Wilders is onze Obama

Van alle krankzinnige voorstellen die in Nederland worden gelanceerd, komt de gevaarlijkste niet van Geert Wilders. ´Laat hem het maar proberen. Geef Wilders regeringsverantwoordelijkheid, dan is het snel uit met zijn succes´, lijken steeds meer tegenstanders zich te getroosten. Om korte metten te maken met die illusie: Wilders´ plannen zijn geen luchtfietserij. Een groot deel van zijn programma is prima uitvoerbaar. Als hij zijn eigen mensen in bedwang weet te houden, kan een toekomstige minister-president Wilders een succes worden.

Vanwaar deze provocatie? Omdat de sleutel van het succes van Wilders ligt in de tegenovergestelde reactie. Turkije in de EU? Niet realistisch. Moslims het land uit? Onfatsoenlijk. Koran verbranden? In strijd met de wet. Het leger op Marokkanen laten jagen? Zo gaan we in dit land niet met elkaar om.

Allemaal onzin. De kiezer weet dondersgoed dat ook het ooit als onhaalbaar gediskwalificeerde integratiebeleid van Pim Fortuyn door alle partijen is overgenomen. Hij ziet ook de bankiers die de staat op hun knieën smeken om hulp. Dezelfde bankiers wier bonussen volgens de oude sociaal-democratie in een geglobaliseerde economie niet konden worden aangepakt. Keer op keer blijkt de politiek invloedrijker te zijn dan zij zelf denkt. En dus kan Wilders straks als hij de grootste is ook moslims deporteren.

Politici die dat niet willen zien, leven in een voorbij, postpolitiek tijdperk. Daarin wordt politiek niet bepaald door ideologieën en visies, maar door de internationale verhoudingen, het recht, de markt en de mensen die er verstand van hebben. De burger mag zijn zegje doen op een inspraakavond of in een klankbordgroep, zonder daar iets van terug te zien in het resultaat.

Aart Brouwer voerde recentelijk in dit blad de verklaring van de Franse socioloog Taguieffop voor het succes van de Europese rechtse populisten. ´Het extreme voluntarisme van hun programma is een antwoord op de verstikkende consensus van de “expertocraten”. Hun antipolitiek bevat een kern van politiek zoals die zou moeten zijn: zij zien de samenleving als maakbaar, niet als het resultaat van de blinde krachten van markt, bureaucratie, globalisering en massamigratie.´

Het sleutelwoord is ´voluntarisme´. Het geloof dat de politiek wél iets kan veranderen. Yes we can. De slogan van Obama. En de boodschap van Wilders.

Daarin ligt een verklaring, niet alleen voor de opkomst van Wilders, maar voor de bizarre politieke verschuivingen die wereldwijd plaatsvinden. Ontzuiling, verrechtsing, islamofobie, onzekerheid - het is stuk voor stuk van belang. Maar waarom wordt in deze rechtse, xenofobe tijden in de Verenigde Staten dan de zwarte liberal Barack Obama tot president gekozen? Wat steekt er achter het binnenlandse politieke gejojo in het afgelopen decennium, van Fortuyn-rechts naar SP-links naar Wilders-rechts? En hoe het Europese succes van de Groenen te verklaren?

De uitslag van de Amerikaanse en Europese verkiezingen laat zien dat voluntarisme loont. De onzekere kiezer wil via zijn stem het gevoel hebben dat hij ertoe doet, dat hij invloed heeft op de wereld om zich heen. Het gevolg? De rechtse populisten verzetten zich tegen het Europese determinisme en worden daarvoor beloond. De Groenen en sociaal-liberalen zeggen dat we met een verenigd Europa en een Green New Deal de crisis te boven kunnen komen en de wereld kunnen veranderen - ze boeken een forse overwinning.

De precieze ideologie lijkt er minder toe te doen. Als je maar gelooft in eigen kunnen, in het eigen verhaal, in de eigen kracht. Daar zou ook de linkse oppositie tegen Wilders meer op moeten vertrouwen, in plaats van de eigen onmacht te projecteren op diens plannen.