Stemmen in een verdeeld Rotterdam #5: wonen

Wonen is politiek

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen in Rotterdam, waar zowel alle landelijke politieke partijen als vele nieuwkomers aan deelnemen, bloggen Guido van Eijck en Saskia Naafs over de belangrijkste verkiezingsthema’s in de Maasstad. In aflevering 5: wonen is politiek.

“Minder, minder, minder!” klinkt het al jaren in Rotterdam. Al gaat het dan niet over bepaalde bevolkingsgroepen, maar over goedkope woningen. Waar steden als Utrecht en Amsterdam zich alweer afvragen hoe ze hun betaalbare woningvoorraad kunnen behouden, wil Rotterdam er juist van af.

Wijken vol relatief arme, laagopgeleide mensen moeten ‘in balans’ komen. De stad heeft meer op met “bakfietswijken”, nieuwbouw voor hoogopgeleiden en sloop van sociale huurwoningen.

Al sinds Pim Fortuyn opriep om de middenklasse terug de Rotterdamse binnenstad in te krijgen, is dat het beleid. Rotterdam is de stad van de gemeente-gestuurde gentrificatie van voormalig wethouder Hamit Karakus (PvdA). Maar ook de stad van de Rotterdamwet van Marco Pastors (Leefbaar) die armen uit bepaalde wijken weert. De stad van de “bakfietswijken” en de “droomstraten” voor ‘draagkrachtige gezinnen’, maar ook van de Woonvisie van Ronald Schneider (Leefbaar), met onder meer het plan om 20 duizend goedkope woningen te slopen.

Er valt op 21 maart dus wat te kiezen: huizen voor een paar honderd euro in de maand versus chique lofts? Een stad waar de overheid de stad voor iedereen toegankelijk helpt te houden, of juist niet? Wonen is politiek.

Baltimore aan de Maas

Dat bleek wel tijdens het debat voor jongeren tot 35 jaar in de Arminiuskerk afgelopen week. VVD-er Dieke van Groningen waarschuwde er voor een “Baltimore aan de Maas” en analyseerde: “het probleem is ten diepste dat de sociaaleconomische middenklasse Rotterdam heeft verlaten.” In wijken als Crooswijk heeft de middenstand daar volgens haar zwaar onder geleden.

Het VVD-verkiezingsmantra vatte ze samen als: “bouwen, bouwen, bouwen”. Er zou veel meer gebouwd moeten worden dan de afgelopen jaren het geval was, “juist voor die middenlaag, juist voor de kapitaalkrachtigen, de sterke schouders”.

Want, hoger opgeleiden zijn goed voor de economie. Dat werd ook tijdens de presentatie van de Economische Verkenning Rotterdam afgelopen maand weer gezegd. Zij zouden de redders zijn van de middenstand, van slechte scholen, slechte wijken, en van de cultuursector. Ze creëren banen en consumeren de stad naar een hoger plan.

Het ging in de Arminiuskerk ook over de Rotterdamwet, volgens de VVD erg effectief omdat de gemeente nu huisjesmelkers kan uitzetten en hogere inkomens hun intrek nemen in vrijgekomen woningen in slechte wijken. Leefbaar Rotterdam hoefde alleen maar in te koppen en voegde meteen toe de wet te willen uitbreiden. (Bij wijze van fact check: recent onderzoek wijst uit dat wijken door de Rotterdamwet juist niet verbeterden.)

Segregatie

Linkse partijen waarschuwden juist voor segregatie, voor arm en rijk die gescheiden van elkaar leven. De PvdA wil ook meer “sterke schouders”, maar vindt dat dit niet ten koste hoeft te gaan van lagere inkomens omdat de stad genoeg plek heeft om te bouwen. Maar aan vaste percentages sociale huur bij nieuwbouw wil de partij niet. “Te rigide, je moet juist flexibel om kunnen springen met vraag en aanbod”, verduidelijkte Dennis Tak na het debat.

