William Henry Grier, 7 februari 1926 – 3 september 2015

Met zijn boek Black Rage leerde psychiater William H. Grier Amerika dat je van een gemarginaliseerde bevolkingsgroep niet kunt verwachten dat ze zich tot in het oneindige blijven verbijten. Zeer actueel.

Laat voormalig gouverneur Sarah Palin aan het woord en negen van de tien keer komt er iets uit waar je bloed van gaat stollen. Vorige week woensdag was het weer raak. Het gebeurde tijdens een protestbijeenkomst in Washington waar extreem-rechts Amerika tekeerging tegen de nucleaire deal die Barack Obama met Iran had gesloten. Er werd uiteraard gescholden op Obama, de laffe appeaser. Maar Palin maakte ook van de gelegenheid gebruik om te spugen op al het andere waar Obama volgens haar voor staat. ‘Since our president won’t say it’, brulde ze, ‘since he still hasn’t called off the dogs, we’ll say it: police officers and first-responders all over the country, we got your back! We salute you!’

Voor de goede verstaander was het helder wie ze hier precies aanduidde met ‘dogs’. Dat waren niemand anders dan de Afro-Amerikaanse activisten van Black Lives Matter, de burgerrechtenbeweging die nu geruime tijd de rest van Amerika dwingt om het disproportioneel politiegeweld tegen Afro-Amerikanen onder ogen te zien.

Palins uitspraak was een lesje ‘ontmenselijken-doe-je-zo’ die in een lange traditie past. Het is niet de eerste keer dat Afro-Amerikaanse voorvechters van gelijkheid gecriminaliseerd worden door hun protesten af te doen als irrationele woede, als de gevaarlijke onbeheerstheid van ‘honden’. Martin Luther King overkwam het, Malcolm X overkwam het, en nu overkomt het de activisten van Black Lives Matter.

Het is jammer dat Palin allergisch is voor kennis, anders had iemand haar het boek Black Rage (1968) cadeau moeten doen. Dan had ze misschien geleerd de drijfveren van Black Lives Matter beter op waarde te schatten. Black Rage – van de Afro-Amerikaanse psychiaters William Henry Grier en Price Mashaw Cobbs – laat namelijk niets heel van de racistische veronderstelling dat maatschappelijke woede onder Afro-Amerikanen iets met irrationaliteit van doen heeft. Grier en Cobbs verklaren die woede uit de psychologische en maatschappelijke onderdrukking die Afro-Amerikanen al sinds de slavernij te verduren hebben.

In een stijl die zelf tintelt van ingehouden woede beschrijven Grier en Cobbs hoe witte onderdrukking een aanslag vormt op het zelfbeeld van Afro-Amerikanen, hoe het Afro-Amerikaanse families destabiliseert, en hoe het zorgt voor ‘culturele paranoïa’, waarmee Grier en Cobbs zoveel bedoelen als een diep wantrouwen onder Afro-Amerikanen jegens blanken en instituten. Het is bij elkaar een psychologische belasting die volgens Grier en Cobbs tot weinig anders kan leiden dan tot een uitbarsting van woede. ‘Blacks bent double by oppression have stored energy which will be released in the form of rage – black rage, apocalyptic and final.’

Grier gaf een stem aan de psychologische pijn van Afro-Amerikanen

Begin september overleed de belangrijkste helft van dit auteursduo, William H. Grier, op 89-jarige leeftijd aan de gevolgen van prostaatkanker. Zijn zoon Geoffrey Grier liet in The Washington Post weten dat het boek van zijn vader ook nu nog geldigheid heeft: ‘You can try to come up with another name, call it Black Lives Matter. Whatever you want to say, at the end of the day, there is black rage. The relevance of what they were saying is really, really on point now.’

Black Lives Matter als de woedende, psychologische reactie op maatschappelijke onrechtvaardigheid – als Sarah Palin in staat was dat in te zien, zou ze wel beter weten dan de activisten honden te noemen. Maar goed, Palin en kennisvergaring – ain’t gonna happen.

Black Rage werd na verschijning in 1968 een instant hit. ‘One of the most important books on the Negro to appear in the last decade’, schreef een recensent in The New York Times. 1968 was tevens het jaar dat Martin Luther King het slachtoffer werd van een racistische moordaanslag. De rellen die daarop uitbraken waren ongekend in de Amerikaanse geschiedenis. Black Rage maakte het lastig dit protest af te doen als ondoordacht. Het boek leerde Amerika dat je nu eenmaal niet van een bevolkingsgroep kunt verwachten dat ze tot in het oneindige hun frustratie en marginalisering blijven verbijten.

Grier werd in 1926 geboren in Birmingham, Alabama. Daar maakte hij op twaalfjarige leeftijd mee hoe zijn vader, een postbode, door racisme zijn baan verloor. Het gezin verhuisde naar Detroit. Grier zou verschillende universiteiten bezoeken en afstuderen in de psychiatrie. Werk bracht hem in de jaren zestig naar Chicago, dat toen nog maar een handjevol andere Afro-Amerikaanse psychiaters telde, waaronder Price M. Cobbs. Grier en Cobbs zochten elkaar op en besloten samen een praktijk te openen. Veel gesprekken die ze voerden gingen over de desastreuze psychologische consequenties van onderdrukking en ongelijkheid die ze bij hun Afro-Amerikaanse patiënten waarnamen. Uit die gesprekken kwam het idee naar boven een boek te schrijven dat een compromisloze stem gaf aan die psychologische pijn. Werktitel van het boek was Reflections on the Negro Psyche. Later werd dat ingeruild voor de veel duidelijker titel Black Rage.

Grier en Cobbs schreven nog een boek, The Jesus Bag, over de rol van religie in het leven van Afro-Amerikanen. Maar dat had lang niet dezelfde impact als Black Rage. Op universiteiten werd Black Rage verplichte kost tijdens colleges over rassenverhoudingen. Ook droeg het boek bij aan het besef dat je het niet meer kunt maken om de woede van Afro-Amerikanen af te doen als iets primitiefs. Alleen degenen die geen afstand kunnen nemen van hun racistische reflexen hanteren nog die gedachtegang. Types zoals Sarah Palin bijvoorbeeld.


Beeld: William Grier (l) met co-auteur Price M. Cobbs op ABC -tv voor een special over hun boek Black Rage. 1968. Foto: nytimes.com