Zaadkneuzers caracoleren

Het zijn natuurlijk volslagen idiote boeken: boeken over dieren. Jonathan Livingstone Seagull, Bambi en het oeuvre van Koolhaas - laat maar. Literatuur rendeert het beste met mensen. Dieren horen in tekenfilms en in sprookjes. Fabels van Aesopus, okee, die zijn leuk, maar toen waren er nog geen dierenverhalen dus toen kon het nog.

Het is natuurlijk volslagen idioot om een boek te schrijven over mieren. Mieren? Ja, mieren. Bernard Werber (1960) heeft een boek geschreven over mieren. Werber is wetenschappelijk onderzoeker. Logisch, anders schrijf je geen boek over mieren. Hij heeft in de republiek Ivoorkust onderzoek gedaan naar Afrikaanse mieren. Tot zo ver niks aan de hand.
Bernard Werber schreef een boek over zijn onderzoek. Sterker nog: hij schreef een ongelooflijk meeslepend en spannend boek over zijn onderzoeksobject. In 1990 dong Werber mee naar de prijs voor de beste journalist van Frankrijk en De mieren werd in 1991 bekroond met de Grand Prix des Lecteurs de Science et Avenir. Iedereen weet dat dat niet mis is.
‘Seks, dood, opoffering, koele berekening, extase: niets wat de mensen beweegt ontbreekt in de wereld van de rode mier’, schreef een krant als reactie op De mieren. Inderdaad: spannender lees je het zelden. 'Terwijl u deze zin leest worden er zevenhonderd miljoen mieren geboren’! Aargh!
Maar mieren zijn helemaal niet eng. Mieren zijn leuk. Mieren zijn fascinerend.
'Om 11.47 uur wordt de strijd hervat. Een lange, compacte linie dwergsoldates bestormt langzaam de Klaprozenheuvel. Tussen de bloemen verschijnen de tanks. Op een teken rollen ze de helling af. De legioenen roden en hun huurlinges caracoleren op de flanken, klaar om het werk van de mastodonten af te maken.
De twee legers zijn nog slechts honderd koppen van elkaar verwijderd… Vijftig… Twintig… Tien! Nauwelijks heeft de eerste zaadkneuzer contact gemaakt, of er gebeurt iets volkomen onverwachts. In de dichte linie Shigaepiaansen openen zich plotsklaps brede paden. De soldates vormen carrés.’
Oef.
Wie na De mieren nog achteloos een mier, of enkele mieren, doodtrapt, zal zich de rest van zijn leven schuldig voelen. Omdat hij zo'n complex schepsel van het werkzame en nuttige leven heeft beroofd.
'Een scherpe damp verspreidt zich: Hak ze de poten af!’