouw moet weten dat ze talent heeft en dat er meer in zit. En dat ze, wanneer ze dat wil, de ruimte krijgt om een ander boek te gaan schrijven, een boek dat over iets heel anders mag gaan. Zonder dat ze over tien maanden klaar moet zijn. De taak van de recensent is om te kijken naar de kwaliteit van het schrijven, niet om een vrouw meteen af te serveren met: “Wel aardig geschreven, maar inhoudelijk stelt het echt niks voor.”

Trouwens, niet alleen uitgevers worden steeds commerciëler, ook auteurs weten goed wat verkoopt. Sommigen komen al met een heel marketingplan voordat ze nog een letter op papier hebben staan. Dus ik hoop dat er binnen uitgeverijen meer ruimte en aandacht komt voor het schrijven zelf, en voor de tijd die dat vraagt.’

Hoe zijn de reacties op Artemis tot nu toe?

‘Goed, zowel in de pers als in de boekhandels. Dat komt doordat we ons niet profileren als “die vrouwenuitgeverij”. We hebben onszelf serieus neergezet en gepositioneerd als onderdeel van het literaire veld, niet als uitzondering.’

………………………………………………………………………………………………………………

De vrouwenkwestie

Debat zondag 9 september

Oude tijden herleven. Manifesten, publicaties en documentaires doen vermoeden dat er een derde feministische golf op uitbreken staat. Zo is er ook sprake van een ‘vrouwenkwestie’ in letterenland. Niet voor het eerst, en vast niet voor het laatst. Het oordeel van de jury van de Libris Literatuurprijs 2007 over de boeken van schrijfsters heeft een steentje bijgedragen aan het lopende debat. Citaat uit het juryrapport over de leeservaring van de (vrouwelijke) voorzitter: ‘En: waar waren de vrouwen? Ze haalde alle door vrouwen geschreven boeken uit de dozen, ruim vijftig van de 160. Wat een fatsoenlijk percentage! En ze herlas: lichtgewicht, kleine persoonlijke wissewasjes, thrillers, relatieproblemen, al of niet in moord eindigend, of in een cursus. Zijn het de vrouwen die deze thema’s kiezen of de uitgevers?’

Deze provocerende stellingname werd opgepakt door Ingrid Hoogervorst, Mariët Meester, Marja Pruis, Aleid Truijens, Daniëlle Serdijn, Herman Stevens en anderen. En nu ook door Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam (Slaa), die een middag en een avond organiseert over deze ‘vrouwenkwestie’. Recensenten, uitgevers en schrijvers nemen geen blad voor de mond en gaan met elkaar de discussie aan. Presentatoren: Joke Hermsen, Lisa Kuitert en Maarten van Rossem. Behalve eerder genoemden ook met medewerking van Emma Brunt, Jessica Durlacher, Cisca Dresselhuys, Yasmine Allas en vele anderen.

Datum: 9 september. 15.00 uur (de recensenten), 19.00 uur (de uitgevers) en 21.00 uur (de schrijvers)
Plaats: De Balie, Kleine-Gartmanplantsoen 10, Amsterdam
Entree: € 5,-
Reserveren: 020-5535100 / www.balie.nl