Mijn afscheidscollege noemde ik De eeuw van mijn moeder – reactie op Geert Mak. Eric de Vroedt, artistiek leider en regisseur van Het Nationale Theater, geeft zijn nieuwste voorstelling dezelfde titel. Met meer recht van spreken, omdat hun beider ‘geschiedenissen’ verbonden zijn met ‘Nederlands-Indië’, zij het dat een ‘oer-Hollandse dominee in De Oost’ iets heel anders is dan een ‘Indisch meisje’. Kwam mijn moeder in 1924 als zestienjarige aan vanuit straatarm Weimar, om dienstmeisje te worden; De Vroedts moeder arriveerde als achtjarige in 1948 te midden van ontelbare lotgenoten (‘ik zat in een massadeportatie’, beseft ze in de voorstelling). Door omstandigheden gedwongen migratie, allebei, maar de dwang, de grote schaal en de collectieve tragiek van ontworteling en sociale val (van ‘bevoorrecht’ ten opzichte van Indonesiërs tot ongewenst en gediscrimineerd hier) maken De Vroedts verhaal schrijnender en universeler. Terwijl de kracht juist in het hyperpersoonlijke ligt.

Nog een overeenkomst tussen onze beide moeders, die in het bredere migratieverhaal meer uitzondering dan regel is: zoals De Vroedts moeder haar Indische identiteit verdringt (Europese Cultuur boven alles), zo wist mijn moeder meteen dat ze nooit meer terug wilde naar haar autoritaire vaderland. Ze werd zo Hollands als maar kon en leerde me Duits woord noch liedje. De beloning was dat ze onverdacht de bevrijding mee kon vieren. Er moet emotioneel een prijs betaald zijn, maar die valt in het niet bij de prijs van zelfverloochening die veel Indische Nederlanders betaalden. En betalen. Want de pijn in De Vroedts Eeuw is niet alleen die van zijn moeder en haar kinderen, maar in mindere tot extreme mate die van Indische Nederlanders.

In de mooie documentaire die Ditteke Mensink maakte over De Vroedt tijdens schrijven en repeteren van de voorstelling blijkt tot grote verbazing van de grotendeels Indische cast, dat Bram Coopmans, die De Vroedt zelf speelt, een Indische opa had. ‘Niets van te zien’ in zijn geval. Dan komt een cijfer op tafel: 1,2 miljoen Nederlanders met ‘Indisch bloed’. Definitie valt niet te geven, want dat is juist kenmerk van ‘Indisch’. Oftewel: ‘het is een zootje’, zoals geweldige hoofdrolspeelster Esther Scheldwacht zegt.

Moeder De Vroedt was quite a character, de relatie met haar kinderen complex. Het schrijven en regisseren van de voorstelling komt voort uit diepe noodzaak. Is zowel afrekening als schuldbekentenis; is poging de dood ongedaan te maken en liefdesverklaring; poging alles wat nooit uitgesproken werd (en dat is bijna alles) toch te (laten) zeggen – wat het tot theater maakt. Bikkelhard, maar vol compassie. En vol verlangen naar liefde van haar kant die zelden geuit werd. Al lag die misschien in woedende brieven die ze aan recensenten kon schrijven na negatieve recensies over zoons werk. Lof voor de ntr vanwege de documentaire. Lof voor avrotros die de voorstelling prachtig registreerde. Unieke kans beide te zien. Mis dat niet!

Ditteke Mensink, Eric de Vroedt: Terwijl het liefde was, NTR, Het uur van de wolf, NPO 2, 11 augustus, 22.55 uur. Marc de Cloe (toneelregistratie), De eeuw van mijn moeder, AVROTROS, 6, 13, 20 augustus, NPO 2, 22.10 uur