Oorlogscommentaar Noreena Hertz

«Willen wij deze oorlog?»

Het eerste telefoontje van een journalist kwam dinsdag rond vijf uur. «Zie jij op wat voor manier dan ook een verband tussen de aanslag op het World Trade Center en de anti-globaliseringsbeweging?» werd mij gevraagd. In de loop van de dag kwamen gelijksoortige vragen van andere leden van de wereldpers.

En het antwoord dat ik ze gaf was een pertinent nee: want die twee dingen zijn niet hetzelfde. Een protestbeweging wordt niet alleen gedefinieerd door de doelen die ze aanneemt, ze wordt ook gedefinieerd door de manier waarop ze gehoord wil worden. Daar is geen twijfel over mogelijk.

Goed, er kunnen inderdaad enkele overeenkomsten zijn tussen de doelen van degenen die bijeenkwamen in de straten van Seattle en Gotenburg en Genua en degenen die, zoals het ernaar uitziet, die verschrikkelijke misdaad hebben gepleegd. Omar Bakri Mohammed, grondlegger van de islamitisch fundamentalistische groep Al-Muja Jaroon, zei woensdag in het programma Today dat globalisering een van de onderliggende oorzaken is van Arabisch fundamentalistische onvrede. Maar dat wil niet zeggen dat de anti-globaliseringsbeweging en welke islamitisch fundamentalistische factie dit misdrijf dan ook heeft gepleegd, meer met elkaar gemeen hebben dan, bijvoorbeeld, de RSPCA (een dierenbeschermingsorganisatie — red.) en de Dieren Bevrijdings Beweging, of de moslimgemeenschap als geheel en islamitisch fundamentalistische krachten.

Er worden enkele extremisten in verband gebracht met de anti-globaliseringsbeweging, die uit zijn op gewelddadige confrontaties, en het is noodzakelijk dat de beweging als geheel doet wat ze kan om hen buiten te houden. Maar zij zijn geen deel van de mainstream van de beweging, noch representeren ze haar onderliggende ideeën. Geweldloosheid tegenover andere mensen is een basisprincipe van de beweging, en het voorkomen van de onnodige dood van onschuldige slachtoffers is precies waar ze nu voor vechten: de zeventien miljoen kinderen die elk jaar in de Derde Wereld sterven aan diarree, de miljoenen wier levensverwachting diep is gedaald in een wereld van immer toenemende ongelijkheid. Op het moment dat de zelfmoordpiloten Amerikaanse vliegtuigen in de gebouwen in New York en Washington vlogen, en duizenden mensen doodden, was een coalitie van Britse anti-globaliseringsgroepen onder de hoge bescherming van Disarm Desi, de Campagne tegen de Wapenhandel en Globaliseer Verzet aan het demonstreren buiten de Wapenbeurs in het Excel Centre in de Docklands in Londen: zij protesteerden tegen geweld, massavernietiging en bommen.

We moeten deze verschillende vormen van protest absoluut losmaken en uit elkaar houden, en niet alle vormen van protest opeens onder dezelfde paraplu gaan brengen. Het is belangrijk dat we de doelen van protestgroepen loskoppelen van de middelen die zij kiezen om deze doelen te bereiken. Want in de komende maanden zou het verleidelijk en begrijpelijk zijn, in reactie op de gebeurtenissen van vorige week dinsdag en in het belang van de veiligheid, als de staat demonstraties de kop zou indrukken, niet alleen door anti-globaliseringsgroepen, maar in het algemeen.

Dus als de geplande demonstratie hier in Engeland op 30 september op de Labour Party Conferentie in Brighton, of de geplande wereldwijde acties op 9 november ten tijde van de volgende WTO-bijeenkomst, überhaupt mogen doorgaan, is de kans groot dat dat alleen maar kan gebeuren onder massaal politietoezicht. En als de anti-globaliseringsbeweging uitgroeit tot een anti-oorlogsbeweging in de VS en elders als antwoord op de Amerikaanse buitenlandpolitiek (zoals te verwachten lijkt uit de berichten van de afgelopen week op anti-globaliseringssites op internet), zou ze in zo'n klimaat wel eens verstikt kunnen worden.

Voor 11 september was er al bezorgdheid over de controle van en het toezicht op recente protesten: Carlo Giuliani, de 23-jarige jongen die werd gedood in Genua, drie Zweedse demonstranten die werden beschoten met echte kogels door de politie in Gotenburg, duizenden 1 mei-demonstranten in Londen die urenlang in Oxford Circus werden ingesloten, en vorige week nog, verhalen over standbeelden van papier-maché die worden vernietigd door politieagenten die diverse vergadercentra bestormden vóór de anti-wapenhandeldemonstraties. De burgerrechten en de vrijheid van meningsuiting van de demonstranten werden toen al opzijgezet.

Wat zal er van deze rechten overblijven als we toestaan dat de gebeurtenissen van 11 september worden verward met protest in meer algemene zin?

Waar we dinsdag getuige van waren, was een daad van vernietiging, niet een uiting van onvrede. Nu Amerika vastbesloten is dat er wraak en vergelding moet komen, nu George W. de «oorlog» heeft uitgeroepen, en nu de levens van veel meer onschuldige slachtoffers mogelijk op het spel staan — moeten we ons meer dan ooit bewust zijn van dat onderscheid en de stemmen der onvrede de kans geven zich te laten horen. Kunnen ze dat niet, en leidt de verschrikking van vorige week tot een algemene inperking van demonstraties, dan zal de «beschaafde wereld» de terroristen toestaan om écht te slagen in hun missie: de vernietiging van de democratie.

Het boek The Silent Takeover van Noreena Hertz wordt uitgegeven door Heinemann. Begin volgend jaar verschijnt de vertaling bij uitgeverij Contact.

Vertaling: Rob van Erkelens