Wroeten in Noord-Ierse wonden

Londen – Van alle terreurdaden die de ira heeft gepleegd waren de zogeheten Hyde Park-aanslagen niet de bloedigste, maar wel de meest aangrijpende. Op weg naar de Wisseling van de Wacht op Horse Guards Parade werden op 20 juli 1982 vier leden van de Household Cavalry door een autobom gedood. 23 anderen raakten gewond. De beelden van de dode, door spijkers doorzeefde paarden zorgden voor extra treurnis.

Ruim drie decennia later zijn de wonden geopend nadat een van de daders van de aanslag, de 62-jarige Jack Downey, als een vrij man en ondeugend kijkend de Londense rechtbank verliet. Er klonk gejuich in het Ierse graafschap Donegal, maar in Engeland was de verontwaardiging groot over de vormfout die de rechter had genoopt het proces voortijdig te beëindigen.

Op 20 juli 2007 had Downey van de Noord-Ierse politie een brief ontvangen met de mededeling dat hij niet meer gezocht werd. Per vergissing. De Britse politie, zo bleek later, zocht hem nog steeds. Deze zaak bracht een geheim deel van de Goede-Vrijdagakkoorden aan het licht. Tony Blair bleek Sinn Fein, de politieke vleugel van de ira, niet alleen te hebben beloofd ira-gevangenen vrij te laten, maar ook amnestie te verlenen aan voortvluchtige terroristen.

Sinds het vredesakkoord van 1998 zijn zo’n 190 van deze ‘comfort letters’ de deur uit gegaan, exclusief naar leden van het verboden Republikeinse Leger. De laatste werd ruim een jaar geleden nog verstuurd, onder auspiciën van de Conservatieve minister voor Noord-Ierland. Direct na het klappen van de Downey-zaak dreigde Peter Robinson, de Noord-Ierse eerste minister, op te stappen. Een beetje onwaarachtig, omdat hij heimelijk van de geheime clausule moet hebben geweten.

Om de zaak te sussen beloofde premier Cameron een onderzoek in te stellen, geleid door een rechter die zal concluderen dat er fouten zijn gemaakt die niet meer kunnen worden hersteld. Het alsnog oppakken van ira-leden zal de fragiele vrede verstoren. Immers, de amnestie was de pijnlijke prijs die moest worden betaald. Dat is altijd de redenering geweest van Blair, die indertijd ‘de hand van de geschiedenis’ op zijn schouder voelde.

Onderwijl zijn er in de straten van Belfast borden opgehangen om ooggetuigen van Bloody Sunday op te sporen, de zondag in 1972 waarop dertien demonstranten in Londonderry werden doodgeschoten door Britse paramilitairen. Na een twaalf jaar durend onderzoek was geconcludeerd dat het militaire optreden totaal fout was en de Britse autoriteiten lijken vastbesloten om de schuldige leden van het parachuteregiment, die inmiddels bejaard zijn, te vervolgen. Volgens veel Engelsen lijkt er nu één wet voor de ira te zijn en een andere voor Britse militairen.