De PvdA is de partij van én-én. Ze schippert tussen het pleasen van koopkrachtige hoogopgeleiden en hun achterban in goedkope woningen. Als ouderwetse woonpartij hebben de sociaaldemocraten het in Rotterdam, net als in de landelijke politiek, moeilijk. Het is de partij die woningcorporaties de vennootschapsbelasting oplegde en die de verhuurdersheffing mogelijk maakte. Beiden beperken de investeringen van sociale verhuurders. Toch wil de Rotterdamse PvdA met “corporaties in gesprek om meer eengezinswoningen te bouwen voor gewone gezinnen met kinderen”, aldus het verkiezingsprogramma.

Eilanden voor de rijken

Was het Rotterdamse woonbeleid jarenlang een-tweetje tussen Leefbaar en de PvdA, nu trekt de SP het thema stevig naar zich toe. In de Arminiuskerk bekritiseerde SP-er Taylan Cicek de bouwplannen van de VVD omdat er volgens zijn partij ook voor lagere inkomens gebouwd moet worden. 710 euro, de maximale sociale huur, is voor veel mensen een derde van hun inkomen, wist Cicek. “Hou het betaalbaar, en ga geen nieuwe eilanden voor de rijken creëren, zoals Feyenoord City.”

Op de PvdA reageerde hij met: “Het mengen van wijken is ook een illusie. Mensen leven langs elkaar heen. Bovendien zijn gemengde wijken vaak een excuus om duurdere woningen in slechte wijken te bouwen, en nooit andersom.”

De uitdager van het woonbeleid van Leefbaar is dus de SP. Deze partij nam eind 2016 al een voorsprong op de verkiezingsstrijd door een referendum te regelen tegen de Woonvisie. Het referendum had een te lage opkomst, maar de SP heeft het afschaffen van zowel de Woonvisie als de Rotterdamwet nu in zijn verkiezingsprogramma staan.

“Alle huizen duur”

Wie weet kunnen ze hiermee kiezers bij Leefbaar wegsnoepen, een partij met een achterban waarvan een groot deel in goedkope huizen woont. Leefbaar kreeg eerder al stevige kritiek op hun sloopplannen. “Alle huizen duur maken en huurhuizen slopen en dure panden terug zetten. Welke idioot heb dit verpauperde plan bedacht?!” staat nog steeds op hun Facebook-pagina te lezen.

Hun verbond met Forum voor Democratie zal het imago van ‘slopers voor de armen, bouwers voor de rijken’ niet verhelpen. FvD-er Annabel Nanninga, die twee weken geleden nog een bezoek bracht aan Rotterdam, stelde in het tv-programma Businessclass onomwonden dat het van de zotte was dat minima op een gereduceerd tarief op de duurste grond van Nederland mogen wonen.

Stemmen over de sloopkogel

De SP heeft het tij nu mee, meer nog dan ten tijde van het woonreferendum. Huren zijn fors gestegen en sociale huurwoningen verdwenen. Ook de Rotterdamse koopmarkt is op hol geslagen. Met tientallen tegelijk een appartementje bezichtigen, stelselmatig overbieden, en alsmaar stijgende prijzen; het zijn geen uitzonderingen meer. De gemiddelde huizenprijs in Rotterdam is gelijkgetrokken met het Nederlandse gemiddelde.

En de wijk waar de VVD aan refereerde, de voormalige volksbuurt Crooswijk, daar hoeven nieuwe middenstanders als koffiezaak CROOS niet te klagen over een koopkrachtig publiek. Inmiddels heten appartementen hier turn-key lofts en gaan ze voor dik drie ton van de hand.

Zo staat het Rotterdamse woonbeleid opnieuw ter discussie en wordt de sloopkogel nogmaals onderdeel van politieke strijd. Op 21 maart wordt – onder andere - beslist of het nog vier jaar “sterke schouders” en sloopkogel wordt, of dat er een nieuwe woonwind door Rotterdam gaat waaien.

Dit artikel verscheen eerder op Vers Beton, de website voor de harddenkende Rotterdammer en bron voor al het Rotterdamse verkiezingsnieuws. Deze publicatie kwam tot stand met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.