Winnaar van de geschiedenis

Bad Frankenhausen - In een silo op een heuvel in Thüringen staat Thomas Müntzer. Om de radicale kerkhervormer heen leveren zijn aanhangers hun laatste slag met de adel. Na afloop van die pikzwarte dag in 1525 is de heuvel bezaaid met zesduizend dode boeren. De verliezen aan de kant van hun heren zijn op twee handen te tellen. De scène maakt deel uit van het reusachtige panorama over de boerenoorlog van de Leipziger schilder Werner Tübke. Het kunstwerk is 123 meter lang en veertien meter hoog, niet minder dan tweeënhalf keer de omvang van de Sixtijnse kapel. De DDR-regering, die er de opdracht voor gaf, had er een speciaal gebouw voor laten neerzetten. Precies op de heuvel waar Duitslands ‘vroegburgerlijke revolutie’ in de knop werd gebroken.
De ideologische boodschap moest voor zich spreken. Müntzer werd omgekneed tot mythische voorvader van het DDR-socialisme. De linkse tegenstrever van Luther mocht de strijd verloren hebben, uiteindelijk had de gerechtigheid toch gezegevierd in Duitsland. In 1976 begon Tübke met de voorbereidingen. Op 14 september 1989 werd het museum officieel geopend, de bijbehorende postzegelserie was reeds te koop. Allemaal naar aanleiding van de vijfhonderdste geboortedag van Müntzer. Symbolischer kon niet, toch?
Het kwam anders, en Müntzer zelf lijkt het al te beseffen. De eigenzinnige Tübke heeft geen superheld van hem gemaakt. Zijn Müntzer laat zijn vlag naar de grond hangen, wetend dat alles verloren is. Hoog boven zijn hoofd prijkt Icarus.
Nog geen twee maanden na de opening van het museum viel de Muur. En Tübke’s panorama? Hoewel zelfs veel Duitsers het niet kennen, heeft het kunstwerk zichzelf allerminst overleefd. Tegen de zin van het regime draagt het namelijk niet de boodschap uit van de socialistische DDR als 'overwinnaar van de geschiedenis’. Tübke heeft een andere waarheid vereeuwigd, een die versterkt wordt door de ronde vorm van een panorama, zonder begin of einde. 'Het grote blijft niet groot, en klein niet het kleine’, dichtte Bertolt Brecht in zijn Lied von der Moldau. Niets zo vergankelijk als macht.
Het verdwijnen van de DDR ten gunste van het verenigde Duitsland wordt komende maand groots gevierd. Voor Tübke’s opdrachtgevers rest precies twintig jaar na dato één troost. Want ook met de overwinning van de heren op de boeren is het panorama, en daarmee de geschiedenis, niet ten einde, legt de museumgids uit met slepende stem. Daar ontkomt de nieuwe, Berlijnse republiek evenmin aan. 'Wat boven is, blijft niet boven’, roept hij zijn grijzende publiek toe met gevoel voor drama. 'Wat onder niet onder.’