Wk

‘Tonny is bij onze microfoon.’ LE:

‘Tonny, dat ging niet zo lekker, hè?’ 'Nou, het ging best lekker. Gisteren dacht ik nog, dat gaat niet lekker maar vandaag ging het weer lekker, vannacht goed geslapen, goed gemasseerd, lekker geslapen en vanmorgen waren m'n benen weer okee, dat voelde ik bij de start al.’ 'Maar je viel na drie meter…’ 'Maar dat was niet erg, omdat ik me verder okee voelde. Voor mij was dit kampioenschap geslaagd als ik bij de eerste zesenzeventig zou eindigen, en dat is gelukt dus eeeeehhh…’ 'Daar is Annamarie. Annamarie! Annamarie! Annamarie, kun je even komen?’ 'Hihi haha, tisser?’ 'Annamarie, je, hoe zal ik het zeggen, je straalt helemaal.’ 'O ja, straal ik? Sorry hoor.’ 'Vertel es over je race? Ging het lekker?’ 'Nou ja god eh, ik had dus iets van laat maar, ik zie het wel. Ik had helemaal geen zin meer gisteren. Na die race, die ging niet lekker. Toen zat ik wel in mijn vel maar niet echt lekker in mijn vel zat ik. Maar na die opening zag ik mijn rondetijd en toen dacht ik: toing! Dat kan niet! Maar het kon wel. Toen dacht ik: nou kan het me potverdriedubbeltjes niks meer schelen ook niet en toen ben ik gewoon gaan rijden. Lekker rijden.’ 'En, lekker gereden?’ 'Ontzettend lekker, hihi haha. Bij mijn tweede doorkomst dacht ik: toing! Dat kan niet! Maar het kon wel. En toen ben ik gaan versnellen.’ 'Ja, je kon nog versnellen, hoe was dat mogelijk?’ 'Dat kwam door mijn derde doorkomst, toen dacht ik: toing! Dat kan niet! Maar het kon wel. En dat was de laatste doorkomst, dus toen was ik aan de finish. Lekker gefinisht.’ 'Hoe kijk je terug op dit kampioenschap? Lekker?’ 'Ja, lekker kampioenschap.’ 'Daar is Rintje. Rintje, hoe voel je je?’ 'Moe.’ 'Maar lekker?’ 'Mwah, niet zo lekker. Volle benen.’ 'Volle benen?’ 'Volle benen. Jongen, na mijn eerste doorkomst dacht ik: toing! Dat kan niet! Maar na een rondje kwam ik mezelf tegen. Tjonge wat kwam ik mezelf tegen! Mijn benen liepen helemaal vol. En ik begon te verzuren, jongen. Ik verzuurde waar je bijstond. Was niet zo lekker.’ 'Maar was je niet goed…’ 'Niet goed in gesprek gegaan met het ijs, bedoel je?’ 'Ja, was je niet in gesprek gegaan met het ijs, zoals Henk altijd zegt?’ 'Jawel, ik ging meteen na de start in gesprek met het ijs. Maar dat was klote.’ 'Waarom?’ 'Nou, dat ijs zei niets terug. En daar heb ik een pesthekel aan. Was dus niet zo lekker.’