Sally Rooney in Ierland, 23 augustus. De schrijfster weet haar generatie als geen ander te vangen © Linda Brownlee / Guardian / eyevine / ANP

Hoe kun je het voor jezelf rechtvaardigen dat je je in een tijd die gebukt gaat onder gigantische crises, waar je je zelf ook grote zorgen over maakt, vooral overgeeft aan geworstel met relaties en seks? Dit is de existentiële vraag waar de personages in Sally Rooneys nieuwe roman Beautiful World, Where Are You door worden geplaagd. Ze zijn rond de dertig, Rooneys protagonisten, en toch hebben ze het gevoel dat hun leven nog voorlopig is, dat niets nog definitief is en geen enkele deur definitief gesloten is. Ze zijn nog niet getrouwd, hebben geen gezin en geen eigen huis. Het zijn typische representanten van de westerse generatie die is geboren in de jaren negentig, in een tijd van grote economische welvaart, en die nu, als jonge volwassenen, leven in een wereld waar alles op instorten lijkt te staan. Er is sprake van grote ongelijkheid, in de op hol geslagen huizenmarkt is het vrijwel onmogelijk een eigen appartement te bemachtigen, op de arbeidsmarkt biedt opleiding geen houvast en dan is er ook nog de klimaatcrisis, die het toekomstige leven op aarde bedreigt.

Prachtigewereld, waar ben je? gaat over de hartsvriendinnen Alice en Eileen, die elkaar tijdens hun eerste studiejaar hebben leren kennen. Ze komen beiden uit een familie waarin studeren niet vanzelfsprekend was – Eileen groeide op een boerderij op; de vader van Alice was een automonteur met een drankprobleem. Eileen is nu redactieassistent van een literair tijdschrift, een prestigieus baantje met een lullig salaris, waardoor ze zich in Dublin slechts een kamer in onderhuur kan veroorloven. Alice heeft twee succesvolle romans geschreven, heeft een zenuwinzinking en opname in een psychiatrische kliniek achter de rug en is ingetrokken in een groot huis aan de kust. Allebei zijn ze verwikkeld in onduidelijke liefdesrelaties. Alice heeft via een dating-app Felix leren kennen, die zwaar lichamelijk werk in een magazijn heeft. Eileen is verliefd op politiek adviseur Simon, die ze van kinds af aan kent, maar met wie ze van oudsher een vriendschap heeft, en ze twijfelt of ze die op het spel moet zetten. Beide relaties worden getekend door afstand en nabijheid, aantrekken en afstoten en het onvermogen tot overgave. Het is niet zo eenvoudig de voorlopigheid op te heffen.

Sally Rooney voert in Prachtige wereld, waar ben je?, net als in haar voorgaande romans Gesprekken met vrienden en Normale mensen, personages op die haar leeftijd hebben; ze is nu zelf dertig. Ze weet de generatie waar ze zelf ook toe behoort, net als in haar eerdere romans, als geen ander te vangen. Dat doet ze in haar nieuwste boek op een literair geraffineerde manier: objectiverende hoofdstukken vanuit het perspectief van een alwetende verteller wisselt ze af met een e-mailcorrespondentie tussen Alice in Eileen, waarin het intieme en ideologische soepel in elkaar overlopen. Het zijn overtuigende mails, die heen en weer slingeren tussen ontboezemingen over hun liefdesleven en reflecties over klasse, economische ongelijkheid, schoonheid en de ondergang van een beschaving in de Bronstijd – ‘Ik heb de laatste tijd veel nagedacht over rechtse politiek (wie niet)’. Ze gaan ook expliciet over literatuur, waardoor de vraag over de verhouding tussen de grote wereldproblemen en de kleine privé-besognes zich ook anders laat stellen.

Wat is de kracht van de roman, op een planeet die op haar ondergang afkoerst?

Hoe kun je het voor jezelf rechtvaardigen dat je je in een tijd die gebukt gaat onder gigantische crises, waar je je zelf ook grote zorgen over maakt, wijdt aan verzonnen mensen die verzonnen liefdesrelaties met elkaar hebben? Of anders geformuleerd: wat is de kracht van de roman, een van oorsprong burgerlijk genre waarin het veelal gaat om middenklasselevens en -liefdes, op een planeet die op haar ondergang afkoerst?

Het is vooral schrijfster Alice die in de mails over literatuur schrijft, aanvankelijk in triviale zin. De eigentijdse roman kan ze niet meer lezen nu ze op literaire festivals kennis heeft gemaakt met andere auteurs, die bij een glas rode wijn klagen over ‘de saaiste dingen die er zijn’: gebrek aan publiciteit, slechte recensies en collega’s die meer verdienen dan zij. ‘En dan gaan ze naar huis om hun gevoelige, kleine romans over het “normale leven” te schrijven. Maar in feite weten ze niets over het normale leven. De meesten hebben de normale wereld al decennialang zelfs niet uit de verte gezien. Die zitten al sinds 1983 aan tafeltjes met witlinnen tafellakens over slechte recensies te zeuren.’ Ze moet er, schrijft ze even later, ‘letterlijk van kotsen’, om daaraan toe te voegen dat haar eigen werk in dat opzicht het ergste is van allemaal. Ze denkt niet dat ze ooit nog een roman zal schrijven.

Dit laat zich lezen als ironie, want deze zinnen staan per slot van rekening in de derde roman van Sally Rooney, met wie Alice met haar twee bestsellers oppervlakkig gezien veel gemeen heeft. Eileen mailt haar ook nog eens scherp dat haar ‘verschrikkelijke leven’ in feite ‘een voorrecht’ is: ze heeft zelf veel weg van zo’n klagende auteur. Maar het is meer dan ironie, het is de serieuze inzet van Prachtige wereld, waar ben je?: wat vermag literatuur in deze tijd? Volgens Eileen is het probleem van de moderne roman het probleem van het moderne leven, waarin we energie blijven investeren in ‘zoiets triviaals als seks en vriendschap terwijl de menselijke beschaving op instorten staat’. Maar, schrijft ze vergoelijkend, op hun sterfbed beginnen mensen toch ook altijd over hun geliefden? Met de dood maakt ieder van ons een ‘eenpersoonsapocalyps’ door en in die zin bestaat er niets groters dan de mensen van wie we houden.

Alice gaat in latere mails nog dieper in op de kracht van grote romans: die vragen een invoelende betrokkenheid om ons in te leven in complexe, fictieve personages, waardoor we iets van de diepe complexiteit van het menselijk tekort kunnen begrijpen. Ze brengt de empathie die het lezen van romans vereist zelfs in verband met hoe het leven en sterven van Jezus ons de noodzaak van naastenliefde laat zien. ‘Dus als we van fictieve personages houden terwijl we weten dat ze onze liefde nooit kunnen beantwoorden, brengen we dan niet in het klein de belangeloze liefde in praktijk waartoe Jezus ons oproept?’ Het zijn grote woorden, die Alice een paar alinea’s verder nuanceert, omdat schrijven van fictie ook een liefdesrelatie met alleen jezelf is: je hebt de touwtjes als schrijver tenslotte zelf in de hand.

Prachtige wereld, waar ben je? is een rijke, intelligente roman, Rooneys beste tot nog toe, waarin ze de lezer vraagt zich over te geven. Dat dat niet makkelijk is, lees je af aan haar complexe personages, die in hun vriendschappen en liefdesrelaties worstelen met overgave, en het opgeven van de voorlopigheid.